Kan defensie Irak er wel bij hebben?

Nederlandse luchtaanvallen in Irak zijn niet alleen moreel een zware keuze, maar ook praktisch een grote stap voor Defensie. Na decennia van bezuinigingen is al het vet van de krijgsmachtbotten geschraapt. Duizenden banen zijn verdwenen, tanks zijn de deur uit gedaan. Wie de spanning op het gezicht van minister Hennis van Defensie woensdagavond tijdens de persconferentie over de nieuwe Irak-missie zag, vroeg zich dan ook onwillekeurig af: Kan de Nederlandse krijgsmacht deze klus er eigenlijk wel bij hebben?

Natalie Righton
Een toestel van de Nederlandse luchtmacht wordt in Leipzig volgeladen met wapens voor de Koerden in Irak. Beeld EPA
Een toestel van de Nederlandse luchtmacht wordt in Leipzig volgeladen met wapens voor de Koerden in Irak.Beeld EPA

'Een belangrijke keuze is het verlagen van het ambitieniveau van de krijgsmacht', schreef minister Hennis eind vorig jaar nog in haar toekomstvisie van Defensie. Dat was nog voordat de Russen stonden te kloppen aan de oostgrens van Europa en jihadisten de zuidgrens van het continent bedreigden. 'De krijgsmacht kan naast kleine missies en nationale taken nog (maar) één grote operatie op zee, op land en in de lucht uitvoeren', aldus Hennis.

De extra 100 miljoen euro die Defensie er sinds Prinsjesdag jaarlijks 'bij krijgt' verandert daar weinig aan. Het is een symboolinjectie. Want wat kun je met 100 miljoen? Eén JSF-gevechtsvliegtuig kopen en onderhouden lukt net. Twintig tanks kan ook. Om de krijgsmacht weer enigszins op orde te krijgen is minimaal een jaarlijkse investering van 1 miljard euro nodig, zeggen defensiespecialisten.

Is deze Irak-missie met F16's daarom een onwelkome extra taak voor een toch al overbelast apparaat? Dat valt ook wel weer mee. Tot het jaar 2023 beschikt Nederland over 68 F16's, waarvan er 61 operationeel zijn, onder meer voor het bewaken van het eigen luchtruim. Voor internationale missies zijn vier F16's langdurig beschikbaar, of acht voor korte duur. Wat Nederland nu doet is die acht toestellen inzetten voor Irak (zes plus twee reserve). Een dergelijk inzet past dus min of meer in de planning.

Calamiteiten

Er is wel geschoven met andere internationale verplichtingen om mee te kunnen doen in Irak. Zo is de toegezegde bijdrage van acht Nederlandse F16's aan de snelle reactiemacht van de NAVO (NATO Response Force) opgeschort. Deze interventiemacht moet optreden bij calamiteiten. In de praktijk stelt elk NAVO-land bij toerbeurt voor één jaar personeel en materieel van de marine, landmacht en luchtmacht beschikbaar. Nederland was in 2015 aan de beurt. Wat de F16's betreft zal die beurt in 2015 worden overgenomen door een ander NAVO-land. Het overige toegezegde personeel en materieel wordt wel geleverd.

'Dit geeft toch wel de beperkte mogelijkheden van de Nederlandse krijgsmacht aan', zegt Kees Homan, onderzoeker van Clingendael en generaal-majoor der mariniers b.d.

De Nederlandse krijgsmacht is zodanig uitgekleed dat het 'te weinig robuust is en te weinig voortzettingsvermogen heeft', zegt strategisch analist Peter Wijninga van het Haags Centrum voor Strategische Studies. De Irak-missie valt maximaal een jaar vol te houden, schat hij. Daarna moeten de F16's in onderhoud en moeten de vliegers weer worden bijgetraind.

Beperkte slagkracht

Wat bijdraagt aan de beperkte slagkracht: om één Nederlandse militair uit te zenden, zijn in de praktijk drie militairen nodig. Want terwijl die ene militair in Irak zit, is een ander aan het trainen voor de missie (opwerken) en is een derde aan het bijkomen van zijn uitzending (recuperatie).

Wijninga: 'De belasting van het Nederlandse militaire apparaat is inmiddels zo zwaar dat je soms F16-piloten tegenkomt met zes medailles uit Afghanistan. Die zijn dus al zes keer gerouleerd.'

Toch staat Nederland internationaal niet buitenspel. We doen ertoe, ook bij de luchtaanvallen tegen terreurbeweging IS. 'Zes F16's en twee reservetoestellen vormen een redelijke bijdrage. Nederland draagt bij naar vermogen', vindt defensie-expert Homan.

Over het feit dat Nederland niet meedoet aan aanvallen op IS-doelen op Syrië, zegt hij: 'Dat is voor de door de Amerikanen gevormde coalitie om het even. Aangezien Nederland vliegtuigen inzet in Irak, kunnen andere landen hun toestellen in Syrië inzetten.'.

Een Nederlandse F16. Beeld epa
Een Nederlandse F16.Beeld epa

Nederland houdt zeggenschap F16's

De Nederlandse F16's zullen volgens het kabinet opereren 'vanaf een nog nader te bepalen vliegveld'. Volgens defensiedeskundigen komt een luchtmachtbasis in Jordanië het meest in aanmerking. De inzet van de toestellen wordt gecoördineerd door een Amerikaanse commandant die op een operationeel hoofdkwartier in Koeweit zetelt. Nederlandse militairen zullen aan zijn staf worden toegevoegd. Nederland kan een specifieke missie weigeren. Een hoge Nederlandse militair in de regio, de red card holder, kan 'nee' zeggen tegen een opdracht die onverantwoorde risico's met zich meebrengt, hetzij voor de piloten, hetzij voor burgers in de nabijheid van IS-posities. Een F-16 piloot kan ook na het opstijgen tot de conclusie komen dat hij het beoogde doel niet wil aanvallen omdat, volgens zijn eigen waarnemingen, de 'nevenschade' (militair jargon voor burgerslachtoffers) te groot zou zijn. De risico's voor piloten zijn volgens het kabinet en onafhankelijke deskundigen beperkt, omdat IS niet beschikt over zwaar luchtdoelgeschut. De militairen die Iraakse veiligheidstroepen trainen, blijven op kazernes in delen van Irak die niet in handen zijn van IS, waarschijnlijk Erbil en Bagdad. Ze gaan niet mee in gevechtssituaties

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden