6 vragenstakingen in kinderopvang

Kinderopvang in actie tegen regeldruk en beschikbaarheidsdag

Kinderopvangmedewerkers komen zelden in actie, maar donderdag wordt er voor het eerst in twintig jaar gestaakt. Bij tientallen opvanglocaties in Noord-Holland en Flevoland leggen FNV-leden het werk neer. Als de werkgevers niet snel aan de eisen van de bond voldoen, volgt op 8 juli een landelijke staking.

Kinderen op een buitenschoolse opvang (bso). Op donderdag 1 juli wordt gestaakt bij bso's, kinderdagverblijven en peuterspeelplaatsen in Noord-Holland en Zuidelijk Flevoland. Een week later, 8 juli, kan dat in het hele land gebeuren. Beeld ANP
Kinderen op een buitenschoolse opvang (bso). Op donderdag 1 juli wordt gestaakt bij bso's, kinderdagverblijven en peuterspeelplaatsen in Noord-Holland en Zuidelijk Flevoland. Een week later, 8 juli, kan dat in het hele land gebeuren.Beeld ANP

Waar wordt er gestaakt?

De stakingen blijven donderdag beperkt tot een aantal kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvanglocaties in Noord-Holland en in het zuiden van Flevoland. Volgens FNV Zorg & Welzijn hebben medewerkers van 132 locaties zich aangemeld om te gaan staken. Als de eisen van de bond niet worden ingewilligd, volgt op 8 juli een landelijke staking. Hoe groot de animo is voor deze stakingsdag, is nog onbekend.

Wat eist de FNV?

De onderhandelingen tussen FNV en de twee werkgeversorganisaties, Brancheorganisatie Kinderopvang (BK) en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK), liepen onlangs vast. De vakbond eist een loonverhoging van 5 procent, waar de werkgevers 3 procent hebben geboden. Ook de oplossingen die BK en BMK bieden tegen de hoge werkdruk vindt de onvoldoende.

Wat wil de FNV dan dat er gebeurt om de werkdruk te verlagen?

In de eerste plaats wil de bond af van de zogenoemde jaarurensystematiek, waarbij een medewerker voor langere tijd vaker kan worden ingeroosterd, zolang het aantal werkuren per jaar maar gelijk blijft. Bovendien krijgen medewerkers nu vaak ’s ochtend pas te horen of ze op hun ‘beschikbaarheidsdag’ moeten werken. ‘Er wordt nu te veel flexibiliteit gevraagd om een goede balans tussen werk en privé te houden’, zegt FNV-bestuurder Debbie van Leiden. ‘Werk gewoon met vaste roosters, want op deze manier kunnen sommige medewerkers ook nooit minimaal drie weken achter elkaar verlof opnemen.’

En ten slotte eist de bond dat het maximale aantal kinderen per peutergroepen wordt verlaagd van zestien naar naar veertien. ‘Dat lijkt niet veel’, zegt Van Leiden, ‘maar dat is het wel als je tussen het zorgen door ook nog eens de vuile vaat moet doen en rapportages moet schrijven. Om pedagogisch medewerkers te ontlasten, zouden groepshulpen structureel moeten worden ingezet.’

Volgens Van Leiden wijzen werkgevers vooral naar de politiek om de werkdruk te verlagen. ‘Maar dan kan het nog heel lang duren voordat er iets gaat veranderen, zeker nu we te maken hebben met een demissionair kabinet. Wij zeggen: we hoeven de politiek niet af te wachten. De werkgevers zijn nu aan zet, en ze weten wat zij ons moeten bieden.’

En, wat zeggen die werkgevers?

BK-bestuurslid Rogier Vegter ‘begrijpt helemaal niets’ van de opstelling van FNV. ‘In ons eindbod hebben we juist aanpassingen voorgesteld op die drie onderdelen. Zo wordt de jaarurensystematiek beperkt en moet een pedagogisch medewerker twee weken van te voren weten of er gewerkt moet worden op de beschikbaarheidsdag die nu ‘extra roosterdag’ heet. Ook het salaris stijgt structureel met 3 procent.’

De administratieve taken die de werkdruk mogelijk verhogen, kunnen volgens Vegter niet zomaar op korte termijn binnen een cao worden geregeld. ‘Die regeldruk komt vanuit het ministerie en de GGD GHOR, die de inspectie doet. Als een kinderopvanglocatie niet voldoet aan de strenge regelgeving, dan volgt een boete of sluiting. Daar kunnen werkgevers zelf weinig aan veranderen. Dus als het aan ons ligt, gaan wij hand in hand met de vakbonden dat gesprek aan met deze partijen.’

Volgens Vegter zijn de eisen van FNV verder ‘weinig realistisch’. De groepen verkleinen is makkelijk gezegd vanaf de zijlijn, zegt hij. ‘Het personeelstekort in de kinderopvang is veel groter dan in het basisonderwijs. Dus al zouden we het geld hebben om meer medewerkers aan te trekken: die mensen zijn er simpelweg niet.’

Ondertussen is er toch een cao-akkoord bereikt. Hoe zit dat?

Vakbond CNV heeft vorige week wél een deal gesloten met de twee grote brancheorganisaties. Voor de CNV, die een salarisverhoging van 3 procent vroeg, was het eindbod van de werkgevers voldoende. Onderdeel van het akkoord is een brief die de bond samen met BK en BMK heeft gestuurd aan demissionair minister Wouter Koolmees en GGD GHOR om onder meer aandacht te vragen voor het grote personeelstekort en de werkdruk binnen de sector. De nieuwe cao gaat per 1 juli 2021 in voor alle medewerkers.

De FNV is woedend over het akkoord en heeft in reactie daarop de regionale estafettestakingen opgeschaald naar een landelijke stakingsdag in Utrecht op 8 juli.

Wat kunnen ouders verwachten?

Dat hangt af van het aantal stakers op de opvanglocatie. Mogelijk kan een vestiging op de dag van een staking, al dan niet gedeeltelijk, een hele of halve dag gesloten zijn. Voor kinderen van ouders met een cruciaal beroep wordt geprobeerd noodopvang te regelen. In tegenstelling tot stakingen in het onderwijs kunnen ouders bij stakingen in de kinderopvang wel hun geld terugvragen als zij om die reden hun kind een dag thuis moeten houden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden