Interviews

Kandidaat-kopers op Open Huizen Dag: ‘Het zoeken van een huis is een uitputtingsslag. Echt verschrikkelijk’

De spanning op de huizenmarkt is ook merkbaar op de Open Huizen Dag in Utrecht: steeds minder verkopers zetten hun deuren open. Drie kandidaat-kopers (en een verkoper) van een huis rond de 300 duizend euro vertellen over de stress van hun zoektocht. 

Beeld Rebecca Fertinel

De Open Huizen Dag is een handige manier om op een vrije zaterdag in korte tijd veel koopwoningen te bezichtigen. Het is ook een barometer voor de spanning op de huizenmarkt. Hoe meer vraag naar huizen, hoe minder verkopers de neiging hebben om hun deur een dag lang open te zetten voor een bezichtiging zonder afspraak. 

In crisisjaar 2012 zetten 56 duizend huiseigenaren hun voordeur op een kier, gemiddeld in de edities in het voorjaar en najaar. Met het aantrekken van de economie gebeurde dat steeds minder vaak. In 2015 waren het er 43 duizend, in 2017 20 duizend en afgelopen zaterdag een magere 12.500. Volgens de NVM waren afgelopen weekeinde 65 duizend huizenkopers op pad. 

Anouk Engelbertink (24, HR-medewerker) en Bram Tankink (31, salesmanager bij energieopslagbedrijf The Battery), huurders in Amsterdam:

Beeld Rebecca Fertinel

‘Het zoeken van een huis is een uitputtingsslag’, zegt Anouk Engelbertink. ‘Echt verschrikkelijk. We zijn nu een half jaar aan het zoeken. We hebben momenten gehad dat je met vijftien stellen tegelijk in een huis staat. Het is kijken en gelijk beslissen. Anders vis je achter het net.’

Vooral in de prijsklasse rond de 300 duizend euro is het ‘een gekkenhuis’ zegt haar vriend Bram Tankink. ‘Kijk je naar iets duurders, van zo’n 4,5 ton, dan is er wel wat meer kalmte. We hebben wel besloten alsnog een aankoopmakelaar in de arm te nemen. Die heb je wel nodig om er tussen te komen.’

Engelbertink: ‘Je moet weten dat een huis te koop staat, al vóór het op Funda staat.’

Tankink: ‘De makelaars zeggen het zelf ook: we spelen het aanbod eerst lekker aan elkaar door en zetten het pas dan op internet.’

Engelbertink: ‘Van de huur die wij nu betalen in Amsterdam kun je makkelijk een hypotheek betalen. Het zou zelfs een stuk goedkoper zijn.’

Tankink: ‘Wat de prijs betreft zitten we nu tegen de top van de markt aan, denken we. Waarschijnlijk zullen de prijzen nog iets oplopen. Pas dan zal de groei iets afvlakken. Maar ja, de rente is laag. Dus met je maandelijkse hypotheekbedrag los je relatief veel af van je koopsom. En de markt zal echt niet instorten. Maar gouden bergen verdienen met je woonhuis, zoals eerdere generaties, dat maken wij niet meer mee.’

Carlijn Borghans (26, interieurarchitect) en Jeroen Brouwer (28, chefkok), huurders in Utrecht:

Beeld Rebecca Fertinel

Uiteindelijk zal het wel lukken, hoopt Jeroen Brouwer. ‘Zelfs in Utrecht. We merken wel dat het heel lastig zal zijn om een goed en redelijk betaalbaar koophuis te vinden. Dat zal wel gelden voor iedere grote stad. We kijken nog wel hoe we het beter kunnen aanpakken. Als je alleen via Funda zoekt, loop je achter op andere kopers. Dat voelen we al.’

Ze zitten nu nog in de verkennende fase, vertelt vriendin Borghans. ‘In welke buurt willen we wonen? Welk type huis spreekt ons aan? Als we straks echt precies weten wat we willen, is het zaak om snel toe te kunnen slaan. Als je iets ziet wat je werkelijk aanstaat, moet je onmiddellijk een goed bod kunnen uitbrengen.’

Brouwer: ‘We willen een koophuis omdat kopen goedkoper is dan huren. Want de huurprijzen zijn nu belachelijk hoog. Ik huur 37 vierkante meter voor 750 euro per maand. We verwachten dat een hypotheek veel gunstiger zal uitpakken. En het voordeel is ook nog: je gooit geen geld weg richting een huisbaas.’

Borghans: ‘Ze zeggen dat de prijzen iets minder snel oplopen nu, dat de markt iets aan het afvlakken is. Maar dat vraag ik me af. Er is nog steeds heel weinig aanbod van koophuizen en heel veel vraag.’

Brouwer: ‘Je concurreert ook nog eens met beleggers, die kopen om te verhuren. Een plicht tot zelfbewoning van koophuizen zou gewone kopers enorm helpen. ’

Kyryl Lashun (marketeer bij een chemiebedrijf in Amsterdam), huurder in Utrecht:

Beeld Rebecca Fertinel

De Nederlandse huizenmarkt wordt door Kyryl Lashun omschreven als ‘intens’. Vervelend, maar wel begrijpelijk, vindt hij. ‘De hypotheekrente is laag. Het tekort aan huizen is groot. De economie is sterk. Mensen hebben vertrouwen dat ze hun werk wel zullen houden. En ze bieden niet met eigen geld, maar met geleend kapitaal. Dat telt ook mee.

‘De prijzen ontwikkelen zich nu door opstapeling. Elke verkoop is de referentie voor een volgende verkoop. Via Calcasa (een bedrijf voor online woningtaxaties, red.) zien mensen wat er wordt betaald voor de huizen in hun straat. En dan wordt de vraagprijs van het buurhuis weer een stukje hoger. Dat stopt pas als mensen zich die prijzen echt niet meer kunnen veroorloven. Of als ze vinden dat het te gek wordt, te competitief. Dan zullen ze hun zoektocht verbreden en een stad als Utrecht verlaten. Dan kiezen ze voor bijvoorbeeld Nieuwegein.’

Wat Lashun inmiddels wel duidelijk is geworden in Utrecht: ‘Je moet hoger bieden dan de vraagprijs. Ook moet je de verkoper er meteen van overtuigen dat je je financiën op orde hebt. Dat zij er ook echt op kunnen vertrouwen dat jij het huis zonder problemen zult afnemen. Het zal ook in je voordeel zijn als jij zelf ook een makelaar hebt. Het is nu eenmaal zo: een makelaar vertrouwt een makelaar. Wie de bieding wint, is blij. Maar hij wordt ook gestraft. Hij moet dat hoge bedrag dan ook echt betalen.’

Stefan Spraakman (34, applicatiebeheerder), doet als verkoper mee aan de Open Huizen Dag met zijn appartement in Utrecht. 

De vraagprijs van Stefan Spraakmans appartement: 299 duizend euro. Hij verhuist met zijn vriendin naar een groter huis in dezelfde stad. ‘De bezoekers op deze Open Huizen Dag zeggen allemaal hetzelfde. Er is zo ontzettend weinig te koop. Wij vonden het vinden van een volgend koophuis ook heel lastig, op het frustrerende af. Dan liep je wéér met drie koppels tegelijk door een huis. We hebben zo’n dertig huizen bezichtigd. De eerste paar keer waren we te naïef. Dan dachten we: hier gaan we eens rustig over nadenken. Maar dan was zo’n huis natuurlijk al lang weg.

‘Daarna hebben we het serieuzer aangepakt. Uiteindelijk hebben we zeven keer een bod uitgebracht. Onze biedingen hebben we niet beperkt tot alleen een bedrag plus voorwaarden. We schreven in de mail ook wie we zijn, waarom we zo enthousiast waren over het huis en deden er ook foto’s van onszelf bij. Dat heeft ons denk ik wel een beetje geholpen. Ons nieuwe huis hebben we uiteindelijk gekregen met een bod van 20 duizend euro boven de vraagprijs.

‘Als je wat verkoopt, maakt het niet zoveel uit wanneer je koopt. Krijg je meer voor je huis, dan betaal je voor je volgende huis ook meer. En andersom. Je kunt het toch nooit helemaal goed timen. Pas later zal blijken of je wat meer of wat minder geld in de stenen hebt zitten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden