Knokken voor de natuur

De natuur ligt onder vuur. ‘Het ongenoegen sluimerde al langer’, zegt Jan Jaap de Graeff, directeur van Natuurmonumenten...

Emotie, emotie. Er komt zoveel emotie bij.’ Aan die emoties moest Jan Jaap de Graeff (59) ‘ontzettend wennen’ toen hij vijf jaar geleden directeur werd van Natuurmonumenten. Die nette, wat bedaagde club bleek ook het oog van een orkaan.

Soms gaat het erg ver, heeft hij ervaren. ‘Bij de benoeming van oud-minister Veerman tot voorzitter kreeg ik woedende brieven. Vanwege het landbouwverleden van Veerman. ‘Zijn zwarte verleden’, zo heette dat. ‘Elke kogel is afgeschoten door Veerman zelf’, stond er in een brief. Later, bij de discussie over gasboringen in de waddenzee, sloegen de golven hoog op. Iemand van de Waddenvereniging werd uitgemaakt voor verrader.’

Afgelopen zomer, toen Natuurmonumenten ganzen liet vergassen die op Texel schade aanrichtten aan landbouwgewassen en in natuurgebied, kreeg De Graeff brieven waarin hij en zijn mensen werden uitgemaakt voor ‘moordenaars’.

Op de site van Stichting De Faunabescherming werd gesproken van het ‘Vernichtungslager’ (vernietigingskamp) voor ganzen. Texelse medewerkers van Natuurmonumenten werden met auto’s klemgereden en bespuwd. Op de site van De Faunabescherming verschenen hun foto’s. En er werd brand gesticht bij het bedrijf in Lelystad dat de vergassingen uitvoerde.

De Graeff: ‘Heel schokkend. Ik bedoel: je mag luidkeels roepen dat je het niet met ons eens bent, maar hier was sprake van agressie en intimidatie.’

Het ingewikkelde is, vindt De Graeff, dat emoties ‘onvoorspelbaar’ zijn. ‘Ineens is het: boem! Een explosie. En ineens houdt het weer op. Bijna direct na die toestand met die ganzen gingen wij iets vertellen over de zwijnenafschot op de Veluwe. Ik had me voorbereid op weerstand, nog meer emotionele toestanden. Want het ging over biggetjes die afgeschoten gingen worden, in het bijzijn van hun moeder.

‘Ik zag de bui al hangen. Het verhaal: waar is Natuurmonumenten mee bezig; eerst de ganzen, nu de biggetjes... Maar het bleef stil. Er gebeurde helemaal niets. Dat begrijp ik nog steeds niet.’

Hij heeft zich afgevraagd waar die heftigheid vandaan kwam. ‘Mensen staan ambivalent tegenover de natuur, misschien komt het daardoor. We voelen ons met de natuur verbonden, tegelijkertijd zijn we er bang voor. Die onzekerheid roept tegenstrijdige gevoelens op.’

De Graeff kwam uit de relatieve luwte. Hij was dijkgraaf bij het waterschap.

‘Een dijk is een dijk, daar komt weinig emotie bij kijken. Maar als je vraagt: wat is natuur, dan geven tien verschillende mensen tien verschillende antwoorden. En daarna krijgen ze ruzie. Als je vervolgens vraagt: wat willen we met die natuur, dan krijg je honderd verschillende antwoorden.’

Bij Natuurmonumenten zijn al die verschillende meningen vertegenwoordigd, merkte De Graeff. En dan is Natuurmonumenten ook nog eens een vereniging. ‘Ik kan niet zomaar zeggen: we gaan naar rechts of links. Nee, elk besluit is hier het begin van een discussie.’

Maar, zo merkte hij ook: ‘Echte ruzie is bij onze achterban een zeldzaamheid. En de democratie functioneert, hoe gebrekkig ook. Het is dodelijk vermoeiend en fascinerend tegelijk.’

En nu, de laatste maanden, liggen natuur- en milieubeschermers onder vuur bij ‘de andere hoek’, bij boeren, particuliere landeigenaren, het CDA en de VVD. Ja, de affaire-Duyvendak was de ‘katalysator’, maar het ongenoegen sluimerde al langer, geeft De Graeff toe.

‘De boeren deden al van zich spreken. Met de stijging van de voedselprijzen daalde het animo om grond af te staan voor natuur. Sinds de affaire-Duyvendak gaan alle remmen los. Ook nu gaat het weer heel emotioneel en weinig zakelijk. De VVD, mijn eigen partij, valt me ontzettend tegen. Ik heb het idee dat de partij in troebel water aan het vissen is. Van het liberale gedachtengoed lijkt weinig over.’

De slogan: de groene leugen!, een uitvinding van mosselvissers, wint aan populariteit. Hoe komt dat, denkt u?
‘Er is in de laatste tien, twintig jaar veel milieu- en natuurbeleid gemaakt. Nu wordt dat beleid uitgevoerd. Dat doet pijn. De ecologische hoofdstructuur, het geplande netwerk van natuurgebieden, moet in 2018 klaar zijn. We liggen achter op schema.’

Boeren moeten weg, net nu het beter gaat met de landbouw. Uitstekende landbouwgrond wordt voor veel geld omgezet in natuur.
‘Het gaat om een heel klein gedeelte van de landbouwgrond. En boeren krijgen er elders grond voor terug. Maar goed, het is zichtbaar en het doet soms pijn. Aan de andere kant: voor de agrarische sector was de natuur jarenlang welkom als mensen niet verder wilden boeren.’

De gemoederen lopen hoog op. Kamerleden lopen tegen u te hoop, De Telegraaf kopt: Nederland wordt een groot staatsbos. De natuurclubs roepen blijkbaar veel irritatie op.
‘Het is ook heel onoverzichtelijk geworden. De EHS, Natura 2000, al die afkortingen, al dat beleid, de regels en de samenhang daartussen. Bijna niemand snapt het nog. Mensen krijgen de neiging om te roepen: weg ermee!

‘En er is nog iets: ik denk dat de natuur- en milieubeweging niet altijd maat houdt in het procederen tegen beslissingen. De procedure van Milieudefensie tegen de verbreding van de A4 bij Leiderdorp is een voorbeeld. Iedereen vond dat dat knelpunt moest worden opgelost, toch ging Milieudefensie procederen. Dan verlies je vooral goodwill.’

De gemeente Amsterdam moest voor 25 miljoen euro een mosselbank aanleggen in het Markermeer-IJmeer. Voor de eenden, als compensatie voor de aanleg van IJburg 2. Onzin, zeggen kenners.
‘Ik was laatst bij IJburg 2. In het park, aan de andere kant van de Diemerzeedijk, barst het van de beschermde rugstreeppadden. Op de toegangswegen naar het bouwterrein lagen betonblokken, om te voorkomen dat die pad het terrein opkwam. Dat zou het project meteen stilleggen. Ja, dan zijn we dus de weg kwijt.

‘De regels zijn bedacht met de beste bedoelingen; we hebben een aantal bedreigde soorten en die gaan we beschermen. Maar vervolgens heeft iemand bedacht dat je met die beesten van alles en nog wat tegen kunt houden.

‘Fameus voorbeeld: de korenwolf die de aanleg van een bedrijventerrein heeft gestopt. En de zeggekorfslak die is ingezet tegen de A73. En de rugstreeppad, die bouwprojecten vertraagt. Uiteindelijk keert de publieke opinie zich dan tegen je.

‘Ik vind: je moet niet het hele natuurbeleid ophangen aan soorten. Af en toe verdwijnt er nu eenmaal ergens een grutto. Dat moet je accepteren, als-ie elders dan maar kan overleven. Aan de andere kant: wat mensen inspireert in de natuur zijn vaak diezelfde grutto of korenwolf. Ze denken: verrek, dat is een mooi beestje. En terecht. Er komt nu een vereenvoudiging van de flora- en faunawet.’

Het lukt u ogenschijnlijk niet om de grootse natuurplannen voor het voetlicht te krijgen van het grote publiek.
‘We moeten terug naar de vraag: waarom ging het ook alweer? Om de passie voor de natuur dus. Het gaat over de heide, de vennen, het bos, de duinen, zoals onze oprichter Jac. P. Thijsse het uitdroeg.

‘Ecologische Hoofdstructuur is een vreselijk woord, maar het is een prachtig project om in ons overvolle land rust en ruimte te scheppen voor mensen, dieren en planten. Dat doet je door natuurgebieden op een aantal plaatsen groter te maken en met elkaar te verbinden. Zo voorkom je dat dieren en planten uitsterven.

‘We zijn inderdaad veel te technisch gaan praten over natuur. En er is sprake van verhullend taalgebruik. We spreken van ‘robuuste’ natuur omdat de woorden ‘groot’ en ‘sterk’ op weerstand stuiten. Maar ja, zo win je de discussie niet.

‘Als een Nederlander moet kiezen tussen een pan met mosselen en de bescherming van habitat-type 110B, dan kiest hij de pan met mosselen. Als de boerenorganisatie LTO iets wil, dan schuiven ze een boer naar voren. Wij kunnen precies hetzelfde doen met boswachters.

‘We moeten beter laten zien wat er bereikt is met het natuurbeleid. Neem nu het eiland Tiengemeten, dat is teruggegeven aan de natuur. Er zijn tientallen jaren overheen gegaan, met discussies en procedures. Maar nu is het zover en iedereen moet toegeven dat het prachtig is. In een jaar tijd is daar iets unieks ontstaan.

‘Ik liep daar in februari in mijn eentje hard te lopen over dat asfaltweggetje dat er nog is. De stilte en dan op de achtergrond, in het avondrood, een grote groep overtrekkende ganzen. Indrukwekkend.

‘Volgend jaar gaan gaan we een grote campagne voeren om te laten zien dat we met iets wezenlijks bezig zijn, dat het over een project van vlees en bloed gaat. Aansprekende beelden genoeg. Van beesten, planten, mensen. Uiteindelijk is het ook weer zo simpel. Dan kijk ik hier uit het raam en denk ik: goh, die boom groeit gewoon door.’

Toch maakt hij zich druk, zegt hij. ‘Ik voel me persoonlijk verantwoordelijkheid om dit prachtige bezit overeind te houden. En voor de mensen die we in dienst hebben. Ik breek me ook het hoofd over het ledenaantal.

‘Mensen denken vaak dat wij er als vanzelfsprekend zijn, maar al sinds Jac. P. Thijsse moeten wij knokken voor ieder lid, voor elke cent, voor iedere medewerker, voor elke hectare. Daar lig ik regelmatig wakker van. Aan het einde van de week kun je me hier meestal opvegen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden