Kapitein Boe

De Deen Christoffer Boe maakte gewaardeerde maar bizarre films voor een kleine groep liefhebbers. Nu is er zijn eerste film voor het grote publiek.

Ze noemen zich 'Hr. Boe & Co', de Deense regisseur Christoffer Boe (spreek uit: Bo) en zijn vaste filmcrew. Tijdens hun studie aan de National Film School in Kopenhagen, ruim tien jaar geleden, bedachten ze die naam voor hun eigen filmcollectief: cameraman, producent, editor, geluidsontwerper, met kapitein Boe aan het roer.


Op het stoïcijnse gelaat van de regisseur, een uitstraling die wordt versterkt door de bril met dik, zwart montuur, verschijnt een kleine glimlach wanneer hem naar de oorsprong van die naam wordt gevraagd. 'We zijn filmpiraten', zegt Boe (39) eind januari tijdens zijn bezoek aan het International Film Festival Rotterdam.


Ook hun nieuwste film Spies & Glistrup, een prettig uitzinnige biopic over de levens van twee Bekende Denen - de excentrieke, hedonistische luchtvaartpionier Simon Spies en zijn malafide advocaat en de latere extreemrechtse politicus Mogens Glistrup - wordt met veel bravoure aangekondigd met 'Hr. Boe & Co'.


Zo'n naam verzin je wanneer je als studenten vol branie de wereld wilt veroveren. Is dat nog steeds het geval?

'Ja. We zijn heel ambitieus.'


Verwarren mensen dit wel eens met arrogantie?

'Ja.'


Is dat terecht?

'Wanneer je ambitieus bent, moet je je bewust zijn van je capaciteiten. Ons doel is duidelijk: werken in de frontlinie van interessante cinema. Ik weet niet zeker of we dit momenteel doen, maar we zijn ertoe in staat.'


Waaruit bestaat die frontlinie?

'Uit filmmakers die in staat zijn om zich een genre eigen te maken. Ik geloof dat de levensaders van cinema zich bevinden bij de genres en hun conventies en regels: actie, thriller, horror, noem maar op.


'Wanneer je de regels van het genre naar je toe trekt en ze persoonlijk maakt, door gebruik van een specifieke verhaalvorm of visuele stijl, is het mogelijk om aan alle films die al zijn gemaakt, iets fris en eigens toe te voegen.'


De carrière van Boe maakte elf jaar geleden, in Cannes, een vliegende start. Zijn film Reconstruction, een complexe, uniek vormgegeven uiteenzetting van de wijze waarop een fotograaf de herinnering aan zijn ex-geliefde tracht te verdringen, werd bekroond met de Caméra d'Or voor het beste debuut en trok langs festivals wereldwijd.


Onder de vlag van zijn eigen filmproductiebedrijf Alphaville, vernoemd naar de film van Jean-Luc Godard ('de meester van moderne cinema'), maakte hij vervolgens in hoog tempo de ene na de andere film. Allegro, Offscreen, Everything Will Be Fine, Beast: films over obsessieve relaties, over de manier waarop mensen verhalen nodig hebben om de realiteit vorm te geven, over de onbetrouwbaarheid van herinneringen. Films voor een niche, ook.


Per film leek zijn werk lastiger te doorgronden. Boe: 'Ik schoot door in mijn drang om een stempel op mijn films te drukken. Ik rekte de grenzen van een genre zo ver op dat mensen het genre niet meer herkenden. Het werd gewoon te vreemd, te klein, te esoterisch. Ik ontdekte dat mijn smaak voor wat grappig, interessant en mooi is niet door bijzonder veel mensen werd gedeeld - dat viel mij zwaar.'


Spies & Glistrup is komisch, het verhaal heeft een helder verloop, de visuele stijl staat in dienst van de personages. Vergeleken met de films die u tot nu toe maakte, heeft u het roer drastisch omgegooid. Waarom?

'Ik werd moe van mijzelf. Eerst wilde ik ook van de levens van de heren Spies en Glistrup (respectievelijk overleden in 1984 en 2008, red.) een vreemd verhaal maken. Het moest zich afspelen in een kasteel in het Land van de Doden. Daar moest dan een toneelstuk over hun leven aan de gang zijn. Een filmcrew gaat naar dat kasteel om het vast te leggen. Het scenario was grappig, vol meta-ideeën over film en de kracht van verhalen en ik kreeg het zelfs gefinancierd.


'Tijdens de repetitie met mijn twee hoofdrolspelers dacht ik: dit is niet de film die ik wil maken. Ik maak nu tien jaar films en geloof sterk in de noodzaak om minstens elke tien jaar iets volkomen nieuws te doen. Jezelf heruitvinden, als het ware. Dit soort films vol metaconstructies had ik inmiddels te vaak gemaakt.'


Hoe slaagde u erin uw experimenteerdrift dit keer te onderdrukken?

'Normaal gesproken volg ik een bepaalde gemoedstoestand, een gevoel waarin de film zich bevindt. Mijn film Allegro bedacht ik bijvoorbeeld volledig rond het beeld van een vrouw met lippenstift die van haar lippen druipt. Dat werd het belangrijkste onderdeel van het verhaal. Maar om zo'n beeld of specifieke persoonlijke fetisj gaat het niet in Spies & Glistrup. Het is een verhaal over twee dikke, lelijke, kale kerels. Het heeft totaal geen zin om dan met veel aandacht hun gezichten in beeld te brengen om een bepaald, ongedefinieerd gevoel aandacht te geven.


'Ik ben de films van iemand als David Fincher meer dan ooit gaan waarderen. Fight Club bijvoorbeeld, daarin wordt veel meer geëxperimenteerd dan in de gemiddelde obscure arthousefilm.'


Simon Spies en Mogens Glistrup zijn bekende Denen met opvallende levensverhalen. Waarom is er nooit eerder een film over hen gemaakt?

'Veel mensen wilden een film maken over Simon Spies. De Denen vinden hem grappig en excentriek. Hij is gek, maar op komische wijze. Hij is als een van de Grote Denen de geschiedenis in gegaan. Aan een film over Mogens Glistrup waagde niemand zich. Het is een racistische idioot, iedereen haat hem. Maar als filmpersonage is hij zeer komisch. Het was het eerste commerciële idee in mijn carrière om beide personages in één verhaal aan elkaar te koppelen.'


Vond u een manier om de film, een biopic, toch een beetje naar u toe te trekken?

'Een film van twee uur die twintig jaar van hun levens bestrijkt, levert per definitie een persoonlijke visie op: de rode draad die ik in de levens van beide mannen ontdekte, mijn verhaal. Tijdens het researchen vroeg ik mij af: wie waren ze?


'Het was mijn bedoeling een energieke, toegankelijke en plezierige film te maken, maar ik vroeg mij tijdens het maken ook af wie deze mannen echt waren, wat ik over ze kan zeggen dat op waarheid berust en waar de fantasie het overneemt. Dat zijn onderwerpen die in mijn vorige films ook voorkwamen, maar hier zijn ze toegankelijker opgediend.


'Toch hoop ik dat je tijdens het kijken af en toe denkt: er is iets vreemds aan de hand met deze film, hij is anders dan andere biopics.'


Epische omvang


Momenteel werkt Boe aan een wraakthriller, Revenge Me, die zijn eerste Engelstalige film moet worden. Hij richt het verhaal op 'tien krachtige scènes', geïnspireerd door de films van Sergio Leone. 'Ik wil kleine gebeurtenissen met filmische middelen opblazen tot epische omvang', zegt de regisseur. 'Denk maar aan de wachtende mannen op het treinstation aan het begin van Once Upon a Time in the West.' Het is de bedoeling dat de opnamen later dit jaar beginnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.