Kabinet trekt 60 miljoen uit: alle peuters naar de opvang

Alle peuters in Nederland moeten enkele uren per week naar de kinderopvang kunnen. Het maakt dan niet uit of ouders wel of niet werken. Het kabinet wil dat mogelijk maken door hiervoor 60 miljoen euro uit te trekken.

Peuters in de bolderkar Beeld anp

Dat maakt minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken op Prinsjesdag bekend in zijn begroting voor volgend jaar. Haagse bronnen bevestigen berichtgeving daarover van RTL Nieuws.

Uitgangspunt is dat kinderopvang, ook al zijn het maar een paar uurtjes, bijdraagt aan de ontwikkeling van kinderen tussen de 2,5 en vier jaar. Veel kleintjes gaan al naar de peuterspeelzaal, maar 37.500 peuters nog niet. De ouders van deze kinderen hebben geen recht op kinderopvangtoeslag omdat ze niet allebei werken en ook geen recht hebben op geld uit een ander 'potje' omdat hun kind geen achterstand heeft.

De 60 miljoen gaat volgend jaar naar de gemeente, die vervolgens zelf mag beslissen hoe ze de opvang organiseert: bij een kinderopvang of bij een peuterspeelplaats. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) laat weten blij te zijn met de maatregel. 'Wij willen ontwikkelrecht voor ieder kind, zodat alle kinderen op de lagere school kunnen starten op eenzelfde basisniveau', aldus een woordvoerder.

Straks ook Engels, Frans of Duits bij de kinderopvang

Naast de opvang voor peuters verandert ook de opvang voor oudere kinderen. Zo wordt het op korte termijn mogelijk om meertalige buitenschoolse opvang (bso) aan te bieden. Kinderen van vier tot en met twaalf jaar krijgen dan opvang aangeboden in het Engels, Frans of Duits. Dat heeft minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) in juli aan de Tweede Kamer geschreven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.