INTERVIEW

Kinderen zeiden: 'Jij mag niet meedoen omdat je bruin bent'

Welke rol speelt afkomst in Nederland? Robert Vuijsje onderzoekt het in een reeks interviews. Gemeenteraadslid Dehlia Timman: 'Onder spanning gaat het laagje beschaving er snel af.'

Dehlia Timman. Beeld Robin De Puy

De vader van Dehlia Timman is blank en heeft krullen. 'Ik lijk op mijn moeder en ook op mijn vader.' Haar moeder, Ilse-Marie Dorff, kwam toen ze 18 was van Suriname naar Nederland, om psychologie te studeren. Dehlia's vader, Jan Timman, was schaakgrootmeester en speelde om de wereldtitel.

'Het was spannend, zijn leven draaide om winnen en verliezen. Bij de meeste mensen is dat niet zo. Ook als hij thuis een spelletje verloor, kon hij huilen. Als kind vond ik het moeilijk, maar tegelijk was ik trots op hem. Hij is een bijzondere man. Mijn moeder kookte en onderhield het contact met school, mijn vader voedde me op in de zin van: hoe sta je in het leven, welke doelen wil je bereiken?

Dehlia Timman (Nederland, 1979) studeerde rechten en economie aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is gemeenteraadslid voor D66 in Amsterdam. 'Mijn bachelorscriptie voor economie ging over de economie van Suriname, ik vond dat ik daarvan te weinig wist. Hoe Suriname de inkomsten van bauxiet uitgaf aan buitenlandse goederen en niet investeerde in het eigen land. Zo vernachel je je eigen economie. Nu wordt Suriname geregeerd door een man van wie iedereen weet dat hij een moordenaar is en een cocaïnehandelaar. Dat is heel erg.'

Erg verliefd

'In het begin waren mijn ouders erg verliefd, het oversteeg alles. We woonden in een groot huis in Amsterdam-Zuid, aan het Vondelpark. Mijn moeder kookte Surinaams eten, heel veel en heel lekker, mijn vader verzorgde de wijnen. We hadden een open huis, altijd feesten en mensen over de vloer. Ze konden het goed samen managen. Het werd anders toen mijn vader de druk begon te voelen van topsport op het hoogste niveau. Ze hadden jonge kinderen, de spanning nam toe, het ging niet meer alleen om hun verliefdheid. De realiteit van de buitenwereld kwam erbij.

'Ik denk dat ze het hebben onderschat. Mijn vader kwam uit een elitair milieu, zijn vader was hoogleraar wiskunde aan de TU in Delft. Hun huwelijk was mooi, maar ook sociaal beladen. Zo'n elitaire man met een zwarte vrouw. Internationaal viel het nog mee, in het schaken doen mensen mee uit India, Rusland - de hele wereld. Thuis werd het moeilijker. Mijn vader voelde teleurstelling over dat het niet liep zoals hij had gewild, mijn moeder had haar eigen teleurstellingen. Onder spanning gaat het laagje beschaving er snel af.

'Mijn vader speelde een toernooi in Brazilië. Daar wilden ze mijn moeder het hotel niet in laten, ze dachten dat ze een hoer was. In Londen kwam ze ook een keer het hotel niet in. Mijn moeder had veel woede over racisme en de slavernij. Mijn vader was het natuurlijk met haar eens, hij is een beschaafde man, maar hij voelde het niet zo diep als mijn moeder. Zij vond dan dat hij niet genoeg voor haar opkwam in die hotels. Hij zei: ik ben hier om te spelen voor de wereldtitel, waar heb je het over? Het werd te veel.'

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) gaat voor V in gesprek met bekende en minder bekende Nederlanders over de rol die hun afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog met topkok Soenil Bahadoer (Surinaams) en jazzmuzikant Benjamin Herman (Engels en Joods).

Zit jouw woede net zo diep als bij je moeder?

'Zij zit er één generatie dichterbij dan ik. Wanneer ik op een slavernijherdenking zoals Keti Koti ben, voel ik hoe groot de woede tegen Nederland is. Mijn ouders zijn niet meer bij elkaar, maar ik ben blij dat ik beide culturen ken. Ik denk dat die vermenging uiteindelijk de oplossing is.

'Als kind zocht ik naar de herkenningspunten in mijn ouders, die lagen best ver uit elkaar. Ik ontwikkelde het vermogen om alles van twee kanten te bekijken. Ik weet: deze persoon bekijkt het vanuit dit perspectief, daar horen deze standpunten bij. Een andere persoon kan dezelfde situatie op een totaal andere manier bekijken.

'De gemiddelde Hollander heeft dat vermogen niet automatisch meegekregen. Die heeft zijn hele leven doorgebracht tussen mensen met dezelfde waarden en hetzelfde wereldbeeld. Wanneer je na 35 jaar ineens hoort: wat jij je hele leven leuk hebt gevonden, wordt door andere mensen gezien als racistisch - dan is dat een shock.'

Hoe was het om op te groeien in Amsterdam-Zuid?

'Het voelde vertrouwd en tegelijk was ik een vreemde eend in de bijt. Op school was ik altijd het enige donkere kind. Kinderen zeiden tegen me: jij mag niet meedoen met ons spelletje omdat je bruin bent. Dat doet pijn. Maar ik heb het ook prima gehad. Mijn zoon heet Loek, hij is genoemd naar onze buurman in de Van Eeghenstraat.

'Het Nederlandse polderlandschap is opgebouwd uit hokjes, dat kun je goed zien wanneer je eroverheen vliegt. Ik pas niet in een van die hokjes. Mensen vinden het lastig dat ze me niet kunnen plaatsen. Ik kreeg het gevoel dat ik me harder moest bewijzen. Misschien heb ik die twee studies gedaan om te laten zien: zie je wel, ik doe goed mijn best.'

Voor D66 zit je in de Amsterdamse gemeenteraad. Het hokje dat bij jou zou passen is: vanuit Amsterdam-Zuidoost subsidie regelen voor je eigen achterban?

'Ik denk het. Voor D66 richt ik me op onderwijs en integratie. Ik ga vaak naar scholen toe. Het is belangrijk dat gemengde scholen goed onderwijs bieden. Dat mag niet de drempel zijn. Het is niet goed of slecht dat de scholen divers zijn, het is gewoon de realiteit van de bevolking in een stad als Amsterdam. Kinderen die op school hebben gezeten met klasgenoten uit andere culturen zijn eraan gewend dat mensen verschillende standpunten kunnen hebben. Ik wil dat scholen focussen op de overeenkomsten in plaats van de verschillen. Later in de volwassen maatschappij leidt dat tot minder polarisatie en een gezonde discussie - ook met iemand die anders denkt dan jij. Het zou goed zijn voor de tolerantie waarop we ooit zo trots waren.'


Nederlands
'Als ik op mijn bakfiets rijd. Toen mijn moeder hem voor het eerst zag, zei ze: nu ben je echt een Hollands meisje geworden.'

Surinaams
'Bij de hockeywedstrijden van mijn zoon, daar heb ik helemaal niets mee.'

Eten
'Koreaans.'

Partner
'Een Hollandse man. Ik heb geen ervaring met zwarte mannen. In Amsterdam-Zuid waren ze niet, op school niet, op de universiteit niet. En mijn vader is ook een Hollandse man.'

Mohammed cartoons
'Het doel van de vrijheid van meningsuiting is niet schofferen, maar wel om alles te kunnen zeggen wat je vindt. Humor en dus ook cartoons zijn een goede manier om zware onderwerpen licht te maken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.