Kabinetscrises zijn zo oud als de parlementaire democratie

Veel verrassender dan de val van zijn kabinet was het besluit van de CDA-top om meteen de volgende dag Jan Peter Balkenende opnieuw als lijsttrekker voor te dragen. De kans bestaat dus dat Balkenende nog een gooi mag doen naar het premierschap. Op naar Balkenende V.

Je zou denken dat een minister-president die er tot vier maal toe niet in slaagt zijn ploeg ongeschonden naar de eindstreep te loodsen, het voor gezien houdt. Niet dus. Misschien dat Balkenende zich optrekt aan de door hem bewonderde gereformeerde politicus die hem driekwart eeuw geleden voorging als minister-president. Hendrik Colijn was ook vijfmaal premier, zonder dat een van zijn kabinetten ongewijzigd de rit uitzat. Toch staat de voormalige leider van de ARP nog altijd te boek als een groot staatsman. De kritiek op hem betreft vooral zijn harde bezuinigingsbeleid, niet zijn leiderschapskwaliteiten.

De sociaal-democraten hebben hun eigen voorbeeld. In de PvdA geniet Drees de status van een heilige, maar van de vier kabinetten die zijn naam dragen, haalde alleen het kabinet-Drees III (PvdA, KVP, ARP, CHU) ongeschonden de eindstreep.

Rumoer

Kabinetscrises plegen als uitzonderlijke gebeurtenissen te worden beschouwd, maar het is in de Nederlandse geschiedenis eerder regel dan uitzondering dat coalities voortijdig uit elkaar vallen. Soms kan er na een crisis worden gelijmd of is na een personele wijziging een doorstart mogelijk, maar vaker zijn vervroegde verkiezingen onvermijdelijk.

In de naoorlogse periode haalden slechts zes van de 25 kabinetten ongeschonden de eindstreep. Het eerste kabinet-Kok (PvdA, VVD, D66) was de laatste regering die de rit uitzat (tussen 1994 en 1998). Vooral coalities van sociaal-democraten en christen-democraten hebben weinig overlevingskansen. Slechts tweemaal haalde een dergelijke combinatie de eindstreep: Drees II en Lubbers III.

Alle opwinding op het moment zelf ten spijt: achteraf gezien veroorzaakten de meeste crises niet meer dan een rimpeling in de samenleving. Coalitieregeringen mogen inherent instabiel zijn; het politieke systeem waaruit zij voortkomen is daarentegen zeer stabiel gebleken. De val van een kabinet veroorzaakt partijpolitiek rumoer, maar de natie raakt er zelden door van slag. Hoewel de laatste jaren af en toe werd gevreesd voor het ondermijnende effect van het opkomende populisme, is het systeem tot dusverre in staat gebleken alle schokken te absorberen.

Fractiediscipline

In feite zijn kabinetscrises in Nederland zo oud als de parlementaire democratie. Dit ofschoon in de begintijd nog geen sprake was van partijvorming en het politieke landschap in de eerste decennia na 1848 – het jaar dat voor het eerst een kabinet aantrad - grosso modo bestond uit liberalen en conservatieven, die afwisselend de regering vormden. Fractiediscipline was in die dagen nog onbekend en bij ontstentenis van een regeerakkoord stonden de parlementsleden veel onafhankelijker tegenover de regering dan nu. Steun voor wetsvoorstellen was niet vanzelfsprekend. Vingen ministers naar hun zin te vaak bot, dan ruimden zij niet zelden het veld of besloot het hele kabinet de eer aan zichzelf te houden. Je zou zeggen: werkte het nu ook nog maar zo.

Keren we terug naar Colijn, de eerste minister-president die, vanaf 1937, een eigen ministerie kreeg (Algemene Zaken). Voor die tijd was het voorzitterschap van de ministerraad iets wat een vakminister ‘erbij’ deed. In de eerste decennia na 1848 rouleerde het voorzitterschap zelfs. Het eerste kabinet onder leiding van Colijn, dat met uitzondering van de liberaal Van Karnebeek (Buitenlandse Zaken) louter uit ministers van de confessionele partijen bestond, trad aan in 1925 en kwam al binnen een jaar ten val.

Pas in 1933 mocht Colijn het nog een keer proberen, nu met een kabinet van confessioneel-liberale signatuur. Hij had nu iets meer succes, zij het dat een politieke crisis na twee jaar noopte tot enkele personele wijzigingen waarna een doorstart werd gemaakt als Colijn III. Colijn IV (1937-1939) haalde evenmin de eindstreep. Meningsverschillen over de bestrijding van de economische recessie vormden het voornaamste struikelblok. Nog gaf Colijn de moed niet op.

Balkenende zal ongetwijfeld bekend zijn met het lot van Colijn V, een extra-parlementair kabinet bestaande uit ministers van ARP en CHU, aangevuld met partijloze liberalen. Omdat hij bij de formatie van Colijn V buiten de fracties om te werk was gegaan, werd de nieuwe ministersploeg al na twee dagen door de Tweede Kamer weggestemd, een tot op heden niet geëvenaard record. Maar met Balkenende weet je het nooit.

Willem de Bruin is redacteur van de Volkskrant

Premier Jan Peter Balkenende verlaat zaterdagochtend na de val van het kabinet het Binnenhof in Den Haag. (ANP) Beeld
Premier Jan Peter Balkenende verlaat zaterdagochtend na de val van het kabinet het Binnenhof in Den Haag. (ANP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden