Kei(th)

Toch knap, hoe die jongens van de Rolling Stones het telkens weer klaarspelen. Eén nieuwe uitgave van hun kraker Exile on Main Street eerder dit jaar, en de verzamelde wereldmedia zenden op bestelling de bijbehorende als documentaire vermomde reclamespot uit die de verkoop moest opvijzelen.

Nu had het wandelende wereldwonder Keith Richard een autobiografie in de aanbieding. De zeshonderd pagina's dikke pil kreeg afgelopen zaterdag in deze krant van Gijsbert Kramer de maximale vijf sterren, dus het kan geen zoveelste geldkloppertje zijn. Maar ongelooflijk blijft het: een junk met een encyclopedisch geheugen en nu ook nog een vaardige pen.


In café DWDD waagden de vaste gasten zich dinsdag aan een beschouwing. Jort Kelder, Jan Mulder, Margriet van der Linden, Felix Rottenberg hadden hun belegen meningen over het oubollige vraagstuk 'Beatles of de Stones' paraat. Niemand had het boek gelezen, behalve popkenner Leo Blokhuis, die er dolenthousiast over was.


Aan de stamtafel zat ook Maarten van Rossem - uitgenodigd om te komen praten over een regeringsverklaring die hij niet gevolgd had ('Paste niet in mijn agenda'); aan de Stones had hij 'altijd ontzettend de pest gehad'.


Het publiciteitscircus van Keith deed Nederland kennelijk niet aan, want een interview met Keith is hier niet voorbij gekomen. Jammer - de ontmoeting van Mick Jagger met Sonja Barend, in 2001, leverde toch sprankelende tv op.


Andrew Graham van The Culture Show (BBC 2) hoorde wel tot de gelukkigen. Zijn ontmoeting met de gitarist was donderdag te zien. Het vertrouwde beeld: het medisch mirakel had een licht hoedje met bruine band op, daaronder stak een donkere haarband, grijze haren liepen langs zijn diep gegroefde gelaat; onder zijn ogen een zwart lijntje. Hij zag er opmerkelijk monter uit, voor iemand die in zijn biografie onthulde dat hij ooit de as van zijn overleden vader snoof.


Het gesprek werd versneden met een berg oude beelden in zwart-wit - de nadruk lag op de vroege jaren zestig, waarin het allemaal begon. Ook gaven om de paar minuten oude bekenden hun obligate quotes af. Dat was jammer, maar misschien ook noodzaak: vermoedelijk is de muzikant een betere schrijver dan een spreker.


Wat restte was relativering en berusting. Over zijn drugsgebruik: 'Ik gebruikte het als een muur tussen mij en de roem.'


'Een intiem profiel' heette het op de BBC, maar You can't allways get what you want: erg diepgaand wilde het maar niet worden. Voor de bewonderaar volstond de glimp van God. De duiding moest komen van anderen. Van alle Stones is Keith de muzikale kei, vonden zij. Geen technische hoogvlieger, maar: 'Hij heeft iets in zich dat heel uniek is'.


Van de schrijver zelf ditmaal geen kwaad woord, maar dat kwam misschien omdat hij die al had opgeschreven. Niets over het opsnuiven van de as van zijn overleden vader. Niets over de troebele band met Mick Jagger, in het boek 'al dertig jaar onuitstaanbaar'. Nu had hij enkel een zalvend quootje over de man wiens kleedkamer hij al twintig jaar niet meer betreedt: 'Ik hou van die man - ook al waren er wel eens dingetjes.'


Leo Blokhuis had dus gelijk: een boef. Onmiddellijk lezen, dat boek.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden