Kaspar sluit noodlottig verbond met de taal

Kaspar van Peter Handke door Art & Pro. Regie: Frans Strijards. Muziek: Boudewijn Tarenskeen. In: Rozentheater Amsterdam, 10 april. Herhaling t/m 26 april....

MARIAN BUIJS

Wat kan taal met iemand doen? Kaspar Hauser, de 16-jarige die in 1828 plotseling opdook en niet kon spreken en nauwelijks bewegen, is een gewild object voor schrijvers. Dat hij na vijf jaar dood werd aangetroffen, voedt de gedachte dat iemand die leert spreken gedwongen wordt zich aan te passen aan de heersende normen.

Dat taal een destructief machtsmiddel is wil ook Peter Handke aantonen in Kaspar. De schrijver toont op een abstracte, poëtische manier de manipulaties die met woorden uitgehaald kunnen worden. Regisseur Frans Strijards heeft de tekst flink ingekort en gekozen voor een clowneske, afwisselende mise-en-scène als tegenwicht van de verregaande abstractie van Handke.

Strijards laat de titelrol spelen door een actrice. En in haar voddige gebloemde jurkje is Trudy de Jong de ontvankelijkheid zelf. Ze kent maar één zin: 'Ik wou graag net zo worden als vroeger een ander geweest is.' Zonder zich te bekommeren om de betekenis, komen die woorden stamelend over haar lippen. En al even onbeholpen zijn haar bewegingen. Verbaasd als een kind kijkt ze om zich heen.

Achter haar breken vier spookachtige figuren door de papieren achterwand, streng in het zwart, met witte gezichten en rode lippen. Ze bekogelen haar met zinnen en verleiden haar tot spreken, pas dan krijg je immers greep op de chaos. Nieuwgierig stapt Kaspar op ze af en als zij hun uitgestoken hand grijpt, is het alsof dit onopgesmukte wezen een noodlottig verbond sluit met de taal zelf. Strijards zet haar vier belagers neer in verrassende tableaus. Als schokschouderende gedrochten lopen ze achter piepkleine kinderwagentjes, en als boosaardige clowns kijken ze toe hoe het meisje verstrikt raakt in alles wat ze tegenkomt.

Zodra Kaspar leert spreken en de grammaticale regels onder de knie krijgt, volgt haar brein een heel eigen logica. 'Vliegen lopen over het water maar bezadigd.' Of: 'De veroordeelde springt een gat in de lucht maar deskundig.' Handke toont hoe bizar taal eigenlijk is als je de grammatica toepast, maar de betekenis negeert.

De vier musici voegen zich moeiteloos in dit spel. Boudewijn Tarenskeen componeerde muziek die een vanzelfsprekende eenheid vormt met de taal en de beweging. De stemmen van de spelers worden soms akoestisch versterkt met echo's waardoor tekst en muziek nog meer gelijkwaardig worden.

Natuurlijk krijgt de taal Kaspar klein. 'Met de eerste zin ben ik er al ingelopen', zegt de actrice kleintjes. Tegen wil en dank past ze zich aan. Tot slot herinnert ze zich hoe ze ooit geloofde in de toverkracht van het woord: alles wat ze sneeuw noemde kon ook in sneeuw veranderen. Als het tegendeel blijkt, gaat ze haar omgeving wantrouwen en raakt ze zichzelf kwijt.

De Jong maakt die overgang bijna voelbaar. Dat de spanning in het tweede deel van de voorstelling wat wegzakt, wordt goedgemaakt door dat roerende slot. Anders dan in eerdere rollen toont Trudy de Jong een ongekunsteldheid die ik nooit eerder zo van haar zag. Zij is het hart van de voorstelling. Levend, aandoenlijk en weerloos.

Marian Buijs

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden