Nieuwspensioenhervorming

Kabinet wil forse pensioenverlagingen voorkomen: milder regime al vanaf 2021

De spelregels voor pensioenfondsen worden al volgend jaar versoepeld. Pensioenfondsen die er slecht voor staan, hoeven de pensioenen daardoor de komende jaren niet of nauwelijks te verlagen. Ook de premies hoeven niet explosief te stijgen. De nieuwe spelregels moeten ervoor zorgen dat er geen pech- of geluksgeneratie ontstaat doordat jong of oud bevoordeeld dan wel benadeeld wordt.

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D66) bij aankomst op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad. Beeld ANP
Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D66) bij aankomst op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad.Beeld ANP

Ingewijden bevestigen dat hierover vrijwel overeenstemming is ontstaan in het overleg dat minister Koolmees van Sociale Zaken voert met de fondsen, de toezichthouders, de vakbeweging en de werkgevers. Daar is het alle hens aan dek nu veel fondsen er zo slecht voorstaan dat fikse pensioenkortingen (tot wel 10 procent) of premieverhogingen eigenlijk onvermijdelijk zijn.  

Voor 10 miljoen gepensioneerden en werknemers dreigt in 2022 volgens de strenge regels van het huidige pensioensysteem een verlaging van de pensioenen met gemiddeld ruim 10 procent. De positie van pensioenfondsen wordt er niet beter op omdat werkenden vaak veel te weinig premie betalen. Bij 119 pensioenfondsen wordt nu gemiddeld 69 eurocent premie betaald waarvoor 1 euro pensioen wordt toegekend. Daardoor zouden de premies al in 2021 fors omhoog moeten.

Pensioenakkoord

Om de pensioenfondsen beter te stutten, werd eerder dit jaar een veelomvattend pensioenakkoord gesloten. Dat gaat echter pas in 2026 in. Nu vallen de fondsen nog onder het oude regime, dat strenge eisen stelt aan hun financiële positie. 

Daarom werkt Koolmees aan een overgangsstelsel, dat tot 2026 moet gaan gelden. Dat stelsel gaat uit van het nieuwe systeem: als pensioenen volgens de toekomstige regels niet verlaagd hoeven te worden, hoeft dat nu ook niet. Alle partijen willen zo voorkomen dat de invoering van het nieuwe pensioensysteem moeilijk wordt doordat er eerst nog forse premieverhogingen, versobering van pensioenregelingen of pensioenverlagingen aan vooraf moeten gaan. 

Pensioenpolderaars

Pensioenverlaging raakt gepensioneerden en oudere werknemers die al veel pensioen hebben opgebouwd het hardst. Maar als fondsen de pensioenen niet verlagen, teren zij eigenlijk in op het vermogen van jongeren. Jongeren hebben juist voordeel van de te lage premie: ze krijgen daarvoor veel pensioen toegezegd. Als die premie stijgt, raakt hen dat in hun nettoloon en komen banen op de tocht te staan omdat werknemers duurder worden voor de werkgever. Dat kan de coronacrisis verergeren. 

De pensioenpolderaars wegen nu de belangen van ouderen (geen pensioenverlaging) af tegen die van jongeren (geen premie-explosie). Als pensioenfondsen minimaal 95 eurocent per toegezegde pensioeneuro in kas hebben, hoeven zij de pensioenen niet te verlagen. Want in het nieuwe pensioensysteem hoeven zij de pensioenen ook niet te verlagen als zij maar 95 cent per euro pensioen in kas hebben. 

Dat is mogelijk doordat de pensioenen in het toekomstige stelsel minder hard gegarandeerd worden. De te bereiken hoogte van de pensioenuitkering is dan geen toezegging meer, maar vooral afhankelijk van de beleggingsresultaten van het fonds. 

Ondergrens 

Voor het voorspiegelen van het pensioen dat gepensioneerden de komende jaren krijgen en werkenden later kunnen krijgen, wordt een ‘projectierendement’ gebruikt. Dit maakt het mogelijk om ook bij een dekkingsgraad van 95 procent de pensioenen niet te verlagen. Met een projectierendement van bijvoorbeeld 2,5 procent, dat volgens betrokkenen nog steeds voorzichtig is, is die achterstand snel in te lopen.

Koolmees en de andere pensioenpolderaars hebben al vastgesteld dat 95 procent dekkingsgraad de ondergrens wordt. Dat voorkomt waarschijnlijk niet alle kortingen in 2022, omdat sommige pensioenfondsen daar nog onder zitten. Het ambtenarenfonds ABP komt bijvoorbeeld nu niet verder dan 90 procent. Maar die kortingen worden dan wel veel lager, zo’n 5 procent. Volgens de huidige regels zouden ze op 14 procent komen.

Het overleg  richt zich nu nog op het formuleren van een norm voor een minimale premie. Niet kostendekkend omdat veel premies dan 31 procent omhoog zouden moeten (van 69 cent dekking naar 1 euro) maar wel een stap die kant op. Dat moet snel gebeuren, want de komende weken stellen pensioenfondsen hun premie voor volgend jaar vast.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden