Kans op overlevenden is vrijwel nihil

Veel keuze had het crisisteam niet. Er was een veilige, maar langzame weg naar de slachtoffers en een snelle, maar gevaarlijke....

Volgens operatieleider Marcel Verspeeck waren er twee opties om bij de mannen te komen. De veiligste manier was om reddingswerkers de steiger van bovenaf te laten opruimen. Maar deskundigen hadden de commissie tegelijkertijd verzekerd dat het op deze manier zeven dagen zou duren voordat de slachtoffers werden bereikt. Medici achtten het vrijwel uitgesloten dat er over een week nog overlevenden zouden zijn.

Een andere, snellere weg naar de slachtoffers zou zijn om op ongeveer twintig meter hoogte een gat in de wand van de ketel te zagen, en daar doorheen reddingswerkers naar binnen te laten gaan. Het nadeel van deze operatie zou echter zijn dat de kans op verzakkingen en op nog meer ongelukken onzaglijk groot zou zijn. Te groot, oordeelde het team onder leiding van burgemeester Meijer, waarmee het lot van de vier vermisten zo goed als bezegeld werd.

Meijer: 'Het bleek de enige reële mogelijkheid te zijn. Dat te erkennen, is de moeilijkste beslissing geweest in mijn loopbaan als burgemeester.'

Nadat het besluit was genomen, liet burgemeester Meijer de families van de slachtoffers weten dat de kans dat hun naasten het ongeluk overleven nihil is.

Terwijl het crisisteam 's middags de knoop doorhakte, kwamen familie, vrienden en collega's van de slachtoffers naar de plaats van het ongeluk om meer informatie te krijgen.

Veel wijzer werden ze niet. Bezoekers en pers werden niet toegelaten en kwamen niet verder dan de poort van het enorme complex in Geertruidenberg. Ook van buitenaf viel er niet veel te zien. Het gebouw waarin de ketel staat, onttrekt ieder zicht op de reddingsoperatie.

Een van de bezoekers, Ali Sargodan, was naar de Amercentrale gekomen in de hoop meer te weten te komen over het lot van zijn collega's. De 31-jarige Rotterdammer van Turkse afkomst had op zondagochtend in de ketel aan het werk gemoeten.

Vier van de mannen die op de steiger aan het werk waren, zijn, net als Sargodan, Rotterdammers van Turkse afkomst. In ploegendiensten gritstraalden ze de aanslag op de binnenwand van de ketel. Ze deden dit in opdracht van het Rotterdamse aannemersbedrijf Hertel, dat voor energieproducent Essent de schoonmaakoperatie uitvoerde. Vier Amerikanen waren bezig nieuwe platen tegen de schoongemaakte stukken wand te lassen.

Het werk in de stoomketel was volgens Sargodan zwaar, en de omstandigheden waren onveilig. Zo was de tijdsdruk volgens hem groot: 'Hertel moest het werk op zondag af hebben, anders kreeg het bedrijf een boete. Als we op tijd klaar waren, zouden we allemaal een bonus van tweehonderd of driehonderd euro krijgen.'

Gevaarlijker nog was volgens Sargodan het grit van de gritstralers, dat op de planken van de steigers lag. Hij vermoedt dat het gewicht van dit grit de steigers heeft doen instorten.

Aannemer Hertel zegt nog niet te weten wat de oorzaak van het ongeluk is geweest. Directeur Knoll ontkent dat het bedrijf een boete had moet betalen als het werk niet op tijd af was.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden