Klotewagen

Sydsvenska Dagbladet noemde Håkan Nesser 'een nieuwe ster aan de Zweedse crimihemel'. Bekroond debuut, maar De Geus vertaalde als eerste een jonger gelauwerd boek van hem: Het vierde offer (fl 39,90)....

Van die Zweedse crimihemel merk je weinig. De plaatsnamen zijn fictief, maar ademen niets Scandinavisch. Ze klinken Duits, evenals de meeste eigennamen (Schalke, Simmel, Bausen, Hiller, Kropke, Meuhlich, Eggers, Rühme en nog vele andere). Het vervreemdt, het zou hetzelfde zijn als een Baantjer met alleen Chinese familienamen.

Commissaris Van Veeteren is met vakantie. Hij wandelt langs het strand, leest wat, en wij lezen iets over een zoon die mee was, maar het ging niet en die is terug naar waar hij nog tien maanden moet uitzitten. Zoon exit, we vernemen niets meer.

In de buurt van het vakantiehuisje is een bijlmoordenaar actief. Als deze Hakker een tweede slachtoffer vrijwel heeft onthoofd, gaat de telefoon bij Van Veeteren. Of hij de plaatselijke politie wil bijstaan. Met tegenzin stemt hij toe. Haast heeft hij niet - zomin als het politiekorps dat hij terzijde staat. In het derde slachtoffer blijft de bijl achter (niet de onscherpe vikingbijl van het stofomslag, een echte slagersbijl).

De commissaris gaat op bezoek bij de commissaris van het plaatsje, die over een paar weken met pensioen gaat. Ze schaken wat, de gastheer die Bausen heet, haalt een fles wijn uit de kelder, de commissaris speelt wat met een tandenstoker, hij geeuwt, gaat weer roken, en het onderzoek vordert voor geen meter. Kunst. Als er vergaderd wordt, gaan de gedachten allereerst uit naar iets bij de koffie, Van Veeteren is vaak in gedachten verzonken. Zuur kijken helpt ook al niet.

Een ambitieuze vrouwelijke inspecteur 'had het gezicht van de moordenaar wel tevoorschijn willen dromen, lijntje voor lijntje, de ene gelaatstrek na de andere'. Nesser laat een collega, ook van ver aangetrokken ter versterking, het volgende denken: 'Als hij het vermogen had gehad in de toekomst te kijken, al was het maar een paar uur vooruit, dan had hij de lunch wellicht gewoon overgeslagen.' Zo'n gave wens je elke horecabezoeker toe, maar daarover ging het op deze bladzijde niet.

Gewerkt wordt er nauwelijks, maar de lamlendigheid van Van Veeteren spant de kroon. De vrouwelijke inspecteur is verdwenen, hij heeft haar als een van de laatsten gezien (hij wandelde weer eens over het strand, in de verte blafte een hond, zij jogde voort), maar actie ho maar. En als hij eindelijk een spoor heeft, maar zijn auto het begeeft ('een nieuwe generator, had de jonge monteur na een vluchtige blik onder de motorkap geconstateerd') en de garage hem een andere aanbiedt, schampert de speurhond: 'En mijn muziekinstallatie hier achterlaten?'

Dus gaat de commissaris wachten. 'Verdomme, die klotewagen', dacht Van Veeteren. 'Ik ben niet voor een, twee uur thuis vannacht.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.