Kees was visboer, maar besloot te stoppen: 'Ik heb veel vrije tijd, dus ik kook iedere dag voor mijn vriendin'

Waar moet Kees (60) uit Alphen aan den Rijn heen met zijn lach en zijn tijd, nu hij niet meer in de haringkar staat? In ieder geval aan het einde van de middag eventjes naar bruin café De Heul, pal aan de Oude Rijn.

Kees: 'Ik heb 42 jaar lang in de vis gezeten. Drie keer in de week reed ik om vijf uur 's morgens naar de visafslag in Scheveningen, om daarna de markt op te gaan. Leiden, Zevenhuizen, Leiderdorp, noem maar op. De laatste elf jaar had ik een haringstal op een vaste plek, midden in het centrum van Alphen. Acht jaar heb ik voor dat prachtige plekje moeten vechten en na elf jaar moest ik plotseling weg, want er waren zogenaamd klachten. Ik kreeg nooit klachten en heb nog navraag gedaan bij omwonenden. Die hadden nergens last van, zeiden ze. Het is een spelletje geweest van winkeliers die van de ambulante handel af wilden. Dat heeft me ontzettend veel zeer gedaan.

'Weet je wat ik doe, dacht ik, ik kap er helemaal mee. Een heftig besluit ja, ik deed mijn werk met plezier, de vis is een mooie handel. Maar een vergunning krijg je niet meer zo makkelijk als vroeger, ik zag het niet zitten om dat hele traject weer in te gaan.

'Dus weet je wat het nu is? Ik heb een mooi appartement, ik heb geld, ik leef een bourgondisch leven en ik heb het goed met mijn vriendin, in mei gaan we trouwen. Alleen: ik heb te veel vrije tijd. 's Morgens kom ik uit bed, ga ik douchen, eten. Maar wat ga ik daarna doen joh? Mijn vriendin is veertien jaar jonger en heeft een goede job, dus zij vertrekt al vroeg naar haar werk. In de zomer ga ik graag vissen, maar daarvoor is het nu te koud. Ga je ergens koffie drinken, ben je 5 euro kwijt. Onderweg tanken: 80 euro. Aan het einde van de middag een paar uur biljarten in het café... het kost allemaal geld. Ledigheid is des duivels oorkussen, zei mijn vader altijd. Zo is het wel. Niks om handen hebben is voor niemand goed.

'Als mijn vriendin 's avonds thuiskomt is de tafel gedekt. Er staat een flesje wijn klaar en ik heb gekookt, natuurlijk. Als ik zou verwachten dat zij na een lange werkdag ook nog voor mij gaat koken, zou ik toch een waardeloze klootzak zijn, of niet? We eten nog iedere dag vis. Heerlijk. Gisteren heb ik sliptongetjes klaargemaakt en vanavond hebben we kabeljauw.'