Interview Koreaanse Oorlog

Keren de laatste vijf Nederlandse gesneuvelde militairen van de Koreaanse Oorlog na meer dan 60 jaar terug?

Liliane Waanders, haar oom verdween in Korea tijdens de oorlog. Foto GUUS DUBBELMAN/DE VOLKSKRANT

Sergeant Cor van de Snepscheut verdween op 21 juli 1951 tijdens de Koreaanse Oorlog en staat nog altijd te boek als vermist. Zijn familie heeft nooit afscheid kunnen nemen, het stoffelijk overschot is in Noord-Korea. Maar na ruim 65 jaar gloort er hoop.

‘Mijn oom raakte vermist voor ik werd geboren’, zegt Liliane Waanders (55). ‘Ik ken hem uit verhalen, uit brieven die hij aan mijn moeder heeft geschreven. Ik ken hem als de oom die in Korea is geweest en niet is teruggekomen.’

Door toedoen van de Amerikaanse president Donald Trump zijn de resten van 55 Amerikaanse militairen teruggehaald uit Noord-Korea. Dat was zo afgesproken door Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un in Singapore, afgelopen juni. ‘Vorige week zagen we dat het ook echt gebeurde. Toen dacht ik: van ons zijn er ook nog vijf’, zegt voorzitter Paul Gommers van de Nederlandse Vereniging Oud Korea Strijders (VOKS).

De vereniging stuurde deze week een brief naar premier Rutte en de Amerikaanse ambassadeur in Nederland met de vraag of bij de volgende topontmoeting tussen Noord-Korea en het Westen ook het lot van de vijf niet-teruggekeerde Nederlandse gesneuvelden kan worden besproken.

Nabestaande Liliane Waanders is blij dat de veteranenvereniging zich nu inzet voor de terugkeer van haar oom en zijn maten. ‘De soldaten gaan met elkaar op missie. Het is een ongeschreven wet dat ze samen terugkomen – dood of levend.’

Korea had laatste missie moeten zijn

Van de Snepscheut was een jaar of 26 toen hij inscheepte, vertelt Waanders. Als puber maakte hij de Tweede Wereldoorlog mee. Daarna ging hij in dienst en vertrok hij naar het voormalig Nederlands-Indië. ‘Toen hij terugkwam, was Nederland te klein en bekrompen’, zegt ze. ‘Hij had voorzichtig het plan om te trouwen en te emigreren. Mijn oom ging vol vertrouwen die kant op. Korea had zijn laatste missie moeten zijn.’

Het liep anders. In een brief aan Waanders’ moeder schreef Van de Snepscheut dat hij op verkenning ging: hij had een inlichtingenfunctie in het leger. Na de brief bleef het stil. De sergeant werd na ruim twee weken in Korea als vermist opgegeven.

In totaal streden 4.748 Nederlandse soldaten in de Koreaanse oorlog. Van hen lieten zeker 122 soldaten het leven. Deze 122 liggen begraven op een erebegraafplaats in het Zuid-Koreaanse Busan.

Het stoffelijk overschot van Van de Snepscheut is echter nooit gevonden, evenals de lichamen van soldaat Moonen en soldaat Knaap. Het drietal raakte vermist in respectievelijk 1951, 1952 en 1953. Twee andere militairen zijn gestorven. Soldaat Deegmulder sneuvelde in 1951 bij een aanval op het slagveld. Soldaat Lamberti stierf in Noord-Koreaanse gevangenschap.
Lees verder onder de kaart

Duidelijkheid over lot

Door de aanpak van de Amerikaanse president Trump is er nu alsnog hoop op hun terugkeer – al is het maar een sprankje. Waanders hoopt vooral op duidelijkheid over het lot van haar oom. ‘Het zou prettig zijn als er een definitiever einde aan het verhaal komt. Het vinden van de stoffelijke resten of uitsluitsel dat hij is gestorven, zou fijn zijn.’

Ze hoopt aanwezig te mogen bij het gesprek dat premier Rutte heeft toegezegd aan de veteranenvereniging. Ze is benieuwd of de premier al eerder iets heeft besproken over de terugkeer van de vermiste lichamen, bijvoorbeeld toen Rutte begin dit jaar in Zuid-Korea was voor de herdenking van de oorlog. ‘Diplomatie speelt zich vooral achter de schermen af’, zegt ze.

Voor haar moeder komt een eventuele oplossing te laat. Die stierf twee jaar geleden op 94-jarige leeftijd. Samen met haar broer  de andere oom van Waanders dus  was zij bij het Rode Kruis blijven vragen naar het lot van hun broer. Toch beheerste de vermissing het leven van haar moeder niet, zegt Waanders. ‘Ze heeft een tijdje geleden de brieven van haar broer al aan mij overgedragen. Ik heb dat opgevat als: jij moet het stokje overnemen.’

Te vroeg om te speculeren

Waar de stoffelijke overschotten heen moeten, weet Waanders nog niet. ‘Zo concreet heb ik er nog niet over nagedacht. Ik zou me afvragen wat de generaties voor mij gewild zouden hebben. Wat waren de wensen van mijn moeder en oom? Ik kan me voorstellen dat mijn oom bijgezet zou worden bij zijn broer of zus. Al wordt er bij de erebegraafplaats in Korea ook met respect omgegaan met de gestorvenen. Maar zo ver is het nog lang niet, het is te vroeg om erover te speculeren. Laten we eerst in gesprek gaan over wat er overgedragen kan worden.’

Rutte wil in gesprek

Minister-president Mark Rutte heeft vanaf zijn vakantieadres laten weten heel veel begrip te hebben voor de wens van de Korea-veteranen om de stoffelijke resten van hun oud-strijdmakkers vanuit Noord-Korea te willen repatriëren. Hij heeft zijn raadadviseur gevraagd contact op te nemen met de schrijvers van de brief en ze op korte termijn te ontvangen om te spreken over hun verzoek, dat waarschijnlijk ‘niet eenvoudig te realiseren is’.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.