Kappen met dat gevaarlijke ooibos

Tevredenheid was er alom toen in de Millingerwaard spontaan een bos groeide. Helaas levert het gevaar op: de rivier kan niet meer weg....

Velen zullen dit najaar grote ogen opzetten als de bomenrooimachines in de Millingerwaard verschijnen. Wat moeten die gevaartes in dit natuurgebied van wilgen, eiken, meidoorns en grote grazers?

De Millingerwaard tussen Nijmegen en de Duitse grens is het grote voorbeeld van spontane natuurontwikkeling op voormalige landbouwgrond langs de Waal. Galloway-runderen en konikspaarden vreten aan het vele groen, zodat de natuur zich voortdurend kan verjongen.

Maar in de Millingerwaard kunnen de grazers het groen niet onder controle houden; op sommige plekken zijn de wilgenbomen tot bossen uitgegroeid. De natuurbeheerders in het gebied, Staatsbosbeheer, het Wereld Natuur Fonds en Stichting Ark, vinden deze ooibossen, die grote delen van het jaar met hun wortels en stammen in het water staan, een mooie variant naast de rivierduinen en hobbelige graslanden.

Maar Rijkswaterstaat is er minder over te spreken, zo bleek uit de brief die Staatsbosbeheer eind vorig jaar kreeg. Het was Rijkswaterstaat opgevallen dat de Waal bij het natuurgebied niet vlotjes kan doorstromen bij hoogwater, maar dat de ooibossen een opstuwing van drie centimeter veroorzaken.

Dit moet worden opgeheven, eiste Rijkswaterstaat. Anders komt de veiligheid in het gedrang. Als de rivier bij extreem hoogwater, zoals in 1993, 1995 en 1998, veel water te verstouwen krijgt, neemt de druk op de dijken toe. En dat kan in dijkdoorbraken en overstromingen eindigen.

Sindsdien studeren rivierecologen van de Radboud Universiteit Nijmegen en de natuurbeheerders in de Millingerwaard op een oplossing. Ze menen die gevonden te hebben in de zogeheten 'cyclische verjonging'.

Vrij spel

'We bootsen de processen na van een rivier die vrij spel heeft', zegt prof. dr. Toine Smits, de bedenker van het cyclisch verjongen. Hij is als watermanagementspecialist verbonden aan de Nijmeegse universiteit.

'Rivieren in Midden-en Oost-Europa zoals de Vestula, Donau, Tizla, Elbe en Wolga zijn veel natuurlijker dan de Waal en beuken af en toe bij hoogwater dwars door een ooibos langs de rivier. Met enorme kracht schuren ze een geul in het bos, zodat het water erdoorheen kan. In de uiterwaarden van de Waal in de Millingerwaard liggen ook wel waterplassen, maar echte nevengeulen die bij hoogwater voor een versnelde afvoer kunnen zorgen, zijn er niet', zegt Smits.

De geulen moeten alsnog worden gegraven, zeggen de deskundigen. Om dat mogelijk te maken, moet eerst acht hectare bos worden gekapt. 'Niet alleen een brede strook ooibos gaat tegen de vlakte, er worden ook gaten gemaakt in de barricaden in de uiterwaarden die een vrije doorgang van het water belemmeren. Nu al wordt een kade verlaagd zodat de Waal eroverheen kan gutsen als het water in de rivier hoog staat', zegt Theo Meeuwissen van Staatsbosbeheer. Door het kappen en de kadeverlaging kan de wateropstuwing van drie centimeter ongedaan worden gemaakt.

Ecoloog Johan Bekhuis is sinds 1993 namens Stichting Ark betrokken bij de ontwikkeling van de riviernatuur in de Millingerwaard. Hij heeft de rivierduinen zien groeien, de afzetting van rivierzand op de oevers van de Waal, de bevers zien komen en de kudden Galloways en koniks zien uitbreiden.

Hij zal de bulldozers en rooimachines deze herfst met gemengde gevoelens gadeslaan. Maar net als Staatsbosbeheer wil hij Rijkswaterstaat niet voor de voeten lopen. 'We willen meewerken om de veiligheid bij hoogwater te vergroten. Maar het kappen moet dan wel zo gebeuren dat de natuur zo min mogelijk schade oploopt.'

Meanderen

Bekhuis laat tijdens een wandeling door dichte begroeiing zien wat hij daarmee bedoelt. 'De geul laten we zo meanderen dat er een hoger gelegen eiland ontstaat. Dan kunnen we die ene eik behouden en sparen we de meer bijzondere meidoorn en rode kornoelje. Er is ook op gelet dat de beverburcht er bij het kapgeweld niet aan gaat.'

'Eigenlijk was de Millingerwaard nog niet af', stelt prof. Smits. 'Het project is in 1993 begonnen met de aankoop van landbouwpercelen. Grond zou uit de uiterwaarden worden gegraven en met de verkoop van klei en zand zou een deel van de kosten worden betaald. Het idee was dat er zand en klei zouden worden afgegraven als er markt voor was. Winning en verkoop bleken niet goed op elkaar aan te sluiten en daardoor is het project nooit helemaal uitgevoerd. In feite wordt met het graven van de nevengeulen achterstallig werk uitgevoerd .'

Maar de plannen voor de geul liggen nog niet op tafel. Eerst moet een ontgrondingsvergunning worden aangevraagd en moet bekeken worden hoeveel de afgegraven klei gaat opbrengen en of die geschikt is voor baksteen of een ander doel. Op zijn vroegst zal het graven in 2006 kunnen beginnen.

In de uiterwaarden van de grote rivieren zoals de Maas, Rijn, Waal en IJssel verschijnt steeds vaker natuur. Meestal gaat het om marginale landbouwgrond waar boeren gemakkelijk afstand van doen.

Smits: 'We hadden geen idee wat daar ging gebeuren. Dat weiland ooibos werd, hadden we niet voorzien. We hebben absoluut onderschat dat uiterwaarden massaal zouden dichtgroeien.'

Staatsbosbeheer vermoedt dat het kappen van ooibos dan ook niet beperkt blijft tot de Millingerwaard. Over twintig jaar zullen de snelgroeiende wilgen en populieren ook in andere riviernatuurgebieden tot twintig meter of meer zijn gegroeid en zal Rijkswaterstaat ze beschouwen als ongewenste obstakels die de snelle afvoer bij hoogwater belemmeren.

De Millingerwaard wordt als test beschouwd. Daarom wordt er een handboek gemaakt, een ontwikkelingsmodel waarin natuur en veiligheid langs de rivier samengaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden