Klassenstrijd

IN MIJN tijd had je in de trein drie klassen...

De derde was bestemd voor arbeiders. De desbetreffende rijtuigen waren uitgerust met kale houten banken waar je eventueel op kon zitten, maar dat wou haast niemand, want je werd er op geradbraakt, dus je kon er beter naast gaan staan. Dat deden de meeste werklieden ook. Veel plaats was er niet, en de stationschef moest ze er vaak in persen, maar het had ook iets gezelligs, en er hing altijd een solidariserende walm van goedkope tabak in de benarde ruimte.

Voor de kleine burger hadden de Spoorwegen per treinstel twee, soms drie coupés ingelast waarop van buiten een duidelijke 2 was geschilderd en waarbinnen op iets civielere stoeltjes overwegend North State-sigaretten werden gerookt die toen twintig cent per pakje kostten.

In het eersteklasrijtuig ten slotte zat een enkele plutocraat met een Hajenius-sigaar, in het pluche.

'Standen moeten er wezen', zei mijn grootvader in die dagen. In een royale bui heeft hij me een keer getrakteerd op een onvergetelijk tweedeklasretourtje Amsterdam Centraal-Sloterdijk.

En nu lijkt Rob van Gijzel, wiens partij het stelsel eerst bijna heeft helpen wegnivelleren, er weer naar terug te willen.

Aanleiding is de curieuze parlementaire commotie over de aanzegging van de NS dat steeds minder treinreizigers in het spitsuur een zitplaats zullen kunnen vinden.

Ja, wat dacht je dan?

Nederland heeft onder aftrek van kinderen, bejaarden enWAO-ers ongeveer evenveel inwoners als Parijs, en de grootste afstand die je er met het openbaar vervoer kunt afleggen is ongeveer net zo klein als wanneer je van Evry naar Charles de Gaulle moet. Heeft iemand tussen zeven en negen uur 's ochtends of tussen zes en acht 's avonds wel eens in de Métro kunnen zitten?

Nee natuurlijk, en Nederlandse parlementariërs zouden het ook niet eens willen, want dat is nou juist zo typisch Parijs: dat je als haringen in een ton ingeklemd hangt tussen een Monde, een Figaro en iemand die in Fleurs du Mal staat te lezen.

Maar thuis is anders. Thuis hadden ze al een Treintribunaal en krijgen ze binnenkort ook nog een Klaagplatform voor Luchtpassagiers, en als Rob van Gijzel tussen Amsterdam Centraal en Sloterdijk vijf minuten heeft moeten staan, wil hij van de spoorwegen z'n geld terug. Want, zegt hij: 'Als de klant een koelkast koopt en het vriesvak functioneert niet, kan hij ook verhaal halen bij de fabrikant.'

Het reëel bestaande socialisme van de Consumentenbond, de ANWB en de fractie van de Partij van de Arbeid.

Of in concreto, Gijzeliaanse termen vertaald: 'Als het er zo voor staat, moeten ze bij de NS maar speciale staanplaatsen verkopen voor bijvoorbeeld zestig procent van het huidige tarief.'

Standen moeten er wezen.

Als ik hem was, zou ik trouwens verder willen gaan.

Gratis vervoer voor het proletariaat in rijtuigen waar de houten banken uit zijn gesloopt. Peperdure wagons voor de gezeten burgerij. En duizend gulden per plaats voor de passagier die van Maastricht naar Den Haag in eersteklas weelde wil baden.

'Is het waar', vroeg een kennis uit Moskou, 'dat jullie moeten betalen voor een staanplaats in de trein?'

'Ja', gaf ik toe.

'Wat erg', zei hij. 'Eerst zomaar een vuurwerkopslag ontploft, daarna al die gemiste strafschoppen, intussen kinderen naar huis gestuurd omdat er geen onderwijzers zijn, gisteren nog een Boeing in Los Angeles waar de motorkap van af valt, en nu dit weer... Ik denk niet dat Poetin dat bij ons politiek zou hebben overleefd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden