Klankmassa als een lavastroom

De nieuwe Haarlemse Philharmonie moet officieel nog open, maar het schitterend gerenoveerde muziekcentrum was donderdag al vervuld van mokerslagen en alarmkreten....

Roland de Beer

Nu is goede muziek op zichzelf een mager begrip voor wat er vanaf het podium en vier uitpuilende balkons op gang kwam. Het orkest Holland Symfonia omringde zich met koren uit Praag en Bratislava en een internationaal festivalkoor, met spreek-, zang-en jazzsolisten en technici, in de weer met klanksporen. Alles voor de monsterpartituur die Bernd Alois Zimmermann in 1969 voltooide onder de titel R equiem für einen jungen Dichter.

De onherroepelijkheid waarmee Zimmermann in deze dodenmis spreekkoren, poëzie en megafoongeschuimbek in botsing laat komen met solozang, koralen, free jazz-uitbarstingen en oprispingen van een onttakeld symfonieorkest, maakt dat muziek en woord elkaar verpulveren. De dirigent Bernhard Kontarsky herschiep het donderdag tot een klankmassa met de onontkoombaarheid van een lavastroom.

Het Requiem für einen jungen D i ch t e r is gebaseerd op poëzie van dichter-zelfmoordenaars, op toespraken van Hitler en Dubcek, op famous last words van Wittgenstein en Paus Johannes XXIII. Het was Zimmermanns afscheid van een schuldige mensheid. Klaagzang en aanklacht tegelijk. De componist maakte kort na de voltooiing een eind aan zijn leven.

De eerste uitvoering in Nederland klonk in 1971, met het Radio Filharmonisch en solisten als Theo Loevendie en de sopraan Dorothy Dorow onder leiding van Michael Gielen. Met enig ontzag werd destijds ook de term Lingual geïntro -duceerd, de omschrijving die Zimmermann voor zijn 'taalstuk' had bedacht. Het woord is nooit meer gebruikt. Zimmermann was geen avantgardist die school maakte.

Toegegeven moet worden dat op zijn requiem bijna geen vervolg mogelijk is. Als het waar is dat massa's louter bedoeld zijn om angst of deernis op te roepen, dan is Zimmermanns requiem de definitieve vermuzikalisering van de massa. De collagevorm die hij koos, is in z'n geslotenheid nauwelijks te evenaren. Hij werkt schijnbaar van incident naar incident. Tamtamslagen, jankende hammond-akkoorden, slotmaten Tristan, Beatles (Hey Jude, 'hallo jood?'). Geschreeuw van 'He i l '. Formidabel is het terugkerende effect van trombonegeloei op één toon, gevolgd door massale kooruitbarstingen - Tuba Mirum en Götterdämmerung in één. Achter die incidenten gaat een onontkoombare pulsbeweging schuil, en een mega-crescendo.

Onder Kontarsky leek het een fluitje van een cent. Zeg ook nooit meer dat Ockeghem, de grote 15deeeuwse polyfonist, een requiem schreef van ongrijpbare ritmische complexiteit. De Britse Clerks' Group zong het met een gemak alsof alleen het vingerknippen nog ontbrak .

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden