Kan Somaliland een einde maken aan de uittocht van jongeren naar Europa?

'Die mooie auto's en huizen waarvoor de migranten poseren, zijn niet van henzelf, hoor. Ze mogen ze alleen maar schoonmaken. De jongens die hun leven wagen in de woestijn en op de Middellandse Zee zijn sukkels.' Somalische jongeren blijven maar naar Europa vertrekken, maar er lijkt sprake van een kentering.

Een man springt letterlijk de grens over van Somaliland naar Ethiopië. Controle wie de grens passeert, is er nauwelijks. Beeld Sven Torfinn

Wil je soms gaan schoonmaken of afwassen in Europa, net als de Ethiopische migranten bij ons doen?'

Ismail Aden, directeur van het jeugdcentrum SOSTA in Borama, confronteert de jongeren in zijn stad graag met de harde realiteit van illegale migratie. 'Ze verwachten dat ze in Europa met hun diploma's mooie kantoorbanen kunnen krijgen, maar als ze de tocht al overleven, belanden ze in baantjes waarvoor ze hier hun neus ophalen.'

In het krappe gebouwtje aan het hobbelige zandweggetje vol keien en afval, vlak naast de moskee, is deze avond de jeugd van Borama bijeengekomen om te debatteren over de voor- en nadelen van illegale migratie. Aan de muren hangen de bekende foto's van overvolle rubberboten en drenkelingen op de Middellandse Zee. 'Illegale migratie is de verkeerde keuze', zo valt erop te lezen voor wie de boodschap nog niet had begrepen.

Vanachter de lange tafel staan vier sprekers een voor een op om de zaal te overtuigen. 'Laat je niet misleiden door de opgepoetste verhalen op Facebook en andere sociale media vanuit Europa. Die mooie auto's en huizen waarvoor de migranten poseren, zijn niet van henzelf, hoor. Ze mogen ze alleen maar schoonmaken', roept Sareedo tot hilariteit van de andere studenten. 'De jongens die hun leven wagen in de woestijn en op de Middellandse Zee zijn sukkels', vervolgt ze, terwijl ze haar felrode hoofddoek schikt. 'Laten ze hier iets opbouwen, voor hun land.'

In Borama, de tweede stad van Somaliland vlak bij de Ethiopische grens, kent iedereen wel een jongen of meisje dat de oversteek naar Europa heeft gewaagd of dat van plan is te gaan doen. En iedereen kent ook nabestaanden van de vele honderden die de tocht niet hebben overleefd. Vorig jaar nog verdronken 27 jongeren uit dezelfde buurt bij een van de scheepsrampen op de Middellandse Zee. Illegale migratie - Tahriib, zoals de Somaliërs het noemen - en de bijbehorende rouw zijn niet meer weg te denken uit de straten van Borama.

Meer weten?

Wat drijft jongeren uit Somaliland naar Europa? Scroll hier door een foto- en videobeelden van het land zonder toekomstperspectief.

Somalië behoort al jaren tot de toptien van belangrijkste toevoerlanden van illegale migranten in Europa. De migranten komen voornamelijk uit de relatief stabiele deelstaat Somaliland, die zichzelf na de burgeroorlog in 1992 onafhankelijk verklaarde, en niet zoals te verwachten valt uit het door de Islamitische terreurorganisatie Al Shabaab beheerste zuiden. Elke maand vertrekken ten minste driehonderd jongeren op hun gevaarlijke reis naar Europa, velen met diploma's op zak. Hun belangrijkste doel: geld terugsturen naar de familie thuis.

Achter het muurtje bij de voetbalclub, buiten het zicht van familie, delen Somalische jongens in Hargeisha Facebookberichten van vrienden die de overtocht naar Europa hebben gemaakt. Beeld Sven Torfinn

Het is niet de armoede die jongeren naar Europa duwt, maar het gebrek aan perspectief. 70 procent van de bevolking in Somaliland is onder de 27 jaar en liefst 84,2 procent van die jongeren zit werkloos thuis. Overheidsbanen zijn schaars en alleen te krijgen via de juiste familierelaties. Private investeringen ontbreken nagenoeg omdat Somaliland niet wordt erkend als zelfstandig land door de internationale gemeenschap en daarom feitelijk is afgesloten van de kapitaalmarkt.

Tekst gaat verder onder de video.

Diploma's zijn waardeloos omdat er geen banen zijn die aansluiten op de talloze academische studies die jongeren door het overschot aan private universiteiten krijgen aangeboden.

Mohamed Essa (30) heeft alle hoop verloren, vertelt hij in een theestalletje op het plein rond het neergestorte gevechtsvliegtuig dat als nationaal oorlogsmonument dient in Hargeisa, de hoofdstad van Somaliland. Essa is afgestudeerd in politicologie en internationale betrekkingen. 'Ik ben geduldig geweest, maar na vijf jaar oeverloos solliciteren ben ik uitgeput. Ik zie het niet meer zitten. Ik leef als een parasiet bij mijn moeder, terwijl ik als oudste zoon voor haar zou moeten zorgen. Hoe kan ik ooit zelf trouwen en een gezin stichten zonder inkomen?'

De kentering

De overheid van Somaliland ziet de uitstroom van talentvolle en gediplomeerde jongeren met lede ogen aan. 'Wij hebben nog geen oplossing ', erkent Ahmed Abokor Mahamed van het ministerie van Informatie in Hargeisa. 'We organiseren bewustzijncampagnes op scholen om jongeren te wijzen op de gevaren van Tahriib, maar het lijkt niet te helpen. Ze blijven gaan. Het is doodzonde. De miljoenen dollars die ze aan smokkelaars betalen, zouden ze in Somaliland moeten steken.'

Yahya Abdirachman Moumin (24) begrijpt wel waarom jongeren blijven gaan. 'Somaliërs zijn stronteigenwijs en niet bang uitgevallen. Ook al waarschuwt iemand voor gevaren, dan willen we toch eerst even zelf een kijkje nemen.' Abdirachman Moumin spreekt uit ervaring. Zijn broertje is ondanks zijn vele waarschuwingen toch vertrokken en zit nu vast in Libië. Hoewel hij zich zorgen maakt, is hij bovenal woedend. 'Hij zet zijn leven op het spel, maar zelfmoord is haram (verboden, red.) volgens de islam. Nu moet mijn vader 5.500 euro zien op te hoesten. En dan? De smokkelaars laten hem niet teruggaan. Ze zullen hem de boot opduwen en hij zal sterven op zee.'

Toch is er wel degelijk sprake van een kentering. Vorig jaar vertrokken beduidend minder jongeren naar Europa, 'hooguit 3.500', zegt de overheid. De horrorverhalen over de tocht door de Sahara, de martelingen in Libië en de duizenden doden op de Middellandse Zee maken toch ook indruk in Somaliland, evenals de verhalen over toenemende aversie tegen migranten in Europa en de lange wachttijden in asielzoekerscentra.

In het theehuis

In een theehuis in Buroa, een handelsstadje in het oostelijke nomadengebied van Somaliland, vertelt Yassin Abdilahi Aydid (22) hoe hij terugkwam op zijn plan om te vertrekken. 'Ik wilde naar Europa omdat ik een goede opleiding wilde die me dezelfde carrièrekansen zou geven als de jongeren daar. Ik wilde niet net als al die andere afgestudeerden hier werkloos in een theehuis zitten en op de zak van mijn ouders teren. Maar toen ik meer informatie ging inwinnen en hoorde over alle risico's, kwam ik tot de conclusie dat dit een zelfmoordactie zou worden. En voor wat? Je bent in Europa niet eens meer welkom als migrant.'

Nu, drie jaar later, is Abdilahi Aydid blij dat hij niet is vertrokken. Van zijn vrienden die de overtocht wel hebben gewaagd, hoort hij dat ze nog steeds in asielzoekerscentra zitten en zich kapot vervelen. 'Ze slapen de hele dag en zitten op hun telefoon. Zonde van de tijd.' Het gevoel van opluchting werd nog sterker toen hij tot zijn afschuw hoorde dat zijn beoogde reisgenoot voor de kust van Libië is verdronken. 'Ik had zelf op de bodem van de zee kunnen gelegen.'

Zijn studie rechten heeft hij inmiddels voltooid, nu moet hij solliciteren. 'Dat wordt nog wat', lacht hij charmant. 'Een diploma in Somaliland heeft twee gezichten: de ene kant vertelt welke studie je hebt voltooid, de andere wie je bent, uit welke familie en welke clan je komt. Niemand kijkt hier naar wat je kan, alleen je afkomst bepaalt of je een baan krijgt.'

Nimo Harun (40) uit Borama met een foto van haar zoon die is vermist tijdens zijn reis naar Europa. Beeld Sven Torfinn

Clancultuur

De sterke Somalische clancultuur vormt een belangrijke obstakel voor de jeugd. Wie niet tot de juiste familie hoort, maakt geen kans op een baan bij de overheid of bij de weinige private ondernemingen in Somaliland. Nog schrijnender voor de jongeren is het dat alle belangrijke politieke posities worden ingenomen door teruggekeerde vluchtelingen uit Europa en de Verenigde Staten, de zogenoemde 'diaspora'. Dat sterkt de jongeren ook weer in het idee dat je eerst in het Westen geweest moet zijn om ooit in Somaliland aan de bak te komen.

De diaspora vormen zo ongewild een belangrijke factor voor de uittocht vanuit Somaliland naar Europa. Somalische jongeren willen de kans om een goede studie te volgen, een mooie baan te vinden en de wereld te ontdekken net als hun westerse leeftijdsgenoten. Dat laatste vereist een paspoort of visum waarmee gereisd kan worden. Met jaloezie wordt gekeken naar de ruim 2 miljoen vluchtelingen die Somalië in de jaren negentig na de burgeroorlog hebben verlaten, en die nu grotendeels legaal in Europa, Kenia, de Verenigde Staten en Canada verblijven.

De voormalige oorlogsvluchtelingen en hun inmiddels volwassen kinderen sturen jaarlijks zo'n een miljard euro naar het thuisland, waarmee ze veruit de belangrijkste inkomstenbron van Somaliland vormen. Bovendien keren de 'diaspora' nu steeds vaker terug naar het thuisland voor vakantie of zelfs om zich er weer te vestigen, waarmee ze - ongewild - de achterblijvers de ogen uitsteken met hun erkende paspoort, westerse opleiding, carrière en geld.

Schoenenpoetsers

Na de siësta en de afkondiging van het namiddaggebed die vanuit de vele minaretten over de stad schalt, stromen rond vier uur de terrassen vol in Borama. Op de drukke ongeasfalteerde straat passeren karren en ezels met handel, op de stoep overleven de Ethiopische migranten met schoenenpoetsen. Aan de theetafels bespreken de werkloze jongeren hun toekomstdromen - dienstbare baantjes zoals schoenenpoetsen, kappen of serveren komen daarin niet voor. De jeugd in Somaliland wil niet dienen, sloven in een fabriek of zich afbeulen op het platteland zoals hun ouders deden. Ze wil een nette kantoorbaan, zoals hun vrienden in Europa hen laten zien op Facebook.

De talloze private universiteiten in Somaliland spelen gretig in op de westerse dromen van de jeugd. Alleen al in Hargeisa zijn twintig internationale instituten die academische studies aanbieden als business administration, architectuur of accountancy. Het is vooral theorie, veel jongeren blijken nog nooit een Excel-bestand te hebben gezien of hun kennis anderszins in praktijk te hebben kunnen brengen. Stages zijn er niet, kantoorbanen evenmin, zoals te verwachten valt in een straatarm land met een budget van 309 miljoen dollar - krap genoeg voor de salarissen van slechts 16 duizend ambtenaren - en een vrijwel ontbrekende private sector. Desondanks blijven jaarlijks meer dan vierduizend jongeren met nutteloze academische diploma's de universiteit verlaten - evenveel als er ongeveer op Tahriib gaan.

'Somaliland heeft meer niet-academici nodig', zegt directeur Ismael Aden van jeugdcentrum SOSTA. 'Iedereen wil hier een kantoorbaan, maar er is een schreeuwend tekort aan technici en vaklui. Die moeten we nu invliegen uit India en Bangladesh.' Aden besloot in 2013 zijn succesvolle baan als hr-consultant in Londen op te zeggen en met zijn gezin terug te keren naar Somaliland. 'De tragedies op de Middellandse Zee gaven voor mij de doorslag. Ik wilde iets terugdoen voor mijn land en jongeren alternatieven aanreiken. Met het geld dat je een smokkelaar betaalt, kun je hier makkelijk een eigen bedrijf beginnen. De ondernemerskansen liggen voor het oprapen want er is hier vrijwel niets. '

In zijn jeugdcentrum in Borama probeert hij de jongeren te overtuigen dat ze ook in Somaliland een toekomst voor zichzelf kunnen creëren. Hij begon praktijkcursussen zoals elektrotechniek, henna aanbrengen en videoproductie, zodat jongeren met de opgedane vaardigheden een eigen bedrijf kunnen oprichten. Het loopt storm. Voor de komende cursussen mobiele-telefoonreparatie, banketbakkerij en loodgieterij zijn zelfs de wachtlijsten al vol. 'Ik moet mensen wegsturen', zegt Aden.

De eerste lichting geslaagde cursisten staat deze morgen te glunderen met hun diploma's voor de gouverneur van Borama. Sommigen zijn er al in geslaagd wat geld te verdienen met hun pas verworven kennis. Een meisje uit de hennaklas heeft klusjes bij familie en vrienden. 'Ik verdien 4 euro per keer', zegt ze trots, terwijl ze haar kunsten ijverig vertoont op de hand van een klasgenoot. Vier meisjes uit de videoproductieklas willen samen een bedrijf beginnen. 'Zodat we bruiloften en feesten kunnen filmen', zegt Amina Zahra (23) vanachter haar zwarte gezichtssluier. 'Onze feesten zijn gescheiden voor mannen en vrouwen, maar het zijn altijd mannen die bij ons komen filmen. Als een vrouw dat kan doen, kunnen we onze nikab afdoen en eindelijk echt ons eigen feest hebben', lacht ze.

Er is echter een probleem, zegt Zahra. 'Hoe komen we aan een camera?' Niemand in Borama heeft geld voor de opstartkosten van een bedrijf. Dat is de ontbrekende schakel in het programma, geeft Aden toe. 'We leren jongeren te denken in kansen, leren ze vaardigheden, maar het geld om te beginnen ontbreekt. Zo zijn we dus weer terug bij af.'

Het wachten is op de Nederlandse overheid. SOSTA ontvangt via de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) zo'n half miljoen euro van Nederland voor een periode van drie jaar, maar de betaling geschiedt in fases. Voordat de nieuwe cursussen kunnen beginnen, moet er eerst ergens in Den Haag een handtekening worden gezet.

Bij jeugdcentrum SOSTA in Borama volgen steeds meer jongeren technieklessen. Beeld Sven Torfinn

'Elke donor heeft nu eenmaal zijn eigen regels', zegt Liban Mohamoud Essa van het IOM diplomatiek. Hij wil een gegeven paard niet in de bek kijken, maar lastig is het wel, geeft hij toe. 'Nu ligt er een goed programma om de jeugd in Somaliland alternatieven te bieden, maar is er geen structureel geld om het tot ontwikkeling te laten komen. Laat staan dat er geld is om bedrijven te helpen met beginnen.' Zonder toegang tot leningen blijft het vliegwieleffect uit, vreest hij.

Zahra hoopt het geld voor haar videocamera bij elkaar te krijgen via crowdfunding. 'Met hulp van bedrijven, familie en diaspora komen we wellicht een heel eind', zegt Aden. 'Als het families lukt om het geld voor smokkelaars bij elkaar te brengen, zouden ze dat in theorie ook voor het bedrijf van hun kind kunnen doen. Maar investeren in een eigen bedrijf zit hier nog niet tussen de oren. Bovendien',lacht hij, 'ze zullen vrezen dat hun neef of nicht het geld toch stiekem gaat gebruiken voor Tahriib.'

De smokkelroute

De reis vanuit Somaliland begint doorgaans op de pof. De typische Somalische sterke clancultuur geeft smokkelaars de zekerheid dat familie het geld wel bijeen weet te brengen aan het eind van de rit. Jongeren worden dus eerst 'gratis' meegenomen via Ethiopië naar Soedan door nog vriendelijke 'reisbegeleiders'. Dan worden ze overhandigd aan iets minder vriendelijke smokkelaars die ze vastzetten voor de eerste ronde losgeld om de zware etappe door de woestijn vooruit te betalen.

Als ze dat traject hebben overleefd, wacht in Libië een door mensenhandelaren gerunde 'gevangenis' waar ze worden mishandeld en/of tot arbeid worden gedwongen. Dan worden de moeders - 'want die zijn het weekhartigst' - gebeld om hun kinderen vrij te kopen.

Het proces van loskopen kan maanden duren en kan bovendien steeds worden herhaald. Eenmaal vrij kunnen jongeren vaak niet meer terug, maar worden ze via andere mensenhandelaren per rubber boot richting Italië gezet. Het totaalbedrag voor het illegale reispakket is mede door het strengere migratiebeleid in Europa inmiddels opgelopen tot 10- à 15 duizend euro en wordt opgebracht met hulp van familie, buren en door de verkoop van land, vee en andere bezittingen. Soms informeren de smokkelaars al van tevoren of de familie grond heeft om te verkopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden