Kinderombudsman of kinderombudsvrouw?

Ombudsvrouw Annieke Kranenberg

Er zijn twee routes naar seksegelijkwaardigheid in taal, maar beide zitten vol valkuilen en hobbels.

Kinderombudsman Margrite Kalverboer Beeld anp

Margrite Kalverboer laat in het midden of ze haar functienaam aanpast als de journalist haar vraagt of ze liever kinderombudsman of kinderombudsvrouw wil zijn. 'Het instituut dat ik ga representeren, heet Kinderombudsman', vertelt de nieuwe kinderombudsman op 6 april in deze krant. 'Maar als de kinderen dat heel onlogisch blijken te vinden - en volgens mij dóén ze dat - ga ik dit thema wel aankaarten.'

Internationaal is de term ombudsman - afkomstig uit Scandinavië - inderdaad een begrip. In de VS heet de ombudsman dan ook geen ombudswoman wanneer zij een vrouw is. Toch kan ik me vinden in de kinderlogica. Ik zou het vreemd vinden om ombudsman te heten, hoewel ombudsvrouw de sekse erg benadrukt terwijl dat er nou juist niet toe doet. Overigens hoefde ik er nooit principiële gedachten aan te wijden omdat het dispuut al door de vorige ombudsvrouw was beslecht.

De ombudsman heet in deze krant dus ombudsvrouw. Boven een nieuwsartikel staat 'Van onze verslaggeefster', maar een vrouwelijke fotograaf heet geen fotografe en een lezer geen lezeres. Ook in artikelen is er sprake van een wildgroei aan mannelijke en vrouwelijke benamingen. Lezers mailen er geregeld over. Vrouwen worden dan weer historicus dan weer historica genoemd. Hetzelfde geldt voor dichter/dichteres, verpleegkundige/verpleegster, eigenaar/eigenaresse.

Merkwaardig wordt het wanneer één persoon verschillende uitgangen krijgt: 'Ze is actrice, regisseur en activiste.' 'Bedenker was sociologe', en: 'medebedenkster en co-producent'. 'Kan de krant een eenduidige lijn trekken?', mailde een lezer.

Het Stijlboek van de Volkskrant geeft een paar handige richtlijnen. 'Gebruik algemene begrippen, als die beschikbaar zijn: docent of leerkracht in plaats van 'lerares', verpleegkundige in plaats van 'verpleegster'.' Het achtervoegsel -man kan veelal worden vervangen door -vrouw, zoals in raadsman/ raadsvrouw, bewindsman/bewindsvrouw, barman/barvrouw.

Er staat ook een wat minder praktische regel: 'Vermijd constructies waaruit de indruk kan ontstaan dat het mannelijke de norm is en het vrouwelijke de uitzondering.' Prachtig, want het streven is linguïstische gelijkwaardigheid. Er staat alleen niet bij hoe dat moet. Niet zo verwonderlijk, want dat raakt een zeker 35 jaar oude discussie.

Er zijn kortweg twee afslagen die naar talige seksegelijkheid kunnen leiden, maar beide routes zitten vol kuilen en hobbels. De ene groep vindt dat mannen en vrouwen zoveel mogelijk zichtbaar moeten worden gemaakt in taal, omdat dit recht doet aan de werkelijkheid en omdat het stereotiepe beelden doorbreekt. Zouden niet veel meer meisjes zich aangetrokken voelen tot de klinische chemie als zij lezen over een klinisch chemica?

Er is een keerzijde. Uit onderzoek is gebleken dat een vrouwelijke benaming statusverlagend werkt. Bij een directrice denkt kennelijk niemand aan een CEO van een multinational. Vanuit feministisch oogpunt zou het nogal twijfelachtig zijn om vanwege deze reden dan maar af te zien van vrouwelijke benamingen. Kwestie van onverzettelijkheid.

Er zijn ook talige bezwaren. In sommige beroepsgroepen (kunst, cultuur, sport) is de vrouwelijke uitgang heel gewoon (actrice, schrijfster, zwemster, schaatsster). Maar moet de eerste vrouwelijke premier 'première' gaan heten? Hooglerares, artsin of loodgietster klinkt vooralsnog mal. En wat te doen met andere beroepen die nu als neutraal gelden, zoals piloot, rechter of wethouder?

Dit rijtje is juist welkom in het kamp van de genderneutrale benamingen, want voor een functie doet het er niet toe van welk geslacht je bent. Een aantal sekseneutrale termen werd bedacht toen mannen traditionele vrouwenvakken gingen beoefenen, zoals verpleegkundige en verloskundige. Mannelijke secretaresses heten tegenwoordig vaak persoonlijk assistent. Daar zit een seksistisch addertje onder het gras. Andersom zijn beroepen die typisch mannelijk waren - burgemeester, notaris - niet geneutraliseerd toen vrouwen hun intrede deden. Neutraal is dus vaak van oudsher mannelijk. Begin jaren tachtig vonden feministen dat onoverkomelijk.

Toch is deze vorm tegenwoordig het gangbaarst. Op zich hoeft dat geen probleem te zijn, mits de associatie daadwerkelijk is veranderd. Een kunsthistoricus op de redactie - zij kiest uitdrukkelijk voor -historicus - begon een stuk eens met een klassieke denkoefening: Vader en zoon rijden op de snelweg en belanden in een crash. De vader overlijdt, de zwaargewonde zoon wordt met gierende sirenes afgevoerd naar het ziekenhuis. Daar wordt de jongen met spoed naar een chirurg gebracht. De chirurg kijkt naar de jongen en zegt: 'Sorry, ik kan deze patiënt niet opereren, dit is mijn kind.'

Wie het meteen snapt, heeft geen last meer van m/v-schotten in het hoofd. Hij of zij denkt automatisch aan man en vrouw bij neutrale benamingen. Dat is het einddoel, maar de een bereikt dat sneller dan de ander. Dat is onvermijdelijk. Taal kan de 'realiteit wel beïnvloeden, maar niet fundamenteel transformeren', schreef Ger Groot recentelijk in literair tijdschrift De Gids.

De krant kan evenwel niet grillig meebewegen, maar moet het goede voorbeeld geven en een principiële keuze maken tussen twee onvolmaakte varianten. De redactie kan het beste uit de voeten met genderneutrale termen - die weg is de samenleving al ingeslagen. In de meeste gevallen zal de vrouwelijke uitgang (-e, -in, -es, -ster, -trice) verdwijnen, maar er zijn uitzonderingen. In de sport, kunst en cultuur zijn vrouwelijke benamingen zo verankerd, dat laat zich niet per decreet veranderen. Acteur Carice van Houten klinkt voorlopig nog potsierlijk.

Alles valt of staat met verwijzen: de man is niet de norm. Naar neutrale beroepen zal zowel met hij als zij moeten worden verwezen als het geslacht onduidelijk is, ook als de term ooit mannelijk was (meervoud omzeilt hij/zij-constructies). Herna Verhagen, bestuursvoorzitter van PostNL, gaf gisteren het goede voorbeeld in de krant toen zij sprak over postbezorgers als 'de man of vrouw die bij jou aan de deur komt'. Natuurlijk blijft zij een 'topvrouw'.

Ombudsman/-vrouw blijft een lastige, getuige een aantal lezers dat hardnekkig 'mevrouw de ombudsman' schrijft. Komende week ontmoet ik ombudslieden afkomstig van verschillende continenten en heet ik ineens weer 'ombudsman'. Wellicht is het tijd voor een neutrale variant: de ombuds. Dat snapt iedereen en voorkomt een boel ruis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.