Kind mag niet bedreigd worden in ontwikkeling

De 'worteling' van een kind mag volgens de regering niet meetellen voor het kinderpardon. Maar dat is toch juist de kern?

Vandaag stemt de Tweede Kamer over de zorgen die bij een groot aantal Kamerleden leven rondom het kinderpardon. Die zorgen gaan, samengevat, over het feit dat de belangen van het kind, die op grond van het VN-Kinderrechtenverdrag voorop zouden moeten staan, nauwelijks een rol lijken te spelen bij de uitvoering van het kinderpardon. Die zorgen delen wij.


Vorig jaar rond deze tijd hebben veel mensen met ontzetting gekeken naar de VARA-documentaire serie UITGEZET. In vier afleveringen werden kinderen in beeld gebracht die na langdurig verblijf in Nederland waren uitgezet naar het land waar hun ouders zijn geboren. Deze kinderen leken gekrenkt en beschadigd.


Dat strookt ook met de bevindingen van gedragswetenschappelijk onderzoek, onder meer van het Onderzoeks- en Expertisecentrum voor Kinderen en Vreemdelingenrecht van de Rijksuniversiteit Groningen: migrantenkinderen lopen een aanmerkelijke kans op ontwikkelingstagnaties en sociaal-emotionele schade als ze -opnieuw - ontworteld worden.


De termijn van vijf jaar verblijf die nu voor het kinderpardon geldt, is ook gebaseerd op dat onderzoek. De kinderen die nu door de kennelijk in beton gegoten regels van het kinderpardon buiten de boot dreigen te vallen, zijn zulke kinderen. Ze zijn al erg lang in Nederland, velen vanaf hun geboorte. Hun cognitief, emotioneel en sociaal functioneren heeft zich in de Nederlandse context gevormd en ze ontwikkelden een 'Nederlandse identiteit'. In wat ooit hun thuisland of het thuisland van hun ouders was, kunnen zij niet meer aarden. Terugkeer schaadt hun ontwikkeling.


Dat is precies de reden waarom het vanuit kinderrechtelijk opzicht een mooie stap was om tot een regeling voor langdurig verblijvende kinderen te komen: het kinderpardon.


Het is opvallend dat het kinderpardon vervolgens weinig meer met kinderrechten te maken lijkt te hebben. Het feit dat een kind geworteld is geraakt in Nederland, is bijvoorbeeld volgens de regering geen aspect dat mee mag tellen. Terwijl je zou denken dat dat nu precies de kern zou moeten zijn.


Als 'worteling' zo'n omstreden woord is, hebben wij een alternatief voorstel: sluit aan bij het recht op ontwikkeling van een kind en zorg dat een kind niet ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. Als hoogleraren gespecialiseerd in kinderrechten, jeugdrecht en immigratierecht lijkt ons dat vanzelfsprekend. Ook kinderrechters kijken, kennelijk anders dan binnen het vreemdelingenrecht, vanuit dat recht op een veilige ontwikkeling naar de belangen van kinderen.


Een kind van wie de 'zedelijke of geestelijke belangen of gezondheid ernstig worden bedreigd' kan onder toezicht worden gesteld van een gezinsvoogd van Bureau Jeugdzorg. De rechtbank Amsterdam sprak in december een ondertoezichtstelling uit vanwege een dreigende uitzetting naar Marokko van een in Nederland geworteld kind (10 jaar). De kinderrechters oordeelden dat de uitzetting een ernstige bedreiging van haar ontwikkeling zou opleveren en vonden een kinderbeschermingsmaatregel op zijn plaats.


Kinderen die onder toezicht staan, krijgen doorgaans een tijdelijke verblijfsvergunning. Zonder te willen bepleiten dat alle kinderen die buiten het kinderpardon vallen onder toezicht moeten worden gesteld, geeft de rechter een duidelijke waarschuwing af voor de overheid: in de uitvoering van haar migratiebeleid wordt onvoldoende rekening gehouden met het recht op ontwikkeling en daarmee de belangen van het kind.


Het opvallendste zorgpunt in de huidige discussie is wel het feit dat kinderen voor wie de ouders de 'verkeerde' (namelijk geen asiel-)verblijfsprocedure hebben gevoerd geen toegang hebben tot het kinderpardon. De aard van de doorlopen procedure zegt uiteraard niets over de bedreigde ontwikkeling van een kind. We hopen dat de Kamerleden het recht op ontwikkeling als leidraad willen nemen in hun stemmingen vandaag.


Marielle Bruning is hoogleraar jeugdrecht aan de Universiteit Leiden.


Jaap Doek is emeritus hoogleraar familie en jeugdrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en voorzitter van het VN Comité voor de Rechten van het Kind (2001-2007).


Margrite Kalverboer is bijzonder hoogleraar kind, (ortho)pedagogiek en vreemdelingenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.


Ton Liefaard is Unicef-hoogleraar Children's Rights aan de Universiteit Leiden.


Peter Rodrigues is hoogleraar immigratierecht aan de Universiteit Leiden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden