Nieuws

Kabinet verbreekt pas na vonnis het stilzwijgen: ‘Veroordeelde Marokkaanse journalist Radi was geen spion voor Nederland’

Maandenlang zweeg Nederland over het lot van de Marokkaanse journalist Omar Radi, die werd beschuldigd van spionage voor de Nederlandse ambassade in Rabat. Dit tot ontzetting van zijn familie, die opheldering eiste. Pas nu hij tot een lange celstraf is veroordeeld, neemt het demissionair kabinet voorzichtig stelling: Radi was géén spion.

De moeder van journalist Omar Radi (midden) met medestanders bij het gerechtshof in Casablanca op de dag van het vonnis. Radi werd veroordeeld tot 6 jaar cel. Beeld EPA
De moeder van journalist Omar Radi (midden) met medestanders bij het gerechtshof in Casablanca op de dag van het vonnis. Radi werd veroordeeld tot 6 jaar cel.Beeld EPA

Een woordvoerder van demissionair minister Kaag (Buitenlandse Zaken) zegt dit in antwoord op vragen van de Volkskrant. Het ministerie ‘herkent zich niet in de (in de berichtgeving genoemde) vermeende spionageactiviteiten’ voor Nederland.

Maandag veroordeelde een Marokkaanse rechtbank Omar Radi (35) tot zes jaar cel, in wat door mensenrechtenorganisaties als Amnesty International wordt gezien als een politiek proces. Als journalist legde Radi onder meer grootschalige onteigening van land van de lokale bevolking bloot. De arrestatie van Radi, in juli 2020, kwam twee dagen na de onthulling van Amnesty dat de autoriteiten hem illegaal volgden met gebruik van spionagesoftware Pegasus.

De rechters hielden het in Casablanca bij het uitspreken van de strafmaat, zonder te specificeren voor welke vergrijpen Radi de cel in verdwijnt. Dat wordt binnen enkele weken duidelijk bij het verschijnen van het papieren vonnis. Naast de verkrachting van een voormalig collega werd Radi beschuldigd van spionage voor Britse bedrijven in economische inlichtingen, én spionage voor de Nederlandse ambassade in Rabat.

‘We willen de waarheid’

Over die laatste beschuldiging eiste de familie van Radi opheldering van Nederland, dat zich tijdens het proces afzijdig hield van de rechtsgang in Marokko. Ondanks herhaalde Kamervragen weigerde het kabinet inhoudelijk in te gaan op de zaak. ‘We willen dat ons de waarheid wordt verteld’, eiste Fatiha Cherribi, de moeder van Radi, na zijn veroordeling. ‘Zijn deze beschuldigingen waar? Daarover willen we graag een verklaring van de Nederlandse regering.’

Volgens de officier van justitie zou Radi inlichtingen hebben doorgespeeld aan meerdere medewerkers van de Nederlandse ambassade. Onder hen Arnaud Simons, een Belg die van 2012 tot 2015 op de ambassade werkte als pers- en cultureel medewerker. Simons zou een buitenlandse spion zijn, en onvindbaar voor de Marokkaanse autoriteiten.

In een open brief van januari dit jaar ontkende Simons de beschuldigingen stellig. Ja, hij en Radi hadden contact – maar Simons was tenslotte de persmedewerker van de ambassade, en daarnaast bevriend met de journalist.

Geen verklaring Kaag

Onvindbaar was hij evenmin: Marokko had jacht gemaakt op ‘Arnauld Simon’, zijn naam verkeerd geschreven. Ondanks aandringen van Radi’s advocaten weigerde de rechtbank Simons te laten getuigen ten gunste van de journalist.

Een dag na de veroordeling brachten de Verenigde Staten hun zorgen over aan Marokko, en maakten dat publiekelijk bekend. Demissionair minister Kaag kwam tot op heden niet met zo’n verklaring. Volgens haar woordvoerder spreekt Nederland wel regelmatig met Marokko over ‘het belang van vrijheid van de pers’.

Over de lange stilte zegt het ministerie dat het (nog steeds niet) over de officiële aanklacht beschikt, ondanks navraag bij de Marokkaanse autoriteiten. Daardoor kon ‘niet met zekerheid gezegd' worden dat de aanklager Nederland noemde. Tussen Buitenlandse Zaken en de advocaten van Radi is geen contact geweest om informatie over de aanklacht te achterhalen.

‘Respect voor instituties’

De relatie tussen de twee landen staat bekend als zeer moeizaam. Het Marokkaanse regime is uiterst gevoelig voor internationale kritiek op de binnenlandse gang van zaken. Tegelijk is Nederland afhankelijk van het islamitische koninkrijk, bijvoorbeeld als het uitgeprocedeerde asielzoekers wil terugsturen. Het maakt het kabinet terughoudend om Marokko vermanend toe te spreken.

Opmerkelijk genoeg tekenden Nederland en Marokko op 8 juli een ‘actieplan’ waarin de landen ‘wederzijds respect voor elkaars soevereiniteit en instituties’ beloofden. Dat was anderhalve week voor de veroordeling van Radi en een dag voor die van een andere journalist, Soulaiman Raissouni, die werd veroordeeld tot 5 jaar cel. In de Marokkaanse media is het actieplan breed uitgemeten.

Het ministerie bevestigt het bestaan van dit plan, maar wil de inhoud verder niet delen omdat het ‘niet openbaar’ zou zijn. ‘De afronding van het actieplan is een separaat traject en staat los van de rechtszaak van Omar Radi.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden