Knorhuspot

Wat eten we? Hutspot? En iedereen weet er op tafel komt. Zoniet uw voorouders...

'Spaansche huspot: men snijdt een kalfsschijf aan dunnen sneedjes, ter plaatze waar geene peezen zijn; lardeer de sneedjes met spek, en zet dezelven in een toegedekte taartepan te koken; laat ze wijders in wat vleeschnat meuken: voort doet men er een gebonden saus over.'

Zo staat het in Geheel nieuw en volkomen Handboek voor minërvaren koks, keukenmeiden en jong gehuwde vrouwen (2e druk, 1821). Daarin ook 'Smakelijke knorhuspot: een runderschinkel aan ronde stukken gehakt, anderhalven vinger dik, en de mergpijp aan tweeën geslagen, doet men in een' aarden pot, met twee glazen rhijnschen of moezelwijn, een glas wijnazijn, vier glazen water, wat peper, kruidnagelen, notenmuskaat en zout naar evenredigheid; als mede een geheele geschilde citroen aan schijven gesneden, vijf of zes uijentjes, een stuiver gereven wittebrood en drie of vier laurierbladen: den pot, rondsom het deksel met deeg toegestopt hebbende, zet men denzelven 's avonds op een zacht vuur, met wat vuur er op; des anderen daags stooft men 't, het vet er afnemende.'

En dan volgen nog Huspot van kalfsvleesch, Wilde huspot, huspot van ossenvleesch en huspot van geele wortelen, die een beetje op onze hutspot begint te lijken: 'De wortelen, naar gewoonte, in water gaargekookt zijnde, maakt men eene saus van 't nat dat er afkomt, met boter, meel, en veertien à vijftien gesnedene uijens die alvorens in boter gefruit zijn; de saus geroerd zijnde tot zij genoegzaam gebonden is, doet men haar bij de wortelen, en laat het zamen wat stoven: men kan er ook stukjes gaar pekelvleesch onder doen; eenige stoven er mede bijna gaargekookte aardappelen onder.'

Uit Nieuw Burger-keukenboek (2e druk, 1828) Hutspot: 'Men laat daartoe vierkante stukjes rundvleesch hakken, die men een paar dagen in het zout laat staan. Als men ze gebruiken wil, wascht men dezelve af en kookt ze, doch wel op het schuimen passende. Bijna gaar zijnde, doet men peen of wortelen, met uijen of prei, mede in den ketel; naar verkiezing kan men ook de aardappelen daarbij koken; als de laatste gaar zijn, discht men op.'

Rijntje Biljardt, de door veeljarige ondervinding geleerde keukenmeid (2e druk, zonder jaartal, de eerste druk verscheen in 1840) maakt 'Smakelijke hutspot' met ossenvlees: 'Hiertoe neemt men het vleesch van den schenkel of klapribben, waar men de beenderen uit doet, dan snijdt men het vleesch aan dobbelsteenen, leg die in eene pan, met een stuivers wittebrood aan stukken gesneden, vervolgens doet men op een goed pond vleesch een glas water, het sap van twee citroenen, wat wijnazijn, rijnwijn, vijf of vijf laurierbladen, vier of vijf uijen en kruidnagelen, dekt dan den pot of de pan digt met een deeg van grof meel, zet het zoo des avonds te voren op het vuur, den volgenden morgen doet men er weder vuur onder, tot men het voordient.'

Vrouwe H. Dólleman-Thiery de Bye, auteur van Heemsteê's Kookboek (1914) maakt Iersche hutspot: 'Witte boontjes, goed gaar gekookt en droog afgegoten, worden vermengd met een paar fijn gesneden tomaten zonder pitten. Tesamen wordt dit met vierkantje stukjes spek gestoofd in een schoteltje.' Hutspot?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden