Kaukasus luistert naar OVSE, maar knielt voor NAVO

De deuren van de zaal in het ministerie van Buitenlandse Zaken in Bakoe stonden nog op een kier toen Jaap de Hoop Scheffer van zijn Azerbeidzjaanse collega al een kaart van het 'bezette' Nagorno-Karabach kreeg voorgelegd, waarop nauwkeurig de raketten stonden aangegeven die vijand Armenië heeft gestationeerd....

De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken mocht vorige week dan als voorzitter van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) in de Kaukasus poolshoogte nemen, de drie landen die hem ontvingen (Armenië, Georgië en Azerbeidzjan) lieten zich tijdens de besprekingen vooral leiden door De Hoop Scheffers toekomstige rol als secretaris-generaal van de NAVO, het militaire bondgenootschap van Europa en Noord-Amerika.

De anekdote toont niet alleen aan hoezeer de status van De Hoop Scheffer is gestegen, maar bovenal dat de door de Europese Unie en de Verenigde Staten zo dringend gewenste democratische hervormingen in de Kaukasus niet zozeer door de OVSE, als wel door de NAVO kunnen worden afgedwongen. Illustratief was ook het radeloze geluid dat lokale vertegenwoordigers van de OVSE en woordvoerders van niet-gouvernementele organisaties (ngo's) in Armenië, Georgië en Azerbeidzjan lieten horen.

De OVSE, samengesteld uit 55 lidstaten waaronder de VS en Rusland, is een facilitaire organisatie die niet dirigeert bij het zoeken naar oplossingen, laat staan dat zij druk uitoefent op rivaliserende partijen. Vrij vertaald: als een land zich niet enigszins coöperatief opstelt, verandert de OVSE al snel in een tandeloze tijger. Exemplarisch is de wijze waarop de president van Oezbekistan, Karimov, afgelopen zomer een OVSEdelegatie onder leiding van De Hoop Scheffer met minachting bejegende.

Karimovs houding – in het verleden vaker vertoond door totalitaire staatshoofden – wordt vermoedelijk ook ingegeven door de spagaat waarin het Westen na 11 september 2001 is beland. Zo wordt bij herhaling geroepen dat landen als Oezbekistan, Georgië en Azerbeidzjan moeten democratiseren, maar op het zelfde moment beseffen de VS en de NAVO-partners dat die landen door hun olievoorraden en/of strategische ligging van economisch en militair belang zijn. In dat spanningsveld verwordt de OVSE makkelijk tot een speelbal.

Ontluisterend was de boodschap die De Hoop Scheffer kreeg van Leila Yunus, directeur van het Instituut voor Vrede en Democratie in Azerbeidzjan. Van de zeshonderd OVSE-waarnemers hadden er volgens haar slechts 188 de met intimidaties en geweld omgeven parlementsverkiezingen durven kritiseren; de overige waarnemers zouden zich met het oog op de oliebelangen van hun eigen land mild hebben opgesteld. De politieke leiders in de Kaukasus zullen pas luisteren als een dreigender toon wordt aangeslagen, bezwoer Yunus.

Met de NAVO valt beduidend minder te spotten, weten de staatshoofden in Centraal Azië en de Kaukasus. Veelzeggend is dat zowel Armenië als Azerbeidzjan de toekomstig secretaris-generaal dringend verzocht de kwestie Nagorno-Karabach op te lossen, terwijl de OVSE en de speciaal daartoe opgerichte Minsk-groep al bijna een decennium vruchteloze pogingen ondernemen vrede te brengen in de oorlog rond deze deelrepubliek. Ten overvloede wees de Azerbeidzjaanse president Alijev op De Hoop Scheffers 'powerful position'.

De weerzin tegen morele waakhonden als de OVSE ten spijt raken ook de landen in de Kaukasus er steeds meer van doordrongen dat hun geluk uiteindelijk in het westen ligt. Nauwere banden met de EU zijn gewenst om de eigen economie te prikkelen, die als gevolg van het wegvallen van de sovjet-coöperaties is ingezakt. Bovenal is het echter de toenemende assertiviteit van Moskou op het internationale politieke podium die de Kaukasische landen motiveert aansluiting te zoeken bij Europa's transatlantische connectie.

De flirt met EU en NAVO kon ook De Hoop Scheffer niet ontgaan. Zo ongeïnteresseerd en hautain als Karimov hem in de zomer had ontvangen, zo gretig en bereidwillig rolden Armenië, Georgië en Azerbeidzjan vorig week de rode loper voor hem uit. Alsof ze beseften dat wie zaken wil doen in de politieke arena, de belangrijkste militaire alliantie niet tegen zich in het harnas kan jagen.

Op 1 januari neemt Jaap de Hoop Scheffer als secretaris-generaal zijn intrek in het NAVO-hoofdkwartier in Brussel. Armenië, Georgië en Azerbeidzjan lieten blijken dat ze reikhalzend naar dat moment uitzien. Het is alleen de vraag hoe hoog De Hoop Scheffer tegen die tijd de Kaukasus op zijn agenda heeft staan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden