Knagend schuldgevoel

Aan het naziverleden van haar grootgrootouders viel voor de Duitse schrijfster Rachel Seiffert ( 42 ) niet te ontkomen. Na het succes van de verfilming van haar roman, merkt ze wel dat de reacties milder worden.

Rachel Seiffert breit. Nu doet ze dat om de tijd tussen de interviews te doden, thuis helpt het bij het schrijven. 'Sommigen gaan ijsberen, ik brei.' Maar vandaag heeft dat tijdverdrijf haar in de knoei gebracht. De breipennen in haar tas gaven oponthoud op het vliegveld in Londen, voor haar bliksembezoek aan Amsterdam. Oeps, verdacht steekgerei en mevrouw reisde wel erg licht.


Ze heeft een piepkleine neuspiercing, verder oogt Seiffert (42, spreek uit op z'n Engels, als Sieffert) als het braafste meisje van de klas. Paardenstaart en intelligente oogopslag. Iets meer dan een manchet heeft ze op de pennen, een pullover moet het worden. Van haar Duitse tante, de jongere zus van haar moeder, heeft ze het breien geleerd - continental style, met een draad om de linkervinger geslagen. De tante gaat vanzelf 'de breitante' heten tijdens het gesprek. Zij is net zo goed onderwerp van dit verhaal.


Rachels moeder en haar zusje waren 11 en 7, toen ze op het einde van de Tweede Wereldoorlog een voettocht ondernamen van Beieren naar Hamburg. Die gruwelijke overlevingstocht vormt de basis van Lore, het tweede verhaal in The Dark Room, Seifferts debuut uit 2001. Destijds was het goed voor een Booker Prize-nominatie en ettelijke vertalingen, nu staat het opnieuw in de belangstelling dankzij de prachtige verfilming (Lore) van de Australische regisseur Cate Shortland. De aanleiding voor uitgeverij Cossee om achter de rechten aan te gaan en een vertaling uit te brengen.


Rachel Seiffert is de kleindochter van een nazi. Ze zegt het tegenwoordig frank en vrij. Dat is weleens anders geweest. Haar opa, een huisarts, de vader van haar moeder, diende bij de Waffen SS. Hij was al dood voordat Rachel werd geboren, maar oma en de rest van de familie werden vanuit Engeland regelmatig bezocht. 'Ik had een sterke band met haar.'


Het naziverleden heeft in haar moeders gezin ('een tamelijk gewone Duitse familie') tot bikkelharde woorden en verhitte discussies geleid, maar nooit tot een rücksichtslose splijting. 'Ik weet niet of mijn grootouders het met zoveel woorden hebben gezegd, maar... ze wisten dat wat ze hebben gedaan verkeerd was. Mijn grootmoeder is in 2004 overleden. Ze had alzheimer. Toen ik het boek schreef, kon ik al niet meer bij haar te rade gaan.' Oma waande zich terug in het kamp, waar ze na de oorlog zat opgesloten. 'Als ik bij haar was, fluisterde ze samenzweerderig - buiten het gehoor van de ziekenverzorger - : 'We komen hier nooit meer uit!'


Lore, zoals de Nederlandse titel nu luidt, is een bundeling van drie verhalen met drie hoofdpersonen die weinig gemeen hebben, behalve dat ze Duits zijn en het naziregime onuitwisbaar op hun levens drukt. Helmut (Berlijn, 1921) maakt de opkomst mee; hij mist 'het volledige gebruik' van zijn rechterhand en kan tot zijn verdriet niet meevechten. Lotte is het stellige kind van nazi-ouders die op het einde van de oorlog gevangen worden genomen; zij loodst haar zusje en broertjes dwars door de geallieerde zones heen 'naar oma', terwijl het haar gaat dagen waarom haar ouders zijn opgepakt. En ten slotte is er de hedendaagse Micha, een jonge onderwijzer, die zich halsstarrig vastbijt in het oorlogsverleden van zijn grootvader, tegen het stilzwijgen van zijn familie in. 'Micha heeft het voordeel van het retrospectief', zegt Seiffert. Toch viel het schrijven van dat laatste deel haar het zwaarst. 'Ik heb een hekel aan zijn superieure rechtschapenheid.'


In het drieluik onderzoekt ze in een geraffineerde, kale stijl hoe de veranderende context ingrijpt in het bewustzijn en de waarneming van het individu. 'Ik zie nu bij mijn eigen kinderen hoe dat gaat; mijn zoon is 9, mijn dochter 7. Ik vertel ze over de nazi's, van mijn moeder horen ze de verhalen, er valt een woord als Waffen SS. Maar zelfs als je die dingen in alle eerlijkheid krijgt bijgebracht, dringen ze moeilijk door. Ze moeten gaandeweg context krijgen en die context verandert voortdurend. Ik heb dat nog steeds, bij elk boek dat ik over het Derde Rijk lees. Ik zie mijn grootvader voor me en bedenk: dat moet hij hebben geweten... Of ik hoor een verhaal van mijn moeder dat ik was vergeten. En ineens, o my goodness, dringt het tot me door.'


Thuis spraken ze Duits. Haar vader, een Australiër met Duitse roots, leerde haar moeder in zijn studietijd in Duitsland kennen. Ze verhuisden naar Oxford, omdat hij daar een baan kreeg als hoogleraar germanistiek. In Engeland werd hun dochter geboren.


Rachel noemden ze haar. Een Joodse naam. Ze lacht. 'Er zijn meer mensen geweest die daarin een verkapt schuldgevoel zagen, maar mijn moeder heeft me bezworen dat het niet zo was. Ze vond Rachel gewoon een mooie naam.'


Door haar ouders werd de belangstelling voor Hitler-Duitsland volop gevoed, en anders was er wel een buitenwereld die haar met de neus op de feiten drukte. 'Op school werd ik voor 'nazi' uitgescholden als ze me Duits hoorden praten. Het idee dat mijn klasgenoten van de oorlog hadden, was gebaseerd op oorlogsfilms en The Blitz. De Britten waren de overwinnaars en alle Duitsers waren slecht. Ik vroeg me af wat het betekent een nazi zijn.'


Haar voornaam - in combinatie met het exotische Seiffert - heeft haar meermalen in verlegenheid gebracht. Zo was er de Joodse stafmedewerker op de universiteit in Bristol, waar ze film studeerde, die er voetstoots van uitging dat zij Joods was. 'Hij meende dat mijn familie in de jaren dertig uit Duitsland was gevlucht. Louter aannames op basis van die naam.' Ze woonde toevallig samen met Joodse studenten. Bovendien zag hij haar in de synagoge toen ze, uit nieuwsgierigheid, een keer met haar vrienden meeging. Wat fijn toch, dat ze uiteindelijk de weg naar de synagoge had weten te vinden! Ze heeft het zo gelaten. 'Voor mij met mijn nazi-grootouders was dat heel ongemakkelijk. Ik wist niet hoe ik moest zeggen dat ik niet Joods ben.'


Ziende blind zijn, kijken en niet zien, is een terugkerend onderwerp in haar oeuvre. Van Seiffert verscheen in 2004 nog Field Study, een verzameling korte verhalen, en in 2007 de roman Afterwards, waarin ze voortborduurt op de onderliggende thema's van Lore. Heb je het recht om alles te weten van je familie en de mensen die je lief zijn? En wie ben jij om te oordelen? Nu werkt ze aan een Schotse familiegeschiedenis - Schotland is de geboortegrond van haar man - waarin de vraag centraal staat: kun je ontsnappen aan je oorsprong, zelfs als je de deur achter je dichttrekt? Als motto heeft ze een dichtregel van Louis Macneice gekozen: The woven figure cannot undo its thread ('Het weefsel kan zich niet losmaken van de draad'). 'Zo denk ik over familie, het gezin. Het maakt je tot wie je bent.'


Haar breitante, evenals haar moeder actief in de Vredesbeweging, kreeg mettertijd spijt van het feit dat ze gesprekken met haar moeder op band had opgenomen. 'Die tapes heeft ze gewist. De gesprekken waren heel moeilijk voor mijn oma, niet omdat ze niet wilde praten, maar omdat ze zich schaamde. Voor haar waren het ondervragingen. Op band staat alles zwart op wit.'


De grijstinten zijn in haar familie mettertijd bovengekomen. Seiffert kan zich net zo goed verplaatsen in de gêne van haar oma als in de spijt van haar tante. Ook zij is niet vrij van het schuldgevoel dat in de familiegeschiedenis zit meegebakken. Dat besefte ze wanneer ze als opgroeiend meisje voor Joods werd versleten: verwarrend én comfortabel. Ze voelde het tijdens de 'Ostermarsch', de traditionele vredesdemonstratie tijdens Pasen, die ze in Hamburg meermalen bezocht met haar moeder en tante, bij de aanblik van de ex-gevangenen van het concentratiekamp Neuengamme. 'Ik was op een bepaalde manier bang voor die mannen.' En het overviel haar toen ze merkte hoe moeilijk het was eerlijk te zijn over haar eigen achtergrond, toen ze in 2001 interviews gaf over Helmut, Lore en Micha.


'Ik vermeed mijn familiegeschiedenis, hoewel mijn familie vooraf had gezegd er geen problemen mee te hebben.' Nu, na de release van de film, gaat ze er vrijmoediger mee om. Ze zag hoe soepeltjes haar breitante reageerde, toen de film in Duitsland uitkwam. 'Ik moet zeggen dat ik veel meer generositeit ontmoet dan ik had verwacht...'


Waar ze bang voor was? 'Dat mensen kwaad zouden worden.'


Op háár? 'Zelfs als ze niet boos op mij zouden zijn, was ik wel degene die die boosheid in ontvangst mocht nemen. Schrijven over de Holocaust was niet eenvoudig, maar erover praten was veel moeilijker.'


Rachel Seiffert: Lore.

Cossee; 256 pagina's, euro 12,50.


De film Lore is nog te zien in enkele filmhuizen, waaronder 't Hoogt in Utrecht.


DE FILM

De eerste filmproducent in de rij wilde van Lores verhaal een Engels gesproken love story maken. Rachel Seiffert, in Glasgow afgestudeerd als filmeditor, weigerde beslist. Ze vroeg de Schot Paul Welsh, een beginnend en bevriend filmproducer, het verhaal onder zijn hoede te nemen. Welsh vond in Cate Shortland de geschikte regisseur. Zij wilde het verhaal per se in het Duits met Duitse acteurs verfilmen, hoewel ze zelf geen woord Duits spreekt. Seiffert: 'Ik heb het boek in het Engels geschreven, maar de dialogen van Lore hoorde ik in mijn hoofd steeds in het Duits. Cate heeft het geweldig gedaan. Er is ook een persoonlijke connectie. De Joods-Zuid-Afrikaanse grootouders van haar echtgenoot waren Duitse vluchtelingen in de jaren dertig. Er zitten echte foto's uit zijn familiearchief in de film.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden