Kleinzoon premier Drees beschouwt christendom als waardevol zonder dat het absolute waarheid is 'Kinderboek heeft morele taak overgenomen'

God is lange tijd weg geweest uit het publieke debat, maar uit bezorgdheid over normvervaging wordt steeds vaker gepleit voor een 'heruitvinding' van God....

Van onze verslaggever

Peter Giesen

AMSTERDAM

'Mijn grootvader dacht heel zwart-wit. Of je gelooft, en dan ben je ook streng christelijk, of je bent niets. Hij was dus niets', zegt dr Willem Drees, kleinzoon van de premier en zoon van de 'jonge' Drees. De kleinzoon werd onlangs benoemd tot bijzonder hoogleraar natuur- en techniekfilosofie aan de Universiteit Twente.

Voor de theoloog en natuurkundige Drees liggen de zaken heel wat ingewikkelder. Hij houdt zich bezig met het verband tussen wetenschap en religie, tussen quantum-kosmologie en God. Kunnen we eigenlijk wel in God geloven, nu wetenschappers de geheimen van het heelal steeds verder ontraadselen? De Britse biochemicus Arthur Peacocke, een autoriteit op dit vakgebied, meent van wel. Zelfs de meest ingewikkelde computerberekening kan niet verklaren waaròm de wereld bestaat. Waarom is er ooit een begin geweest?

Maar bij Drees is ook die laatste overtuiging weggevallen. Na bestudering van kosmologisch onderzoek is hij tot de conclusie gekomen dat God niet noodzakelijk is voor het ontstaan van het heelal. God is voor Drees een hypothese. Het zou best kunnen dat Hij het heelal heeft gecreëerd. Maar het is evenzeer mogelijk dat het tot stand gekomen is via een oerknal of een ander natuurkundig fenomeen.

'Het bestaan van God is voor mij niet meer dan een mogelijkheid', zegt hij, in zijn werkkamer in het Bezinningscentrum van de Vrije Universiteit. Is hier nog wel sprake van een geloof? Kun je ook troost ontlenen aan een hypothese, bijvoorbeeld als je partner overlijdt.

'Je verliest een zekere onschuld, een zekere vanzelfsprekendheid. Ik zou dat onvoorwaardelijke geloof best willen hebben. Mensen hebben een emotionele behoefte aan heldere situaties, denk ik, zodat ze weten wat ze moeten doen. Maar intellectueel moet je toch tot de conclusie komen dat alle godsbeelden menselijke projecties zijn. Van dat inzicht word je niet per se gelukkiger. Zoals de theoloog Allard Pierson zei: wij hebben het weemoedige voorrecht van het denken.'

God is lange tijd weg geweest uit het publieke debat. Religie werd veelal beschouwd als iets van vroeger, waar de mens zich van bevrijd had. Maar de laatste tijd wordt steeds vaker gepleit voor een 'heruitvinding' van God, meestal voortkomend uit bezorgdheid over normvervaging en criminaliteit.

Zo betwijfelde de liberale leider Bolkestein of de mens wel zonder 'bezielend verband' kan. Daarom dacht hij over de herinvoering van christelijke waarden in het VVD-programma. Ook Amerikaanse wetenschappers, zoals de filosoof Christopher Lasch of de pedagoog William Damon, wezen op het nut van godsdienst, bijvoorbeeld voor de morele opvoeding van kinderen. Drees: 'Het gekke van mensen als Bolkestein is: ze zeggen dat ze zelf geen religie nodig hebben, maar dat het zo goed is voor het gewone volk.'

Religie is echter geen eenvoudige remedie voor maatschappelijke kwalen, zegt Drees. 'Kijk maar naar Amerika. Daar moet je lid van een kerk zijn als je president wilt worden. Toch heeft het land enorme sociale problemen. Een deel van het gejammer over waarden en normen komt natuurlijk ook van dominees, filosofen en theologen, die hun monopolie zijn kwijtgeraakt. Zij waren de enigen die iets konden zeggen over zin en onzin van het leven. Maar veel van zulke dingen komen op een andere manier weer terug.

'Veel kinderen worden niet meer religieus opgevoed, maar kinderboeken en televisie-programma's hebben die morele taak overgenomen. Kijk naar een programma als Sesamstraat. Dat zit vol met informatie over hoe het hoort. Begrijp me goed, ik zeg niet dat het allemaal vanzelf goed zal gaan. Maar we hoeven ook weer niet te doen of we zonder religie allemaal de afgrond in storten.'

In een persbericht van 'Twente' werd de nieuwe hoogleraar frivool aangekondigd als 'Drees junior junior'. 'Zoiets stoort me wel een beetje', zegt hij. 'Je wordt soms aangesproken op je naam, zonder dat mensen geïnteresseerd zijn in wat je zelf doet. Maar ik zie het niet als een last. De naam Drees is niet iets om je voor te schamen.'

Hij heeft zijn grootvader als premier nauwelijks gekend. 'Ik ben geboren in 1954, hij trad af in 1958. De kinderen gingen spelen, terwijl de volwassenen ernstig zaten te praten. Later heb ik wel bewust contact met hem gehad, maar toen was hij al een jaar of tachtig. Hij had wel een eigenaardige manier van praten. Als ik hem vertelde dat ik met de vrijzinnige jongeren op kamp ging, kwam hij in één zin uit bij de VPRO, die volgens hem in andere handen was gevallen. Vervolgens was hij in twee zinnen aangeland bij de PvdA, die ook was overgenomen, door Nieuw Links. Daar hield hij dan een monoloog van tien minuten of een kwartier over. Dat had ook met zijn leeftijd te maken, denk ik. Waarschijnlijk kon hij als premier beter luisteren.'

De theoloog Drees is eerder beïnvloed door zijn moeder, die lid was van de Lutherse Kerk in Den Haag. 'Maar dat vind je niet in mijn achternaam terug. Mijn moeder was vrijzinnig. Aan alle religies kun je inspiratie ontlenen, vond ze, er is een wereld aan interessante figuren. Thuis lazen we veel, over Albert Schweitzer bijvoorbeeld, of de Indiase denker Rabindranath Tagore.'

Een soortgelijke openheid is ook te vinden in Drees' theologische werk. In zijn bekendste boek - Heelal, mens en God uit 1991 - wordt God ontdaan van vrijwel elke fysieke betekenis. 'Geloof in God betekent geloof in een andere mogelijkheid, het gaan van een weg naar grotere volmaaktheid', schrijft Drees. In fysieke zin is Hij slechts een 'mogelijkheid', in symbolische zin 'de belichaming van goedheid, rechtvaardigheid, harmonie, schoonheid en wat niet al.'

Drees lijkt hiermee een poging te doen het religieus ideaal te redden uit de klauwen van de wetenschap, die de traditionele idee van God ondermijnd heeft. Maar kunnen we deze fragiele constructie nog wel God noemen?

Drees: 'Die manier van spreken heeft nog steeds een enorme, motiverende kracht. Ik beschouw het christendom ook als iets dat op ons pad gekomen is. Het kan waardevol zijn voor ons, zonder dat het per se een absolute waarheid is. Je kunt het vergelijken met het vinden van een partner. Als je tegen je vrouw zegt: jij bent de liefste, is dat voor jou waar. Maar het is natuurlijk niet dè waarheid. Misschien is ergens ter wereld een andere vrouw wel veel liever, dat weet je niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden