Reportage Webcamdocent

Kan de webcamdocent de oplossing worden voor het lerarentekort?

Moet een leraar fysiek aanwezig zijn? Nee, zegt het bedrijf Like2Teach. De belangstelling voor hun webcamlessen groeit, niet in de laatste plaats door het nijpende lerarentekort. De Goudse Waarden in Gouda had donderdag de primeur.

Leerlingen van De Goudse Waarden kijken afwisselend van het digibord naar het scherm met de docent. Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Ding-dong-ding. Op De Goudse Waarden is de wiskundeles in volle gang als de bel gaat. De leerlingen kijken elkaar beduusd aan. Dit is een totaal ander geluid dan de monotone zoemer die ze normaal horen. Ook de timing klopt niet: de les is tien minuten geleden al begonnen. ‘Niet schrikken’, zegt docent Hub Kusters als hij het verbaasde geroezemoes hoort. ‘Dit is onze zoemer. Hier beginnen de lessen om half negen.’

Hier, dat is op het Sint-Janscollege in Hoensbroek, Zuid-Limburg. Daar staat de wiskundedocent in een leeg klaslokaal. Voor zich een laptop, achter zich een digibord. Een slordige 200 kilometer verderop zitten zijn leerlingen: een 6 vwo-klas met wiskunde D in het pakket. Zij zien hoe een onzichtbare hand het digibord volschrijft met formules. Op een kleiner scherm dat rechts voorin de klas staat, zien ze Kusters zelf.

Na het inzetten van gepensioneerde docenten en onbevoegde docenten is er nu ook de webcamdocent als oplossing tegen het lerarentekort. Nieuw is dat idee overigens niet. Videolessen op afstand worden al jaren geopperd als antwoord op het groeiende tekort aan docenten. Er is zelfs op overheidskosten uitgebreid mee geëxperimenteerd. Toch kwamen de videolessen tot nu toe nauwelijks van de grond.

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

Dat gaat dit schooljaar veranderen, als het aan Dieter Möckelmann en Hans Hoornstra ligt. De twee ondernemers, allebei met een onderwijsachtergrond en een voorliefde voor ict, begonnen voor de zomer Like2­Teach – een soort uitzendbureau voor leraren, maar met het grote verschil dat de leraar niet in fysieke vorm voor de klas hoeft te verschijnen. Sindsdien hebben tientallen leraren en een zestal scholen met serieuze interesse zich gemeld.

De Goudse Waarden, een christelijke scholengemeenschap in Gouda, heeft op donderdag met deze wiskundeles de primeur. Volgende week gaat ook een afdeling van het Da Vinci College in Leiden met de webcamlessen beginnen. Brugklassers van die school krijgen Duits vanuit Gouda; lessen die de school anders niet aan had kunnen bieden.

Extra stil

Voor de leerlingen in Gouda betekent het dat ze extra stil moeten zijn, vertellen scholieren Roos (16) en Anne-Jet (16). Bij geroezemoes kan de docent ze minder goed verstaan. Ernstig: ‘Het ligt dus ook heel erg bij ons’.

Directeur Marja van Gurp, ziet het als ‘een mooie kans om deze manier van lesgeven alvast uit te proberen voor als het echt nodig is’. Nu heeft haar school nog een wiskundedocent achter de hand die deze lessen ook had kunnen geven. ‘Maar we merken dat het steeds krapper wordt om sommige vakken in te vullen.’

Wiskundeleraar Hub Kusters doceert vanuit een leeg lokaal in Hoensbroek. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Bovendien, zegt Van Gurp: ‘Ik ken Hub Kusters, hij is een erg goede docent. Dit is ook een manier om hem eens voor de klas te krijgen.’ Om de les op afstand soepeler te laten verlopen is Kusters eerder deze week voor in levenden lijve in de klas geweest. Ook is er in de klas in Gouda een klassenassistent aanwezig om orde te houden en de techniek te regelen.

Dat is de theorie. In de praktijk blijkt het wennen. Meteen aan het begin al. ‘Goedemorgen allemaal in Gouda’, zegt Kusters als het lesuur begint. Hij kijkt en spreekt in de richting van zijn webcam, maar krijgt nog even geen reactie. ‘Ik zeg, goedemorgen’, herhaalt hij. Dan klinkt het aarzelend ‘goedemorgen’.

Als Kusters even later de praktische zaken doorneemt – lesmateriaal staat in de dropbox, huiswerk gaat via de mail – blijft het weer stil aan de andere kant van de lijn. ‘Is dat duidelijk?’, vraagt hij. Alleen de onderwijsassistent geeft antwoord: ‘Je bent niet altijd goed te verstaan als je met de rug naar de laptop staat.’

Headset

Dat is een puntje van aandacht, zegt initiatiefnemer Hans Hoornstra, die voor de gelegenheid in Hoensbroek bij de les aanwezig is, na afloop. ‘De volgende keer krijgt hij een headset: dan kan hij ook doorpraten en luisteren als hij dingen op het digibord schrijft.’

De wiskundeles van vandaag gaat over het vermenigvuldigen van complexe getallen en machtreeksontwikkelingen. Kusters schrijft in hoog tempo wiskundige formules en vergelijkingen op het digibord. In Gouda pennen de leerlingen mee in hun schriften. Als er geroezemoes uit de klas klinkt, klikt de wiskundedocent op zijn laptop op een belletje. ‘Horen jullie dit belletje?’, vraagt hij. ‘Dat is het signaal dat het woord weer aan mij is.’

Het zal de rest van de les niet meer nodig zijn. Dit zijn serieuze leerlingen. Ze hebben bewust voor wiskunde D kozen. Dat vak, dat sinds 2007 wordt aangeboden, is een toevoeging op wiskunde B en trekt vaak kleine groepen, gemotiveerde leerlingen. Op alle opengeklapte laptops is ook daadwerkelijk schoolwerk te zien. Al klinkt er ook gekreun als er weer een nieuwe vergelijking op het bord verschijnt.

Wat helpt: Kusters heeft ruime ervaring met lesgeven op afstand. Hij gaf vijf jaar videoles aan leerlingen van het Grotius College in het naburige Heerlen. Dat gebeurde simultaan: hij gaf les aan zijn eigen klas in Hoensbroek, terwijl een kleine groep wiskunde D-leerlingen in Heerlen dezelfde les via het videoconferentiesysteem volgde. Dit is anders, zegt de wiskundeleraar. Met de leerlingen op het Grotius wist hij een goede band op te bouwen. Maar die klasjes op afstand waren wel veel dichterbij. ‘Ik zag die leerlingen ook wel lijfelijk. Ik ging met beide klassen naar de Chinees of bowlen.’

Het is een van de lessen die vier jaar experimenteren met videolessen opleverden: op afstand bouwt een leraar minder snel een band op met leerlingen. Die proeven werden tussen 2011 en 2015 op zeventien middelbare scholen uitgevoerd. Het was een onderdeel van een door de overheid gesubsidieerd project. Het idee was om alvast innovatieve oplossingen uit te proberen, voor het lerarentekort dat toen al dreigde.

De ervaringen met de videolessen waren ‘eigenlijk heel goed’, zegt Jan van der Meij, die het project destijds als onderzoeker van de Universiteit Twente begeleidde. Leerlingen haalden vergelijkbare cijfers als hun voorgangers die van een gewone docent les hadden gehad.

Om toch een band op te bouwen is het belangrijk dat de docent de leerlingen tussendoor ontmoet, zegt Van der Meij. ‘Als je dat niet doet wordt het heel lastig.’ Nog een les uit die tijd: het werkt het best met kleine groepen gemotiveerde leerlingen. ‘Met grote klassen moet je je aandacht verdelen, dan heb je toch een handicap met lessen.’

De zeventien scholen van toen doen niets meer met de ‘knetterdure’ professionele videoconferentieapparatuur van toen, zegt Van der Meij. ‘Een van de grootste problemen waar we tegenaan liepen, was het afstemmen van roosters. Je zit met verschillende vakantieperiodes en lesroosters. Het loopt al snel uiteen.’

Daar zal het voor Like2Teach niet snel op stuklopen zegt initiatiefnemer Möckelmann. De leraren hoeven hier geen twee klassen tegelijk te draaien. ‘Bovendien zijn de docenten die wij hebben heel flexibel.’ Kusters heeft al aangekondigd tijdens zijn herfstvakantie – als de school in Gouda gewoon nog les heeft – door te werken. Dan geeft hij zijn les gewoon vanuit de camper.

Aparte ervaring

Hoe blij de leerlingen van de webcamlessen worden, moet nog blijken. ‘Het was apart’, zegt Anne-Jet (16), als de wiskundeles er opzit. ‘Normaal hoef je alleen naar voren te kijken. Daar staat de leraar voor het bord. Nu moest ik steeds switchen tussen het digibord en het scherm waar je de leraar op zag.’

Naast haar knikt klasgenoot Roos (16). ‘Les van een fysieke docent is toch makkelijker. Via een scherm krijgt hij ook niet alles mee wat er in de klas gebeurt.’

Kan de webcamles een oplossing zijn voor het lerarentekort? Ja, zeggen de twee vwo’ers. Anne-Jet: ‘Met dit vak kan het wel, we zijn maar met een klein groepje. Voor de verplichte vakken zoals economie, waar je met een grotere klas zit, lijkt het me moeilijk.’ Als ze mogen kiezen, hebben ze liever een docent fysiek voor de klas. Roos: ‘Ik vind persoonlijke aandacht toch wel fijn.’

Terug in Hoensbroek is dat precies wat Kusters gaat doen. Deze les deed hij als zzp’er in een vrij eerste uurtje. Nu begint zijn lesdag op het Sint Janscollege. Zonder webcam, met leerlingen van vlees en bloed. ‘Dadelijk 32 brugklassers.’

Kader lerarentekort voortgezet onderwijs

Het lerarentekort is het grootst in het basisonderwijs, maar ook in het voortgezet onderwijs zijn er ‘tekortvakken’, zoals natuur- en scheikunde, klassieke talen en Duits. Precieze cijfers over de huidige situatie ontbreken,  maar uit ramingen die het ministerie jaarlijks laat uitvoeren, valt op te maken dat het dit schooljaar om een tekort tussen de 378 en 502 voltijdsleraren zou gaan. Als er niets verandert kan dat de komende jaren oplopen tot een tekort van meer dan duizend fte.

Kritiek op videolessen

Onderwijs op afstand is niet onomstreden. Begin dit jaar kwamen SP, PvdA, GroenLinks en PVV met een motie waarin de regering wordt verzocht ‘wettelijk te verankeren’ dat basis- en voortgezet onderwijs gegeven wordt ‘door een bevoegde docent die lijfelijk aanwezig is tijdens de les’. 

Aanleiding was een rechtszaak die een onderwijsstichting vorig jaar had aangespannen tegen de Onderwijsinspectie. De inspectie had in een rapport kritiek geuit over de lessen Duits die op drie scholen via een videoverbinding werd gegeven. De rechter gaf de onderwijsstichting gelijk: nergens in de wet staat dat een leraar fysiek in de klas aanwezig moet zijn.

De partijen vinden afstandsonderwijs geen wenselijke oplossing voor het lerarentekort. Ingrijpen in de klas is  uitgesloten als een leraar slechts via internet verbinding heeft, stelde de SP. Minister Slob van Onderwijs ontraadde de motie. Hij beloofde in een brief terug te komen op het afstandsonderwijs, waarna de motie werd aangehouden.

In zijn brief van begin juli schrijft Slob dat afstandsonderwijs in bepaalde omstandigheden kan worden toegestaan, maar wel ‘nadrukkelijk slechts een onderdeel van een onderwijsprogramma kan zijn’. Het kan bijvoorbeeld een oplossing bieden op scholen die met krimp te maken hebben, waardoor een ‘klein vak’ toch kan worden aangeboden. Slob noemt in zijn brief als voorbeeld de wiskunde D-lessen die Hub Kusters op afstand gaf aan leerlingen in Heerlen.

Dit schreven we eerder over het lerarentekort

De Haarlemse Vrije School heeft geen leraren meer, en dus is de hele klas opgeheven.

De zomervakantie van een basisschooldirecteur op lerarenjacht: ‘Ik heb stress aan de zijlijn gezet’.

De adjunct-directeur, een onderwijsassistent en een student voor de klas. Nog maar vier dagen per week naar school. Of een pensionado inhuren om les te geven. Dit zijn de lapmiddelen tegen het lerarentekort.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden