Klagen gebeurt ook op een kleinschalige school

Kleinschaligheid doet de Helen Parkhurstschool veel goed. Maar een wonderschool?..

Almere ‘Klagende docenten wordt werkelijk eens een professional! Onderzoek je eigen leerpraktijk en leer daarvan.’ Zo luidde de oproep van aardrijkskundedocent Rolf Weeshoff op de site van de Onderwijsagenda. Zelf werkt hij op een school met ruim 2.000 leerlingen, schreef hij, waar door kleinschaligheid geen rompslomp bestaat, en waar docenten ruimte krijgen voor eigen pedagogisch beleid. ‘Ik ben blij met de ondersteuning van de schoolmanagers.’

Die wonderschool, daar moesten we heen. Het blijkt te gaan om de Helen Parkhurstschool in Almere, voortgezet onderwijs volgens Dalton-principes. Rolf Weeshoff blijkt een 57-jarige, academisch gevormde eerstegraads leraar te zijn, met geitenwollen sokken, bril en baard.

Volgens hem is kleinschaligheid het geheim van zijn school. ‘Die is verdeeld in 5 afdelingen met elk 400 leerlingen en een eigen team van leraren, afdelingsleider en administratie.’ Hierdoor voelt iedereen zich erg betrokken bij zijn afdeling en zijn de lijnen kort.

De afdelingen vallen weliswaar onder één schoolleiding en rector, maar in hun aanpak mogen ze verschillen. ‘Elk team is zelf verantwoordelijk voor het pedagogisch klimaat. Binnen de Daltonaanpak ben je ook vrij je lessen zo te geven als je wilt.’

Tekenleraar Vincent van Wanrooy valt hem bij. ‘Die kleine afdelingen helpen enorm voor de betrokkenheid. En het idee van Daltononderwijs, dat je verantwoordelijkheid moet geven, maar ook zelf moet oppakken, draagt ook bij aan het gevoel dat je zelf zaken in de hand kunt nemen.’

Pieter Hogenbirk, sinds twee jaar rector van de Almeerse school, zegt voortdurend op die balans te hameren. Hogenbirk: ‘Je krijgt de ruimte, maar aan het einde moet je wel vertellen hoe je die ruimte hebt gebruikt.’

Maatvoering is belangrijk, zegt hij. ‘Docenten vonden de reflectieverslagen, die leerlingen om de zes weken voor elk vak maken, wel erg belastend. Die zijn nu niet meer voor elk blok verplicht.’

Wat helpt zijn de afdelingsadministraties en de extra onderwijsassistenten. Hogenbirk: ‘Die kunnen veel taken overnemen, zoals surveilleren, kopiëren en spullen klaarzetten, zodat de docent zich op zijn les kan concentreren.’ Maar die mag dan in ruil ook wat meer durf tonen om te veranderen, vindt hij. ‘Leraren vormen best een conservatieve beroepsgroep.’

‘Er moet veel meer worden doorgepakt’, vindt Hans van Nijnatten (50). Een kwarteeuw werkte hij als accountant, de laatste elf jaar bij PriceWaterhouseCoopers (PWC). Sinds een jaar geeft hij voor een fractie van zijn vorige salaris, maar met veel plezier, economieles aan het Helen Parkhurst. Hij kijkt zijn ogen uit. ‘Ze werken met heel hun hart voor het onderwijs, maar als iets moet worden besloten, zijn ze wel erg voorzichtig. Een groepje leraren studeert lang over de mentor-uren, maar krijgt het vervolgens niet uit zijn mond te zeggen: zó gaan we het doen!’ Dat was hij bij PWC wel anders gewend.

Toch vindt Van Nijnatten niet dat het onderwijs te bureaucratisch is. ‘Wel misschien wat te democratisch. En ik vind dat we elkaar veel meer op onze resultaten zouden moeten aanspreken. Hier gaat het almaar over het proces.’

Zo blijkt ook de Helen Parkhurst geen wonderschool. Ook hier klagen docenten wel eens over rompslomp. Maar ze zouden ook veel meer gebruik moeten maken van de mogelijkheden die er zijn, vindt Van Nijnatten. Rolf Weeshoff erkent dat in het onderwijs best iets van het bedrijfsleven mag worden opgestoken: ‘Knopen doorhakken, je aan afspraken houden...’

‘...en niet steeds de discussie of een extra klusje wel in je taakplaatje past’, verzucht Van Nijnatten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden