Kabinet schendt vertrouwen van groene beleggers

Vijf oud-milieuministers, Ed Nijpels, Pieter Winsemius, Margreet de Boer, Hans Alders en Jan Pronk, zijn geschokt dat de Groenregeling wordt afgeschaft....

Nederland voert al sinds jaren een actief beleid als het gaat om het stimuleren van groene energie, biologische landbouw, biodiversiteit en natuurbehoud.

Daartoe hanteert de overheid, onder andere, twee soorten fiscale prikkels. Voor vervuilende activiteiten moet extra worden betaald (negatieve prikkel) en gewenste ontwikkelingen worden fiscaal beloond (positieve prikkel). Het kabinet Balkenende kiest ervoor op deze positieve prikkels te bezuinigen. Met name de wijze waarop het kabinet met de zogenoemde Groenregeling omspringt, is onbegrijpelijk.

De Groenregeling is in 1995 door de overheid in het leven geroepen om investeringen in 'groene' projecten te bevorderen. Groene spaarders en beleggers krijgen een extra fiscale vrijstelling, waardoor zij met een lager rendement genoegen kunnen nemen en dan per saldo toch een gunstig nettoresultaat kunnen behalen. Met dit geld kunnen groene ondernemers tegen een lagere rente investeren in hoogwaardige innovatieve projecten. Hun projecten moeten dan wel door het ministerie van Landbouw en het ministerie van Milieu als groen project erkend worden.

Dankzij deze stimuleringsregeling is sinds 1995 in totaal voor 2,4 miljard euro duurzaam geïnvesteerd in ruim tweeduizend groene projecten. Volgens een rapport van KPMG en het milieuonderzoekscentrum CE, dat deze week is gepubliceerd, is de economische waarde van de vermeden vervuiling (die anders bestreden had moeten worden) van de onderzochte projecten over 2001 ruim 50 miljoen euro. De kosten voor de overheid, in de vorm van gederfde belastinginkomsten, bedroegen ongeveer 30 miljoen euro.

Daarnaast blijkt de Groenregeling een belangrijke economische motor. Volgens het rapport levert één euro die de overheid investeert via de Groenregeling, 40 euro aan investeringen in groene projecten op.

Het kabinetsvoornemen zou om meerdere redenen teruggedraaid moeten worden. Zo'n 140 duizend groene spaarders en beleggers krijgen het lid op de neus. Ze zijn onder verwijzing naar maatschappelijk belang en fiscaal rendement overgehaald te beleggen in groenbanken en groenfondsen. Hun beleggingen worden minder waard. De belangstelling voor groen sparen en beleggen zal, als de Groenregeling verdwijnt, in de toekomst sterk teruglopen, waardoor er veel minder geld voor groene projecten beschikbaar komt.

De tweeduizend ondernemers die samen tot een bedrag van 2,4 miljard euro groen investeerden, worden met hogere krediettarieven geconfronteerd, zien hun rendement straks sterk dalen en dreigen in de rode cijfers terecht te komen.

Groene projecten die nog in de pijplijn zitten, zullen niet doorgaan wegens gebrek aan geld of wegens het risico op een te laag of negatief rendement; dat geldt onder meer voor biologische-landbouwprojecten en duurzame energieprojecten.

Bovendien is groen ondernemen gebaseerd op voortdurende innovatie; uitstel en afstel van vernieuwende groenprojecten zullen Nederland op dit terrein een flink eind terugzetten.

Maar de schade ten gevolge van het beleidsvoorstel zal niet alleen op milieugebied groot zijn. Het kabinet maakt met de uitkleding van de Groenregeling een einde aan een van de meest succesvolle vormen van publiek-private samenwerking en verspeelt daarmee het vertrouwen van het bedrijfsleven.

Het kabinet verspeelt ook het vertrouwen van de burgers, door hen te confronteren met een onberekenbare, zo niet onbetrouwbare overheid. Financiële adviseurs zullen er in de toekomst wel drie keer over nadenken of zij hun klanten groene en andere fiscaal gedreven producten willen aanbieden.

Ons allerbelangrijkste bezwaar is evenwel, dat het kabinet uit oogpunt van milieubeleid een totaal verkeerd signaal afgeeft aan de hele maatschappij. Er is de laatste jaren veel aan gedaan het gevoel van urgentie ten aanzien van het milieuprobleem onder burgers en ondernemers te versterken. Het inmiddels sterk gegroeide milieubesef bij spaarders, beleggers en ondernemers wordt nu ernstig ondermijnd. De Kyoto-doelstellingen zullen moeilijker bereikt kunnen worden, en bovendien duurder uitvallen.

Natuurlijk mag een nieuw kabinet, onder invloed van budgettaire noodzaak, technologische ontwikkelingen en nieuwe inzichten, de reikwijdte van de Groenregeling aanpassen. Het kabinet kan dat ook gemakkelijk, want het heeft zelf in de hand welke projecten als Groenproject worden erkend. Het is daarvoor dus niet nodig de bestaande Groenregeling aan te tasten. Het is al voldoende de toegelaten Groenprojecten nauwkeuriger te formuleren. Het stellen van scherpere criteria zou tegemoet kunnen komen aan de budgettaire wensen van het kabinet.

Wij roepen het kabinet en de Tweede Kamer dan ook op de bestaande Groenregeling te handhaven, daarmee de motivatie bij groene spaarders, beleggers en ondernemers in stand te houden en het duurzaamheidsbesef hoog te houden. De Groenregeling biedt het kabinet een basis om in samenwerking met bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties met succes te werken aan realisering van de hoge ambities die zijn geformuleerd in Rio de Janeiro, Kyoto en Johannesburg, en waarbij Nederland steeds voorop heeft gelopen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden