Kan de FNV een scheuring afwenden?

De richtingenstrijd in de FNV is geen drama. Een nieuwe voorzitter moet de bond nu verenigen.

PETER DE WAARD

De vakcentrale FNV heeft 1,4 miljoen leden. Bij FNV Mooi zijn achtduizend kappers, visagistes, pedicures, nagelstylisten, schoonheidsspecialisten en wellness-medewerkers aangesloten. In een normale democratie zouden die 0,57 procent van de stemmen hebben. Maar in de federatieraad van de FNV hebben ze 1,2 procent. De vakbond van voetbalprofs VVCS zou met enkele honderden leden eigenlijk 0,05 procent van de stemmen moeten vertegenwoordigen, maar heeft 0,3 procent. De ambtenarenbond FNV en FNV Bondgenoten (industrie, dienstverlening, vervoer) hebben samen meer dan 800 duizend leden en zouden een overweldigende meerderheid van 60 procent van de stemmen moeten hebben. Maar binnen de federatieraad hebben ze nog geen 45 procent.

Maandagavond versloeg een minderheid de meerderheid. Dat is niet uniek. In de VS kreeg Bush jr. in 2000 een half miljoen minder stemmen dan Al Gore maar werd toch president. En in Groot-Brittannië kan een partij met 30 procent van de stemmen slechts 8 procent van de zetels krijgen. Beide landen kloppen zich op de borst als de bakermat van de democratie.

De andere 17 bonden zouden vermoedelijk al lang uit de FNV zijn getreden als de twee grootste bonden elke twee weken binnen de federatieraadvergaderingen de dienst konden uitmaken. Het zouden niet meer dan kleine categorale bonden zijn geweest. Nu bestaat het gevaar dat de twee grootste bonden de centrale verlaten. Dat gevaar zal de komende tijd moeten worden afgewend. Dat kan alleen als de vakcentrale een nieuwe voorzitter krijgt die het vertrouwen van alle bonden weet te krijgen.

Dat is niet dramatisch. Dat hoort bij een levende en actieve bond. De vakbonden kennen een woelige geschiedenis, gekenmerkt door richtingen- en machtsstrijd. De carrières van de zogenoemde working class heroes zijn soms even kort en krachtig als de carrières van politici. Veelvuldig sneuvelden gematigde leiders die zaken wilden doen met werkgevers of de overheid door toedoen van radicale krachten die na de machtsgreep weer de gematigdheid zelve werden.

Agnes Jongerius weet dat als geen ander. Ze studeerde in Utrecht cum laude af in de sociaal-economische geschiedenis. Ze zal de consequenties moeten nemen van dit conflict, niet omdat ze ongelijk heeft met het sluiten van het pensioenakkoord, maar omdat ze er als manager niet in is geslaagd achter de schermen de twee grootste bonden achter haar beleid te krijgen. Haar woorden 'ik ben geen wegloper' klinken stoer, maar kunnen de FNV grote schade berokkenen. Dat zal ook Jongerius niet willen. Na zes jaar Jongerius is het tijd voor een nieuw gezicht.

Reageren? p.dewaard@volkskrant.nl

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden