Nieuws

Kamer wil uitbuiting Polen en andere buitenlandse arbeiders tegengaan

Arbeidsmigranten moeten minder afhankelijk worden van uitzendbureaus, die vaak zowel een baan als huisvesting voor hen regelen. Een meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat de werk- en woonomstandigheden van deze groep zo snel mogelijk moet worden verbeterd. Maar het radicaal loskoppelen van ‘bed en baan’ wordt nog een brug te ver bevonden.

 Marcin (links) en Hugo Afecto  vorige week in Den Haag bij een demonstratie tegen de slechte woon- en werkomstandigheden van arbeidsmigranten. Beeld
Marcin (links) en Hugo Afecto vorige week in Den Haag bij een demonstratie tegen de slechte woon- en werkomstandigheden van arbeidsmigranten.

Uitzendbureaus hebben nu vaak een dubbele pet op: ze zijn zowel werkgever als huisbaas van arbeidsmigranten. Die combinatie leidt tot extreme afhankelijkheid en schrijnende toestanden. Want als een arbeidsmigrant zijn werk verliest, moet hij ook vaak binnen 24 uur zijn huis uit. Juist de afgelopen tijd wordt een toestroom van arbeidsmigranten in de daklozenopvang geconstateerd.

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zei donderdag in de Kamer dat hij wel voorstander is van het ‘losknippen’ van werkcontract en huurcontract. Dat geeft arbeidsmigranten al wat meer zekerheid: bij baanverlies hoeven ze via het huurrecht (met opzegtermijn) niet meteen hun - vaak schamele - behuizing te verlaten.

Maar een motie van SP en GroenLinks om de uitzendbureaus te verbieden huurpenningen in te houden op het loon, haalde in de Kamer geen meerderheid. Minister Koolmees ontraadde de motie. Volgens hem zijn er ook bonafide uitzendbureaus die wél goede huisvesting leveren en dat is bij de huidige woningnood hard nodig.

Roemer

De Tweede Kamer vindt wel dat zo snel mogelijk aan de slag moet worden gegaan met de korte-termijnadviezen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten onder leiding van Emile Roemer. Die presenteerde eind oktober zijn rapport met in totaal ruim vijftig aanbevelingen onder de veelzeggende titel ‘Geen Tweederangsburgers’.

Behalve het loskoppelen van ‘baan en bed’ adviseert Roemer onder meer ook om iedere arbeidsmigrant een eigen slaapkamer en ‘minimaal 15 vierkante meter leefoppervlakte’ te geven. Dat is zeker in deze coronatijd belangrijk voor de veiligheid. De Kamer is het daarmee eens.

Hoewel niet alle wensen zijn vervuld, vindt vakbond FNV toch dat de Kamer ‘een belangrijke stap’ heeft gezet in de verbetering van leef- en werkomstandigheden van arbeidsmigranten. ‘Als er een scheiding komt tussen huur- en werkcontract kunnen ze niet zomaar op straat te worden gezet’, aldus een woordvoerder. Ook het streven naar ‘één persoon per slaapkamer en minimaal 15 vierkante meter leefoppervlakte per persoon’ noemt hij een doorbraak.

‘We hebben geen rechten, terwijl we wel belasting betalen. Het is moderne slavernij’

Marcin (49) uit Polen, werkt bij een distributiebedrijf van levensmiddelen en woont op het ‘Polenpark’ in Zeewolde, met meer dan duizend andere arbeidsmigranten in chalets en gebouwen met appartementen:

‘Ik deel nu met vier of vijf anderen een appartementje. We missen gastvrijheid en een menselijke behandeling. We zijn niet meer dan een nummer. Het huisvestingsbedrijf dat is ingehuurd door het uitzendbureau propt alle huisjes en appartementen vol met vijf of zes mensen. Ze vangen 100 euro per bed per week. Het gaat ze alleen maar om geld. Als ze ons zien, zien ze geld.

‘We wonen met te veel mensen in een veel te kleine ruimte. Je wilt niet met vreemden in hetzelfde appartementje wonen. Ik zou graag iets voor mezelf hebben, net als Nederlandse mensen.

‘In 2018 begon ik als orderpicker (iemand die goederen verzamelt voor verzending, red.) bij een distributiecentrum van supermarktketen Boni in Nijkerk. Eerst woonde ik een maand met tien anderen in een oude boerderij net buiten Nijkerk, die werd gehuurd door het uitzendbureau. Daarna ben ik drie keer verhuisd. Ik werk nu als combitruckchauffeur bij een logistiek bedrijf en woon op wat ook wel het ‘arbeidsmigrantenpark’ in Zeewolde wordt genoemd, samen met 1.500 anderen.

‘Wij noemen het zelf het Texaspark, want het is hier wildwest. Het zijn hier net cowboys. Dat is bedoeld als grap, maar het geeft een goede beschrijving van de omstandigheden hier. We hebben geen enkele zekerheid, niet qua huisvesting, niet qua werk. We kunnen elk moment worden ontslagen, zonder enige reden. Als je chef je niet mag, kan je zomaar naar huis worden gestuurd. En als je geen werk meer hebt, word je ook uit je huis gegooid. Dan ben je meteen dakloos.

‘We hebben geen rechten, terwijl we wel belasting betalen en bijdragen aan de economie. Dat is zo onrechtvaardig. Het is een soort moderne slavernij. Zo ga je toch niet met mensen om in een geciviliseerd Europees land anno 2021?

‘In juli vorig jaar werd ik bijna van het park gegooid. Een technicus kwam langs om iets in de badkamer te maken. Maar ik moest naar mijn werk en vroeg of ik nog snel even kon douchen. Dat kon niet, zei hij, en als het je niet bevalt hier, ga je maar naar een hotel. Dat liep zo hoog op dat het huisvestingsbedrijf me per brief sommeerde onmiddellijk het appartement en het park te verlaten, wegens ‘geen respect voor parkmedewerker, agressief gedrag’. Door tussenkomst van de FNV is dat gelukkig nog net opgelost. Maar het is toch vreemd dat anderen gewoon sleutels van je kamer hebben en zo binnen kunnen lopen.

‘Daarom is een scheiding tussen werk en huisvesting zo belangrijk. Ik voel me gevangen in het huidige systeem. Ik zou graag een normale baan hebben, zonder uitzendbureau. Maar als ik die zou vinden, raak ik mijn huisvesting kwijt. En met een uitzendbaan kan ik weer geen regulier huis betalen.’

---

‘Ik heb ook in andere landen gewerkt, zoals Groot-Brittannië en Duitsland. Maar dit is het toppunt van uitbuiting’

Hugo Afecto (42) uit Portugal, werkt bij een transportbedrijf in Oss en woont in een kantoorpand langs de A59 in Nuland dat is omgebouwd tot woongebouw voor arbeidsmigranten:

‘Ik ben in juni 2020 in Nederland komen werken via een uitzendbureau, bij Ingram Micro in Waalwijk (dat voor Bol.com de logistiek verzorgt, red.) Mijn broer was twee maanden eerder gegaan – hij heeft voor mij de weg geëffend. Ze wilden ons eerst op een oud vakantiepark in Kaatsheuvel huisvesten, maar dat hebben we geweigerd.

‘Toen kwamen we in een hotel in Waalwijk terecht, waar de omstandigheden echt slecht waren: erg oud, alles vies, kamers voor drie mensen, slechte bedden, gemeenschappelijke douches. Daar zijn we bijna drie maanden gebleven. Daarna gingen we via een ander uitzendbureau naar Lelystad, waar we in het distributiecentrum van Zara kwamen. Daar heerste een agressieve sfeer: schreeuwen, chefs die alleen maar ‘work, work, work’ riepen, soms zelfs vechtpartijen.

‘Op de eerste dag moesten we zeven uur wachten voordat we naar onze huisvesting werden gebracht. Ook toen wilden ze ons weer op een camping buiten Lelystad zetten, ondanks andere beloften. Ik weigerde dat, samen met mijn broer en enkele andere arbeidsmigranten. Ze zeiden dat er voor die nacht geen andere oplossing was. Maar uiteindelijk gingen we naar een campus in Lelystad, waar een paar honderd mensen verbleven. Mijn broer en ik sliepen op de bank. Later kregen we alsnog een kamer in een appartement.

‘Toen we klaagden over de slechte woonomstandigheden, beëindigden ze het contract. We hadden zes uur om het huis te verlaten. Daarna kregen we via een ander uitzendbureau een andere baan en andere huisvesting. We werkten voor een groentebedrijf in Limburg, waar elke morgen de planning van werktijden veranderde en er problemen waren met transport.

‘En weer was het hetzelfde liedje: na klachten werd ons contract verbroken. Ze vinden altijd wel een reden om je te ontslaan en je op straat te zetten. Want als het werkcontract wordt opgezegd, moet je ook altijd je huis uit. Het probleem in Nederland is het monopolie van die uitzendbureaus: ze gaan niet alleen over je werk, maar ook over je huisvesting en transport. Als ze je niet mogen, verlies je zowel je werk als je huisvesting.

‘Ik heb in acht maanden wel tien banen gehad, en net zoveel accommodaties die overwegend in zeer slechte staat zijn. Je voelt je uitgebuit, het is een soort slavernij. Je kan wel weglopen, maar zonder geld in je zak kom je niet ver.

‘Ik heb ook vijftien jaar in andere landen gewerkt, zoals Groot-Brittannië en Duitsland. Maar dit is het toppunt van uitbuiting. Het ligt niet aan Nederland en de Nederlanders, want die zijn aardig. Maar het is het systeem van de uitzendbureaus dat niet deugt, waardoor je als arbeidsmigrant van hot naar her wordt gesleept. Soms denk ik dat ik een nachtmerrie ben beland.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden