Kammetje en spiegel in het doel

Frans de Munck (1922-2010) was niet alleen een van de beste doelmannen uit de Nederlandse voetbalgeschiedenis, hij was ook zeer ijdel. Veel aandacht besteedde hij aan zijn uiterlijk. Hij verdedigde het doel bij voorkeur in zwarte trui en dito broek. Daarnaast leverde zijn stijlvolle manier van keepen, waarbij hij de bal met katachtige reflexen uit de bovenhoek kon tikken, hem de bijnaam 'de Zwarte Panter' op. Vrijdag overleed De Munck in zijn woonplaats Arnhem.


De in Goes geboren De Munck, debuteerde in 1949 als keeper van Sittardse Boys in het Nederlands elftal. Dat hij zijn debuut pas op 26-jarige leeftijd maakte, was te wijten aan Karel Lotsy. De rechtlijnige KNVB-voorzitter vertrouwde De Munck niet. Kort daarvoor had hij een aanbod afgeslagen om voor Barcelona te spelen. Na een oplopend conflict met de KNVB, die hem er van betichtte de amateurbepalingen te hebben overtreden en hem een jaar schorste, ging hij naar FC Köln. Als beroepsvoetballer kwam hij daardoor niet meer in aanmerking voor Oranje.


Vol weemoed keek de Munck terug op die periode. 'Ach Keulen, tóen had ik een vorm. Ik wist soms zeker dat ik die dag niet gepasseerd zou worden. Ik heette eerst 'de Zwarte Kat' en later 'de Zwarte Panter'. Zijn opvallende verschijning bleef niet beperkt tot het voetbalveld. In 1954 speelde hij een rol in de film Das ideale Brautpaar, een romantische komedie waarin hij vooral zichzelf kon spelen: als doelman Jürgen Busse die zijn aanstaande schoonvader ervan moest overtuigen een goede partij voor diens dochter te zijn.


Groot was zijn aantrekkingskracht op vrouwen. Niet voor niets legde hij voor de wedstrijd een kammetje en een spiegeltje in het doel. Hij wilde er altijd onberispelijk uit zien. Daarom bleef hij tot op hoge leeftijd doorgaan met het verven van zijn zwarte haar. Befaamd was de ontmoeting met Jayne Mansfield in 1958. Als enige van zijn ploeggenoten mocht hij de Amerikaanse filmster kussen. 'Hij had als eerste international in de gaten dat voetbal ook een showelement in zich had', aldus KNVB-voorzitter Michael Van Praag.


Bij de benefietwedstrijd ten bate van de slachtoffers van de waters-noodramp in 1953 was De Munck de doelman van een verzameling in het buitenland spelende Nederlandse profs. Die wedstrijd in Parijs tegen Frankrijk was een van de hoogtepunten uit zijn carriere. Een jaar later werd in Nederland het betaald voetbal ingevoerd en keerde hij terug naar Limburg.


Als keeper van Fortuna '54 en later DOS kreeg De Munck een basisplaats onder de lat bij Oranje, waarvoor hij 31 interlands speelde. De belangrijkste titel uit zijn loopbaan veroverde hij met het Utrechtse DOS: in 1958 werd na een zinderende beslissingswedstrijd met Sportclub Enschede het landskampioenschap behaald.


Na zijn periode bij DOS bouwde hij af bij Veendam, Cambuur en Vitesse. Met die laatste club speelde hij in 1967, op 44-jarige leeftijd, een afscheidswedstrijd tegen zijn geliefde FC Köln. Vervolgens wilde hij trainer worden maar de bond erkende zijn in Duitsland behaalde trainersdiploma niet. Gefrustreerd moest De Munck de Nederlandse cursus volgen. Tot 1974 was hij actief als trainer van Club Brugge, Lierse SK en Vitesse. Het leverde hem weinig succes op en langzaam trok hij zich terug uit het voetbal.


Financiële onafhankelijkheid had het voetbal hem niet gebracht. 'Ik zat op m'n top in de verkeerde tijd.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden