Knokken voor de eer van het volk

ER ZIJN nog altijd mensen die menen dat je politiek inhoudelijker en rationeler moet maken teneinde er meer en grotere groepen mensen voor te interesseren....

Traditionele partijen worstelen dan ook met de vraag wat ze moeten stellen tegenover het succes van waan-van-de-dag-partijen? Het moet weer swingen in de partij, zei bijvoorbeeld Sharon Dijksma in een poging het voorzitterschap van de PvdA te bemachtigen en die partij te revitaliseren. Zou ze wellicht stiekem terug hebben gedacht aan het negentiende-eeuwse socialisme? Hoogstwaarschijnlijk niet, want los van de vraag of een moderne partijtijger überhaupt nog weet wat de negentiende eeuw en het socialisme nu eigenlijk waren, met die termen kan je niet meer aankomen. In de publieke perceptie is de negentiende eeuw stoffig, langzaam, burgerlijk, puriteins en dus verre van swingend. En socialisme is bevoogdend, marktremmend en idealistisch. Erger kan bijna niet tegenwoordig.

Maar volgens de historicus Dennis Bos, die op 15 mei met succes een proefschrift verdedigde over de socialistische beweging in Amsterdam tussen 1848 en 1894, is dat imago niet terecht. 'De oude beweging', zoals de vroege socialisten doorgaans worden genoemd, was in de ogen van latere sociaal-democraten een ongestructureerde en twistzieke bende die opkwam voor kleine lokale belangen, gek was op rellerige, ludieke en anarchistische acties, maar als puntje bij paaltje kwam eigenlijk niets wist te bereiken. Dus eigenlijk best wel een beetje swingend, zou men tegenwoordig zeggen.

De sociaal-democraten hadden er net zo weinig mee op als de huidige PvdA met Leefbaar Nederland. Voor hen begon de geschiedenis van het socialisme pas echt in 1894 bij de oprichting van de moderne kaderpartij SDAP. De oprichters van die partij werden gezien als apostelen die de verdrukte en worstelende arbeidersklasse uit de duisternis van armoe, achterstelling en onproductieve anarchistische acties zouden gaan bevrijden. Goede en centrale organisatie, nauwe binding aan de vakbeweging, formulering van brede beginselen en praktische doeleinden en het bewandelen van de parlementaire weg waren karakteristiek voor de moderne arbeidersbeweging die daarmee grote successen wist te boeken.

Volgens Bos is het beeld van de 'oude beweging' doelbewust achteraf geconstrueerd om de SDAP van een glorieus worstel-en-kom-boven-verleden te voorzien. Bos nam de moeite om in archieven van onder andere de Amsterdamse politie minutieus onderzoek te doen naar de mensen en ideeën achter de oude beweging. En hij nam die mensen ook serieus, wenste ze niet te beschrijven als de mislukte voorgangers van een uiteindelijk succesvolle vorm van socialisme, maar als een samenstel van groepjes en individuen die de prille socialistische ideeën gebruikten om praktische noden en verlangens kenbaar te maken en om te laten zien dat zij er ook nog waren.

Amsterdam is dan natuurlijk een fraai voorbeeld, want daar woont vanouds een slag mensen dat niet graag met zich laat sollen en niet makkelijk buigt voor het gezag. De Amsterdamse volksbuurten kennen een traditie van rellerigheid die honderden jaren terug gaat. In de negentiende eeuw hadden de bewoners van wijkjes met prozaïsche namen als 't Hol, Hemelrijk en de Bierkaai op dat vlak al een reputatie te verdedigen. Eerst meppen en dan misschien eens lullen, was het devies. De politie vocht dan ook vaak tegen de Bierkaai om de orde te herstellen.

In die traditie viel ineens de uit Duitsland afkomstige socialistische gedachte. Ze bleek aan te sluiten bij de onvrede en de hoop op een beter bestaan. Maar was het socialisme daarmee de trekker geworden? Volgens Bos niet. De 'beweging' bestond tot 1880 uit lieden die nauwelijks tot enige organisatie in staat bleken en voor wie de grenzen tussen eigenbelang en ideëel activisme soms moeilijk te trekken waren. Voor zover een enkeling al kon lezen, wekte niet het grote idee enthousiasme, maar de directe volksactie gericht tegen de rijken, de bazen, de politie of het hele vermaledijde zooitje bij elkaar.

De vroege socialisten wilden verbetering van het lot van de werkende stand en betere huisvesting, maar men reageerde het felst op symbolische zaken zoals de monarchie (die men vrolijk bespotte) of aantasting van kermisvermaak door fatsoensrakkers uit de burgerij. Autoriteiten, zoals de politie, de burgemeester of de koning waren niet zozeer een ideologisch gedefinieerde klassenvijand, maar het mikpunt van spot, vrolijkheid en verbaal en lijfelijk geweld.

Bos geeft een uiterst boeiend panorama van het Amsterdamse volksleven, een verhaal dat extra spanning krijgt door de activiteiten van opmerkelijke personen zoals de gebochelde catechiseermeester en charmante spreker Hendrik Huisman, de loodgieter en eerste voorzitter van de Maatschappij tot Verbetering van den Werkenden Stand Evert Hartman en de ex-houtzaagmolenknecht en auteur van talloze brochures Klaas Ris. Maar ook de mandenmaker Piet Meegens komt langs, als hij gemalen peper in de ogen van politieagenten strooit en voor verbaasde Groningse socialisten met een pruim in de mond een verwarrende redevoering afsteekt.

Het waren rare snuiters aan de rafelrand van Amsterdam; mannen van de daad, zingend en knokkend voor de eer van het volk. Anarchistische ruziezoekers en warhoofden, zei men later, maar volgens Bos waren hun daden rationeel en rechtvaardig in de ogen van het volk. Zoals de symbolische aanslag van behanger Johan Geel als reactie op de 'slag om café Zincken'. De politie had, onder leiding van commissaris Stork, op 24 november 1885 de volgepakte zaal van Zincken aan het Westerdok naast het Centraal Station laten afgrendelen om hardhandig de orde te herstellen, aldus de officiële verklaring van de politie. Geel was verontwaardigd en kocht voor vijf geleende guldens een revolver. Daarmee vuurde hij op 4 juli 1886 op Stork. De kogels misten weliswaar hun doel, maar het geknal dreunde nog lang na in de arbeiderskoppen. Toen Geel in 1892 na zes jaar vrij kwam, maakte hij een feestelijke rondtocht in een open rijtuig door de Pijp.

Het fascinerende van Waarachtige Volksvrienden is dat het licht werpt op de sterke familie- en buurtbanden die deze vroege socialisten bij elkaar hielden. Vrijwel zonder uitzondering woonden en werkten de socialisten in het westelijk deel van Amsterdam - met name de Jordaan - en hun acties bereikten hooguit de Dam of het huis van de burgemeester aan de Keizersgracht. De voornaamste verzamelplaatsen waren wijkcafés, koffiehuizen en het Volkspark, dat even buiten de Jordaan ter hoogte van de Bloemgracht lag. Na de sloop in 1891 nam gebouw Constantia aan de Rozengracht de functie van socialistenhol over.

Er waren weliswaar veel meer volkswijken in Amsterdam, maar die leefden ieder in een eigen cultuur. Zo kenschetst Bos de mentaliteit van de vervaarlijke scheepstimmerlieden op Kattenburg als 'nauw begrensd buurtchauvinisme'. Het zou een beletsel zijn geweest voor aansluiting bij organisaties die een groter belang dan dat van de 'bijltjes' zelf beoogden. In dat licht is het opmerkelijk dat Bos weinig bekrompenheid ziet in het Jordaanse buurt- en familiesocialisme. Het omvangrijke joodse proletariaat in Amsterdam-Oost, dat aanvankelijk orangistisch en verre van socialistisch was ingesteld, kon bijvoorbeeld op weinig sympathie van de socialen uit de Jordaan rekenen. Vanuit hun volkse buurtgebondenheid gingen ze zelfs openlijk antisemitisme niet uit de weg. En het vrolijke buurtsocialisme was ook niet te beroerd om op 27 september 1894 de parlementairen van de kersverse SDAP op een uiterst hardhandige wijze uit gebouw Constantia te meppen.

Want het ging de volksvrienden niet om beschaving of een idealistische strategie. Het ging om een beter bestaan in leefbaar Amsterdam, om een homp brood voor de dag van morgen en het verdedigen van de eer van buurt en volk tegen alles en ieder die daarop inbreuk dreigde te maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden