Kiezers, stem nu nog geen PvdA

Het sensationele herstel van de PvdA is te danken aan de Lijst Wouter Bos. Dat gaat te snel, meent Joost Zwagerman....

Toch nog even de mei/juni-editie van vorig jaar van Socialisme en Democratie erbij gepakt, de uitgave van de Wiardi Beckmanstichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA. 'Na de dreun' heet dat thema-nummer. Allerlei partij-kopstukken analyseren de electorale afstraffing van 15 mei 2002. De teneur van de bijdragen: zelfverwijt, boetedoening, introspectie, bezinning.

Adri Duyvestein erkent in zijn artikel in S & D dat de PvdA zichzelf door een verkokerde bestuurscultuur had 'buitengesloten van de buitengeslotenen', met als gevolg een exodus naar de LPF. Oud-Tweede Kamerlid Marleen Barth hamert op verwaarlozing van de PvdA van immateriële noden, ten koste van een fixatie op 'loonstrookje en sociale zekerheid'. Titel van haar artikel: 'It's norms and values, stupid!'

Gek, al die PvdA-ers wisten ná het debacle van 15 mei 2002 ineens allemaal waar het aan had geschort. Opvallend was dat vrijwel alle schrijvers in S & D de noodzakelijke vernieuwing binnen de PvdA voorstelden als een langdurig proces van een bijna existentiële zwaarte.

En toen kwam Wouter Bos. Om met wijlen Ischa Meijer te spreken: het jongetje dat alles goed zou maken. Té goed, blijkt nu uit de opiniepeilingen. Als die peilingen kloppen, dan is de wederopstanding van de PvdA sensationeel, in zeker opzicht sensationeler dan het opstomen van de LPF, vorig jaar. Wouter Bos verschijnt als lijsttrekker begin januari in de media. Waar de LPF na oprichting in februari 2002 nog drie maanden nodig had om explosief te groeien, vertoont de Lijst Wouter Bos, voorheen PvdA, diezelfde groei in drie weken.

Er waren al heel wat verklaringen voor die grillige golven in het kiezersgedrag. Kiezers zijn als stuifzand geworden. In haar electorale promiscuïteit stelt de Nederlander zich op als een patiënt die reageert op de minst mediagenieke relatietherapie. De kiezer raadpleegt de onderbuik en niet het hoofd. Men stemt niet meer op een program, maar reageert op prikkelingen in de mediacratie. En Wouter Bos, handsome en charmant, prikkelt nu eenmaal het fijnst.

Stuifzand, onderbuik, mediacratie, persoonlijkheidscultus - al die vanuit de leunstoel gedebiteerde verklaringen van het grillige golven van het electoraat zijn ingegeven door een cynische blik op de motieven van de modale kiezer. Feiten en getallen weerspreken dat cynisme. Sinds 'Fortuyn' is de politieke interesse toegenomen. Een allebehalve populistisch programma als 'Nederland Kiest' trekt dagelijks rond de miljoen kijkers - een unicum. Bij vrijwel alle programma's die een lijsttrekker te gast hebben, verdubbelen de kijkcijfers. Dat is wel eens anders geweest.

Dat cynisme over onderbuik en stuifzand doet het vermoedelijke pragmatisme en de nuchtere blik van de modale kiezer geen recht. Het was dit pragmatisme dat het CDA tot de monsteroverwinning van 15 mei 2002. Met aan de ene kant de verpulverde geloofwaardigheid van Paars en aan de andere kant de nakende polonaise van de LPF, was er voor de pragmatisch ingestelde kiezer geen andere optie dan het CDA. Kiezers beschouwden het CDA als een post-D66-iaans redelijk alternatief voor Paars én voor de Fortuynisten. Hield de CDA-lijsttrekker vorig jaar nog alle deuren open, nu laat Balkenende er geen onduidelijkheid over bestaan: een stem op het CDA is vooraleerst een stem voor een CDA/VVD-kabinet.

Die keuze haalt vermoedelijk geen electorale meerderheid. Kennelijk opteren diezelfde pragmatisch ingestelde kiezers voor een andere coalitie - en dus stemt men massaal op de alliantie van de PvdA en de Lijst Wouter Bos. Alleen dan, zo is de afweging, komt het kennelijk gewenste PvdA-CDA kabinet in zicht.

Nu de kiezer is aan te spreken op een pragmatisch, misschien zelfs tactisch stemgedrag, verdient het aanbeveling de PvdA niet al te explosief te laten groeien. Er zijn na 22 januari drie scenario's denkbaar. Eén: de PvdA wordt de grootste. Dat zou funest zijn voor de partij. Wouter Bos zelf oogt misschien fit en daadkrachtig, de partij zelf hangt nog getraumatiseerd en wel in de touwen. Dat kan ook niet anders, zo kort na de afstraffing van mei 2002. De noodzakelijke bezinning binnen de PvdA loopt averij op wanneer de partij nu alweer in het zadel van de macht wordt gehesen.

Twee: CDA blijft de grootste partij, maar ziet zich gedwongen het enig mogelijke meerderheidskabinet te vormen, met de PvdA. Zelfde funeste gevolg als bij scenario eén, zij het iets afgezwakt, omdat de PvdA geen premier moet leveren maar wel een aantal bewindslieden die, of ze nu uit paarse hoek komen of niet, voor de meeste kiezers nog onvermijdelijk een Melkertiaanse regentengeur zullen verspreiden. Bij de minste complicatie is het prijsschieten voor de VVD en LPF in de oppositie. De beste manier voor de PvdA om de kersvers herwonnen aanhang bij een volgende verkiezing weer te zien wegvluchten, is om nu alweer in een kabinet te stappen, ook al is dat een CDA-PvdA-kabinet.

Drie: CDA en VVD behouden een - krappe - meerderheid, bij gelegenheid in de Kamer gesteund door de LPF. Bij een CDA-VVD-kabinet heeft Wouter Bos de handen vrij om zowel vruchtbaar oppositie te voeren alsook de partijcultuur van de PvdA niet alleen cosmetisch, maar echt ingrijpend te veranderen.

Na vier jaar centrum-rechts beleid met in het hart van de regering een CDA dat zich op punten conservatiever opstelt dan de VVD, zal de PvdA in de verkiezingen van 2007 afstevenen op een zetelaantal van tussen de 45 en 50, een aantal dat zal zijn gebaseerd op een diep doorleefde teleurstelling in wat zich zal ontwikkelen als een sociaal en moreel afbraakbeleid van CDA en VVD, in combinatie met een gegrond geloof in een dan écht in alle geledingen hernieuwde PvdA, met een partijleider, Bos, die anders dan nu geen belemmeringen zal zien voor het ambiëren van het premierschap.

Bijkomende voordelen van dit laatste scenario: Job Cohen hoeft niet te worden geslachtofferd als tussenpaus. En de zwevende aanhang van GroenLinks en D66 die nu op de PvdA lijkt te gaan stemmen om zo een blok tegen centrum-rechts te laten ontstaan, kan bij deze verkiezingen met een gerust geweten de eigen partij trouw blijven en deze niet laten minimaliseren. Over vier jaar wordt de PvdA heus wel weer groot, maar dan dankzij stemmen van gedesillusioneerde CDA-stemmers van 2003, vermeerderd met een dan tot rede gekomen SP-aanhang.

Wie het goed voorheeft met de vernieuwing die Wouter Bos nastreeft binnen de PvdA en wie het wenselijk vindt dat Bos over een paar jaar premier wordt, stemt vandaag uit een gezond pragmatisme geen PvdA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.