Kijkcijferjunk

Hij trekt miljoenen kijkers, maar zijn vrienden willen niet meer met hem risken. 'Ik kan onaangenaam worden.'

Art Rooijakkers (Geldrop, 1976) presenteert voor het derde achtereenvolgende seizoen Wie Is De Mol. In 2011 was hij zelf kandidaat. Hij won door Patrick Stoof als de mol te ontmaskeren. Vorig jaar kreeg het programma de Televizierring, waarvoor het zes keer eerder was genomineerd.


Rooijakkers studeerde aan de Academie voor Journalistiek in Tilburg, werkte als verslaggever voor NOS, AT5 en Net5 (Expeditie Robinson, Het Blok, Gezond weer op). In 2009 was hij presentator van De zomer draait door (Nederland 3). In 2011 volgde een verbintenis met de AVRO, waar hij onder meer Lola zoekt brood, Fort Boyard en Mag ik u kussen presenteerde. Op 6 februari begint op Nederland 3 Bureau Rooijakkers & Verster, waarin hij met Lauren Verster juridische kwesties onderzoekt.


Rooijakkers woont met zijn vriendin in Amsterdam.


Televizierring voor Wie Is De Mol, of kijkcijfers?

'Pfff. Meteen al lastig. Ik ga kiezen, hoor, maar het één is niet los te zien van het ander. Dat we nu zo goed uit de startblokken zijn geschoten, heeft zeker te maken met het winnen van die ring. Wie niet keek, kreeg het gevoel dat-ie er toch maar eens aan moest beginnen. De avond dat we de ring wonnen, voelde als een klassenfuif waarop iedereen was geslaagd. We hingen de gebraden haantjes uit in Carré.


'Maar ik kies er niet voor, het is eenmalig. De kijkcijfers nemen jaar na jaar toe. Elke keer weer een record, we zitten nu op 2,5 miljoen. Als de kijkcijfers goed zijn, voelt het als heroïne. Het maakt je euforisch. De misschien wel lekkerste kick die er is. Maar als je programma's maakt die slecht scoren, vertoon je afkickverschijnselen. Afgelopen najaar heb ik Operatie NL Fit gedaan, met veel ambitie, we wilden echt een beweging tegen de obesitasepidemie op gang brengen. Dat bleef ver beneden de verwachtingen. Na twee afleveringen was dat duidelijk. Toen moesten we er nog acht maken. Een loodzware opgave.'


Presentator of kandidaat?

'Presentator. Omdat je het vaker kunt doen. Kandidaat ben je maar één keer. Ik vond Wie Is De Mol altijd al een kroonjuweel van de Nederlandse televisie, het is eervol om daar het gezicht van te zijn. Het helpt dat ik weet wat kandidaten doormaken. Elk woord van jou is belangrijk. Het is zo wonderlijk hoe je in die positie meteen alle relativering kwijt bent. Er is niets belangrijker meer dan een rood of groen scherm; door of gelijk naar huis. Die spanning is onbeschrijflijk. Ik heb zelfs nog steeds die drang op alles te letten. Ik zie dat jij een grijze bloes draagt, met een grijs T-shirt eronder, dat je met links schrijft. Alsof ik nog steeds vrees dat ik daar vragen over kan krijgen.'


Angela Groothuizen, Karel van de Graaf of Pieter Jan Hagens?

'O jezus, mijn voorgangers. Pieter Jan, ja, Pieter Jan. Hij presenteerde het seizoen waarin ik meedeed. Ik weet nog steeds niet wat er in die man omging. Je probeert telkens het gezicht van de presentator te lezen. Kijkt hij naar me? Waarom? Waarom niet? Is hij chagrijnig? Hoe komt dat? Pieter Jan is onleesbaar. Een sfinx. Ik word nog weleens wakker van het gezicht van Pieter Jan, badend in het zweet.'


Mens-erger-je-niet of Risk?

'Risk. Honderd procent. Ik ben een groot spelletjesliefhebber, maar van mijn vrienden mag ik niet meer meedoen, dus als een Riskclubje nog aanvulling zoekt, ik kom eraan! Maar pas op: ik wil altijd winnen en dan kan ik onaangenaam worden. Ik kan je het persoonlijk kwalijk nemen als je een verkeerde tactiek toepast. Een pact hou ik twee beurten vol en dan val ik mijn partner in de rug aan. Maar nu sta ik dus in de kou. Mens-erger-je-niet speelden we thuis altijd met z'n vieren, mijn ouders, mijn zusje en ik. Dat liep ook geregeld verkeerd af. Een oudere broer laat zijn zusje weleens winnen, zo hoort het. Dat lukte me gewoon niet. Ons spel had wel zo'n plastic bol met dobbelstenen, waar je op moest drukken. Dat voorkwam dat ik de stenen door de kamer smeet.'


Live of gemonteerde uitzendingen?

'Ik heb live de Gouden Loeki gedaan, De Zomer Draait Door en Sta op tegen kanker met Angela Groothuizen. Live ben je de kapitein, jij bepaalt de koers, dat is een extra dimensie. Natuurlijk heb ik vooraf klamme handen en moet ik vaker naar de wc en vraag ik me af waarom ik dit eigenlijk doe en of ik dit wel wil. Maar de echte spanning komt bij mij pas na afloop, 's nachts in bed. Dan beleef ik de uitzending nog eens, met gasten die niet uit hun woorden komen en zelf ben ik ook de tekst kwijt. Alles afwegend kies ik toch voor de opname op locatie. Ik vind het een groot voorrecht om te reizen, voor De Mol naar Hongkong en Zuid-Afrika, met Peking Express dwars door China. Dat had ik niet willen missen.'


Aanstormend talent of lid van de gevestigde orde?

'Geen van tweeën. Ik zweef ertussenin. Als ik nu nog tot de eerste categorie word gerekend zou het wat zielig zijn, dat moet je toch op een gegeven moment achter je hebben gelaten. Maar ik kan nog steeds tegen anderen opkijken. Martijn Krabbé, Jeroen Pauw, Rob Trip. '


Schijnwerpers of coulissen?

'Fuck. Eh, schijnwerpers. Maar het is nooit mijn streven geweest. Ik dacht er pas over na toen ik van Net5 de vraag kreeg het tweede seizoen van Peking Express te presenteren. Ik heb een tijdje ook achter de schermen gewerkt, alsof ik wilde zeggen: let niet zo erg op mij. Dat is weg. Ik kan er nu oprecht van genieten als ik een programma mag dragen. Dat je dan ook als BN'er wordt herkend, hoort erbij. Als tv-persoonlijkheden zich beklagen over hun lot, denk ik altijd: stop er dan mee. Vorige week werd ik op mijn fiets klemgereden door een auto. Een man stapte uit. 'Zeg het maar, wie is het, wie is De Mol?' In eerste instantie dacht ik: wat is dit? Maar het is toch vooral grappig.'


Peter R. de Vries of De Rijdende Rechter?

'Ik kan me echt vrolijk maken over De Rijdende Rechter. Dat getrut over het recht van overpad en overhangende takken. De schoonheid zit in het detail. Maar wat Peter R. de Vries boven water heeft gehaald, verdient respect. Het is gedegen journalistiek. Ik heb me ook pas ook in juridische zaken begeven, maar op een andere manier. Volgende maand begint Bureau Rooijakkers & Verster. Daarin gaat het niet om één zaak. Met Lauren Verster ga ik op zoek naar het antwoord op vragen die voortkomen uit onderbuikgevoelens. Waarom lopen er zo veel veroordeelden vrij rond? Zijn de straffen te laag? Schieten agenten snel?'


Journalistiek of entertainment?

'Zo'n keus wordt vaak van buitenaf opgedrongen. Ik heb bij NOVA gewerkt en dan kunnen journalisten het maar moeilijk begrijpen dat je zulke journalistiek achter je laat. Dat is toch het nobelste beroep dat er bestaat, na de oorlogsarts misschien? Ik kies voor amusement, ik zou mezelf geen journalist meer kunnen noemen. Maar ik schuur er soms tegenaan, zoals in het programma met Lauren. Ik kan er moeilijk helemaal afscheid van nemen, dat klopt wel, ja.'


Teamspeler of solist?

'Teamspeler. Toen ik journalistiek studeerde, werd me snel duidelijk dat het werken voor een krant of tijdschrift een tamelijk eenzaam beroep is. Dat wilde ik niet. Ik wilde bij een groep horen. Ik zocht de romantiek van een bandje, samen in een busje ergens naartoe. Die kameraadschap, daar val ik voor. Misschien heeft het wel te maken met mijn niet heel prettige periode op de basisschool in Geldrop. Ik paste niet zo in de klas. Ik kon goed leren, een leraar hield een ranglijst op het bord bij en ik stond het hele jaar door bovenaan. Dat maakt je niet populair.


'Maar samenwerken is ook wel een vloek. Je bent afhankelijk van anderen, een cameraman, een regisseur, een producent. Ik ben nogal perfectionistisch, ik verwacht van anderen dezelfde energie en aandacht. Dat botste wel eens. Maar het is wel minder heftig, nu. Hij is milder geworden, met de jaren. Wat een cliché, hè?'


Morrissey of Mariss?

'Ik heb voor Bloed, Zweet en Snaren een keer een repetitie mogen bijwonen van Mariss Jansons met het Koninklijk Concertgebouworkest. Hoe hij zo'n orkest stillegt en vertelt hoe het anders moet, en dat je hoort dat het beter is, terwijl het daarvoor al prachtig was, dat is buitenaards.


'Van Morrissey heb ik ooit als een volgeling de hand mogen kussen, tijdens een concert in Londen, we stonden vooraan. Hij verwoordde vanuit Manchester, Noord-Engeland precies de pijn en de wanhoop die ik als puber in Eindhoven herkende. Ik dweepte met zijn teksten. Dat hij het als overtuigd vegetariër voor elkaar kreeg dat op de dag dat hij optrad op de Lokerse Feesten in België het festival vleesvrij was, terwijl dat drijft op bier en worsten, dat maakt zo'n man onuitstaanbaar en onweerstaanbaar tegelijk. Ik zou zelf wel eens wat met muziek willen doen op tv. De geschiedschrijving van de Nederlandse popmuziek bijvoorbeeld. Je ziet één keer per jaar van die korte pareltjes, in de Top 2000. Dat is veel te weinig.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden