Kijkje in Hollandse huiskamers

Tijdens de openingsavond van de twintigste editie van het Nederlands Film Festival heeft documentairemaker Duco Tellegen de Prijs van de Stad Utrecht ontvangen....

De eerste avond van het festival kwam traditioneel langzaam op gang, omdat genodigden van het filmfestival de foyer boven de filmzaal lijken te prefereren. Spreekstalmeester René Mioch: 'Wees gerust. We houden het kort.' Bestuursvoorzitter Frans Afman ging in op enkele financiële kwesties. 'Het festival heeft zijn begroting bijna sluitend gekregen.' Gekscherend: ' Ik zeg expres niet helemaal, anders krijgen we straks geen subsidie meer.' Vervolgens zong Béatrice van der Poel: 'Vanavond straalt het Hollands celluloid, vanavond wordt er niet met stront gegooid.'

De bescheiden start van de lustrum-editie stond in contrast met de vreugdevolle gloed die vorig jaar van de eerste festival-avond afstraalde. Toen stal toenmalig staatssecretaris Vermeend van Financiën de show met de mededeling dat de Nederlandse film nog minstens vijf jaar kon profiteren van fiscale voordelen.

Inmiddels is door die maatregel, die anders dan Vermeend beloofde na 2001 drastisch verandert, het Nederlands filmbedrijf op volle toeren geraakt. Budgetten schieten omhoog. Er is geen crewlid meer te krijgen.

Zichtbaar zijn de gevolgen hiervan nog niet echt, en het is de vraag of dat volgend jaar wel zo is: de films die meedingen naar de Gouden Kalveren moeten aan een aantal punten voldoen om voor 'Nederlands product' door te kunnen gaan. De met belastinggeld geproduceerde films zullen veelal een Hollands karakter ontberen. Ze zijn doorgaans Engelstalig, en het gros van de opnamen wordt in het buitenland gedraaid.

Slechts vijf premières van speelfilms kon de nieuwe festivaldirecteur Michiel Berkel op zijn programma zetten: Wilde Mossels van Erik de Bruyn, Hide Out van Shane Carn, De Omweg van Frouke Fokkema, Taming the Floods van Jan van den Berg en Lijmen/Het Been van Robbe de Hert, waarmee het festival volgende week sluit.

Taming the Floods (mede mogelijk gemaakt door het Wereld Natuur Fonds) is een vreemde eend in de bijt: de videoproductie, over wassend water in Polen, lijkt meer op publieksvoorlichting dan op kunst.

Wilde Mossels, dat gisteren het spits mocht afbijten, valt op door zijn eigenwijsheid. Regisseur De Bruyn, die zijn film deels door privé-investeerders gefinancierd zag, onttrok zich aan fenomenen als 'internationalisering' en 'wereldmarkt'. Hij maakte een oer-Hollands drama - dijken, vlakke landschappen en dauw op het gras bepalen de toon van De Bruyns polderblues over drie gozers in Zeeland. Niks Engelstalig. In Wilde Mossels is Zeeuws de voertaal.

Oer-Hollands is ook de openheid die in de korte documentaire Scheppen gaat van au van Tamar van den Dop de kop opsteekt. De actrice maakte een videodagboek over de verfilming van Frouke Fokkema's autobiografisch getinte speelfilm De Omweg, die in de competitie te zien is. Een hilarisch en tegelijk pijnlijk dagboek, waarin alle clichés over de Nederlandse film tot leven komen - Van den Dop maakt onbedoeld anti-reclame.

De Omweg gaat over een jonge vrouw die na een miskraam op zoek gaat naar een nieuwe invulling van haar leven. De roadmovie is, zacht gezegd, niet gelukt. In Scheppen doet van au wordt duidelijk waarom. Fokkema (haar film werd door subsidiegevers afgewezen maar kwam met geld van privé-investeerders toch tot stand) toont zich ten overstaan van haar hoofdrolspeelster geen seconde zeker van haar zaak. Ze blijft het scenario omgooien, verliest de controle over de productie en maakt halverwege de opnamen heibel met haar Oostenrijkse cameraman Wolfgang Simon. 'Ik heb vier cameramannen in Nederland op bezoek gehad', legt Fokkema uit aan haar uitvoerend producent, 'en hij was de enige die niet stonk. Daarom heb ik hem genomen.'

Voor meer nieuw werk is het filmfestival afhankelijk van het televisiedrama. Dat genre biedt een wijde blik op uitersten in de Nederlandse samenleving: in Uitgesloten toont regisseuse Mijke de Jonge haar kijkers zowel de gesloten wereld van Jehova's Getuigen als het hart van de krakersbeweging. Johnny Jordaan komt tot leven in Bij ons in de Jordaan van Willem van de Sande Bakhuyzen. In Viva Boer Gerrit - het speelfilmdebuut van documentairemaker Hans Heijnen - eet boer Gerrit met lange tanden nasi van de afhaalchinees, terwijl zijn jongere disgenoten niet eens lijken te beseffen dat zelf koken ook een optie is.

Van dat soort inkijkjes in Hollandse huiskamers kan het Nederlands Film Festival er niet genoeg tonen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden