‘Kees las zijn oudere broer het nieuws voor’

Cornald Maas in gesprek met Marietje Driehuis-Kievit (90), uit Amsterdam. Zij is de moeder van presentator en programmamaker Kees Driehuis (56)....

‘Zeven kinderen heb ik grootgebracht – we spreken over een andere tijd, binnen het katholieke geloof was zoiets normaal. Ooit waren we vanzelfsprekend samen, nu gaan mijn kinderen hun eigen gang, en soms verwatert het contact tussen hen een beetje. Maar vorig jaar, toen ik 90 werd, waren ze er allemaal, met de kleinkinderen. Kees had een verrassing geregeld waarover hij tevoren niets had verteld – wij kunnen heel goed onze mond houden. Het bleek om een bezoek aan paleis Soestdijk te gaan. We hebben over het terrein gewandeld waar vroeger het jaarlijkse defilé werd georganiseerd. Daarna, in de orangerie, werd er gezongen, er was een groot oranje lint voor me gemaakt, met daarop de tekst ‘superoma’ en er werd door deze en gene wat gezegd – daar zijn we allemaal goed in. Maar nu ga ik opscheppen, nee hoor, alsjeblieft niet.

Kees is altijd initiatiefrijk geweest. En hij heeft gevoel voor decorum. Op zijn kamer had hij een eigen altaartje, gemaakt door mijn vader. Hij versierde de beeldjes met paarse doekjes die ik bij de nonnen had gehaald, en hij droeg er de mis op: heel eerbiedig en serieus. Zijn broers en zussen moesten bidden, maar daar hadden ze natuurlijk geen zin in: het was er veel te koud, in die tijd had je nog maar één verwarmde kamer in huis. Nee, ik heb nooit gedacht dat Kees zijn heil in het geloof zou vinden. Daarvoor was zijn belangstelling te breed. Hij was en is een fan van Ajax, net als zijn vader. Hij luisterde muziek op de radio zodra hij uit school kwam en dan riep-ie naar beneden: ‘Dit wordt een hit!’ Maar hij luisterde vooral ook naar nieuws. Terwijl hij op de grond lag, las hij de krant, en hij las het belangrijkste nieuws voor aan zijn broer Gerard, die later ook in de journalistiek is terechtgekomen. De belangstelling voor het nieuws was groot in ons gezin – misschien ook een erfenis van mijn schoonvader, die de halve dag met zijn oor bij de radio zat, tot zijn kinderen zeiden: ‘Vader, dat nieuws hébben ze al een keer verteld.’

Dat Kees bij de VARA ging werken, verbaast me niet – wij zijn toch een beetje linksig. Kees is sociaal bewogen en uitgesproken, en dat komt ook tot uitdrukking in de programma’s die hij maakt. Zembla, waarvan hij eindredacteur is, zie ik vrijwel altijd, maar niet elk onderwerp spreekt me even aan. De uitzending over games bijvoorbeeld zei me niks. Het programma over kinderen die al op jonge leeftijd drinken sprak me wel aan, al begrijp ik er trouwens niets van hoe zoiets kan gebeuren. Per seconde wijzer zie ik natuurlijk ook, en daarin komt Kees als presentator goed tot zijn recht, toch weer anders dan dat meisje van Twee voor twaalf. Zijn gevoel voor humor is apart. Het is een familiekwaal haast: op een leuke manier ergens op ingaan zonder je gezicht te vertrekken, en dan vooral niet wachten op applaus of achteraf zeggen dat je leuk was.

Mijn man heeft het allemaal niet meer meegemaakt, wat Kees en zijn broers en zussen zijn gaan doen. Hij is vijftien jaar ziek geweest. Hij leed aan de ziekte van Parkinson en is in 1969 gestorven. Daarvóór had hij het ook al zwaar: als broodbakker moest hij om 4 uur ’s ochtends op om voor ons de kost te verdienen. Dat hij lange tijd zo ziek was, heb ik vreselijk voor de kinderen gevonden – ze zijn min of meer zonder vader opgegroeid.

Ik moest veel dingen in m’n eentje opknappen, terwijl ik op die taak amper was voorbereid. Ik kwam uit een beschermd gezin, ik ben jong getrouwd, had nauwelijks opleiding gehad. Wat ik aan de ziekte van mijn man vooral overhield: de gedachte dat mijn kinderen moesten gaan studeren, dat ze verder zouden reiken dan wij. Eenvoudig was het niet, in die tijd, om dat voor elkaar te krijgen. Er waren nog geen toelagen, we hadden het niet breed, ik wilde niet in de schulden terechtkomen. Mijn moeder zei altijd: ‘Als je deze week een dubbeltje leent, heb je volgende week een kwartje nodig.’

Toch heb ik de jongste bij het Ignatius College aangemeld, waarop verder vooral kinderen van advocaten en doktoren zaten – maar ik liet me niet wegsturen. Van meisjes werd verwacht dat ze naar de huishoudschool zouden gaan, maar ik stuurde mijn dochters naar de mulo. Wat ik me wel niet verbeeldde, was soms het commentaar, maar ik verbeeldde me helemaal niets. Ik wilde alleen dat mijn kinderen zo goed mogelijk terecht zouden komen. Ik ben er trots op dat dat uiteindelijk gelukt is, al houd ik dat liever een beetje voor mezelf. Ik vind het ook raar als ik er hier in de flat op word aangesproken dat ze Kees in de lift hebben gezien. Al mijn andere kinderen hebben ook heel hard gewerkt, denk ik dan, en daar hoor je ze niet over.

De laatste tijd gaat het allemaal wat minder met me. Ik loop slecht, ik zie slecht – ik lees nauwelijks nog. De vliegeraar heb ik hier als luisterboek. Maar ik houd er niet van om te klagen, ik denk liever terug aan wat ik allemaal wél heb gehad. Al die mooie reizen die ik met mijn dochter Thea maakte, bijvoorbeeld, naar Indonesië, Israël en Marokko. Of al die keren dat ik een concert bezocht. Ik geniet van klassieke muziek. Ik ben blij dat ik dat allemaal ondernomen heb – toch een voorrecht.

Kees belt me regelmatig. Hij is heel sociaal tegenover me, net als zijn broers en zussen, en ze regelen dingen voor me, geruisloos. Ik hoop dat ik mijn kinderen nooit belast heb met hoe zwaar het vroeger soms was. Ik durf ze dat niet te vragen – stel je voor. Als ik hier op mijn stoel zit, denk ik geregeld: ik wéét dat ik fouten heb gemaakt, dingen zouden soms ook anders hebben gekund. Maar ik denk dat veel ouders weleens een fout maken. Niet erg, zolang het belang van de kinderen maar vooropstaat en je onvolkomenheden nooit ten nadele van de kinderen zijn geweest.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden