Kinderarbeid vindt in Pakistan steeds meer in het verborgene plaats; Leerlingen van Sadhuur-school werken voor hun brood

In Amsterdam begint vandaag een conferentie, georganiseerd door de Nederlandse regering en de ILO, over het uitbannen van de meest abjecte vormen van kinderarbeid....

Van onze verslaggever

Rob Vreeken

LAHORE

'Hoe was het vandaag op school?'

'Leuk.'

Deze schijnbaar alledaagse conversatie onder het avondeten is in Pakistan betrekkelijk zeldzaam. Menige leerling vindt het helemáál niet leuk op de lagere scholen van de staat, met hun strenge tucht en leraren met losse handjes. Veel kinderen, zeker die uit arme gezinnen, gaan dan maar liever werken.

Regel no. 1 van de Sadhuur-school in Kasur is daarom: niet slaan. Een onderwijzeres die meppen uitdeelt, kan haar biezen pakken. 'Lijfstraffen zijn in ons onderwijs heel gewoon', zegt hoofd Jamil Ahmed Khan. 'Daardoor - en natuurlijk door de armoede - is het aantal drop-outs op de lagere scholen heel hoog, bijna 50 procent.'

Volgens Khan zijn de kinderen al bang van het wóórd school. 'Dus dat is bij ons absoluut taboe. Het schrikt de kinderen af.' De leerlingen van Sadhuur gaan niet naar school, ze gaan naar het 'centrum'.

Het centrum is verspreid over drie gebouwtjes in Kasur, een sloom aandoende stad met 300 duizend inwoners op een half uur rijden van Lahore. Textielfabrieken en leerlooierijen zijn er de belangrijkste vormen van bedrijvigheid. Vooral in de leerindustrie werken veel kinderen, uitsluitend jongens.

Het door kolossale koeienvlaaien omgeven Sadhuur-gebouw in de Spoorbuurt bevat weinig om bang voor te zijn. In een van de drie kale lokaaltjes zit een clubje jongens en meisjes van een jaar of acht rond de juf op de grond; ze doen een spelletje met letters. Twee meter verderop werken een paar kinderen apart in hun schrift. Anderen lopen zomaar te spelen. Nazia, een poppig meisje van negen, declameert een versje voor de gast.

Alles mag, zo lijkt. 'We geven de kinderen volledige vrijheid', beaamt dr. Pervaiz Khalid, gezondheidsambtenaar in Kasur en een van de oprichters van het centrum. 'Ze mogen zelfs rennen en schreeuwen. De lessen worden afgewisseld met spelletjes.'

De kinderen, leeftijd oplopend tot pakweg veertien, moeten met plezier naar het centrum komen. Anders zouden ze niet de moeite nemen na een dag zwaar werk nog eens te leren lezen, schrijven en rekenen. Alle leerlingen van het Sadhuur-centrum werken voor hun brood, afgezien van de klassen voor kleine broertjes en zusjes van werkende kinderen. Ahmed Khan: 'We proberen te voorkomen dat die ook gaan werken.' De meesten zijn arbeider in de leerindustrie.

Voor vreemde ogen zijn de leerlooierijen van Kasur verboden gebied. Zeker voor die van buitenlanders, en helemaal voor die van journalisten. De bazen zijn kopschuw geworden door de golf van internationale aandacht voor kinderarbeid. Hoe meer conferenties over werkende kinderen, des te meer kinderarbeid wordt weggemoffeld.

'De eigenaren van de looierijen zijn doodsbang dat de toestand in hun bedrijven aan de kaak wordt gesteld', zegt Pervaiz Khalid. 'We hebben afgesproken dat we geen buitenstaanders meer meenemen naar de bedrijven. De werkgevers steunen ons werk namelijk.'

'We' zijn de mensen van Sadhuur, een organisatie die probeert niet-schoolgaande kinderen onderwijs te geven in de uren dat ze niet werken. De kinderen uit de fabriek plukken voor onderwijs, dat is ondenkbaar. 'De ouders zouden zich tegen ons keren', zegt Pervaiz. 'Zij kunnen de inkomsten van hun kinderen niet missen.'

Het gekke is, zegt Sadhuur-coördinator Nadeem Fazil Ayaz, dat er tot begin jaren negentig niet alleen geen ophef werd gemaakt over kinderarbeid, er was ook in Pakistan bijna niemand die besefte dat er zoiets bestónd als grootschalige uitbuiting van kinderen.

Nadeem geeft een voorbeeld. 'Tien jaar geleden hadden we een expositie over tapijten hier in Lahore. In de zaal stond een rij weefgetouwen, waar de hele dag kleine kinderen achter zaten te werken. De baas gaf instructies, zoals een dirigent voor zijn orkest. Maar niemand die er iets van zei. Nú zou zoiets volstrekt onmogelijk zijn.'

'Door de internationale hype is kinderarbeid veel minder zichtbaar geworden', zegt Nadeem. 'Het gebeurt natuurlijk nog steeds, al geven de fabrikanten het niet langer toe. Ze beweren dat de kinderen hooguit een beetje na schooltijd werken. En de productie wordt verplaatst van fabriekshallen naar de huizen van de arbeiders.'

Volgens Zohra Yusuf, secretaris-generaal van de Pakistaanse Commissie voor de Mensenrechten, schakelen werkgevers steeds vaker onderaannemers in. 'Dan kunnen ze met een gerust geweten zeggen geen kinderen in dienst te hebben.'

Mede daardoor bestaat er volgens haar onduidelijkheid over het aantal werkende kinderen in Pakistan. Een onderzoek van de Pakistaanse regering en de ILO resulteerde in het cijfer van 3,6 miljoen. 'Dat verbaasde ons', zegt Yusuf. Haar organisatie houdt het op acht miljoen. 'Het schoolbezoek in ons land is ontzettend laag. Je kunt er gerust van uitgaan dat kinderen die niet naar school gaan, op een of andere manier geld verdienen.'

En zelfs kinderen die wél onderwijs volgen, combineren dat niet zelden met betaalde arbeid, zo bewijst de jeugd van Kasur. Alle leerlingen van Sadhuur zijn drop-outs van de staatsscholen. De tienjarige Kashif werkt zes middagen per week van 12 tot 5 uur als reparateur van motorfietsen. De studie vergt twee uur per dag. Kashif, de oudste van de vier kinderen, is kostwinner sinds zijn vader overleed. Als enige in het gezin heeft hij een inkomen.

Afzal (12) kan nog nauwelijks lezen, maar als hij over een paar jaar de opleiding afmaakt, hoopt hij militair te kunnen worden. Tot die tijd werkt hij voor honderd roepies per week in de leerlooierij - dagelijks zeven uur lang huiden te drogen hangen. Het werk is goed en niet moeilijk, zegt Afzal. De eigenaar is streng, maar hij slaat tenminste niet. Dat is al heel wat.

Arts Pervaiz schildert een weinig opwekkend beeld van de toestand op de werkvloer, waar chemicaliën de gezondheid van de kinderen ondermijnen. Huidaandoeningen, allergieën, snijwonden en klachten aan de luchtwegen komen het meest voor, zegt hij. Op langere termijn treden aandoeningen op aan lever, maag en longen.

Met enige afgunst spreekt hij over de fabrieken in het Pakistaanse Sialkot waar voetballen worden gemaakt. De kinderarbeid daar trok wereldwijd aandacht, wat leidde tot maatregelen. 'Sialkot', zegt Pervaiz, 'is een paradijs vergeleken met de leerlooierijen in Kasur.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden