Kabinet doet een handreiking aan de ‘nee-stemmer’, of toch niet?

Op zes punten komt het kabinet de ‘nee-stemmers’ van het referendum over de inlichtingenwet tegemoet. Maar gaat het ook om wezenlijke aanpassingen? Verslaggever Huib Modderkolk weegt de punten.

DEN HAAG - Mark Rutte op weg naar de persconferentie na afloop van de ministerraad. FREEK VAN DEN BERGH

1. 'Zo gericht mogelijk'

In het regeerakkoord was al toegezegd dat ‘van het willekeurig en massaal verzamelen van persoonsgegevens geen sprake kan, mag en zal zijn’. Dat wordt nu vastgelegd in de wet.

Hiermee komt de coalitie tegemoet aan de vrees dat er straks een ‘sleepnet’ door het internet wordt getrokken. Op zich is dat aardig, maar van een sleepnet was al geen sprake – hoe luid de tegenstanders daar ook voor waarschuwden. De ongerichte kabelinterceptie dient sowieso aan allerlei voorwaarden te voldoen, waaronder dat het middel noodzakelijk en proportioneel moet zijn. Ook dient per definitie het meest gerichte middel ingezet te worden. In een motie van PvdA-Kamerlid Recourt was dit al een keer bevestigd. Nogmaals toevoegen dat deze bevoegdheid zo gericht mogelijk wordt ingezet is in wezen niets meer dan semantiek.

2. Wegingsnotitie

Voor het delen van bulkdata met andere landen moet eerst worden afgewogen of dat land aan een aantal criteria, bijvoorbeeld bescherming van mensenrechten, voldoet. Dit staat al in de wet, maar zou na twee jaar van kracht gaan. Dat gaat nu per direct in.

Tegenstanders vreesden dat bulkdata met bijvoorbeeld Turkije gedeeld zouden worden. Dat was door die wegingsnotitie eigenlijk al onmogelijk gemaakt. Het kabinet lijkt vooral aan die vrees tegemoet te komen met deze minieme aanpassing.

Het is een noodzakelijke aanpassing, maar het neemt tegelijkertijd het cruciale bezwaar tegen het delen van nog niet-geanalyseerde bulkdata niet weg. Waarom bijvoorbeeld de onafhankelijke toetsingscommissie niet vooraf de rechtmatigheid laten toetsen? Nu volstaat nog steeds enkel de handtekening van de minister.

3. Bewaartermijn

Gegevens die via ongerichte kabeltoegang waren opgeslagen, mochten drie jaar bewaard blijven. Het kabinet wil dat veranderen door telkens na één jaar een verplichte beoordeling te laten plaatsvinden, met twee verlengingsmogelijkheden. Het maximum blijft drie.

Hoewel dit semantisch lijkt, is dit wel degelijk een tegemoetkoming. Het houdt bijvoorbeeld in dat gegevens nu binnen een jaar geanalyseerd zullen worden en dat opnieuw beargumenteerd moet worden waarom ze nog een jaar in de systemen van de diensten moeten blijven. Niet-relevante gegevens zullen eerder vernietigd worden, wat de bijvangst minder omvangrijk maakt.

4. Medische gegevens

Als de inlichtingendiensten AIVD en MIVD op medische gegevens stuiten die ze niet mogen zien, zullen ze die vernietigen. Wel blijft het mogelijk om gericht naar iemands medische gegevens op zoek te gaan.

Deze aanpassing komt tegemoet aan een angst onder tegenstanders dat door het zoeken op glasvezelkabels en het opslaan van grotere hoeveelheden gegevens, ook medische gegevens niet meer veilig zijn. Nu is in elk geval vastgelegd dat medische gegevens die als bijvangst worden opgeslagen, vernietigd dienen te worden. Dat is een extra waarborg.

5. Gegevens journalisten

Journalisten zijn in de nieuwe wet al beter beschermd dan in de huidige wet. Een rechter moet toestemming geven voor het direct tappen van journalisten. Daar komt nu een extra waarborg bij: als metadata, zoals wie belt met wie op welk moment, door de AIVD of MIVD als bijvangst worden opgeslagen, dan delen de diensten die gegevens niet met buitenlandse collega's.

Deze extra waarborg kan voorkomen dat andere landen de bronnen van journalisten traceren. Dat is nuttig bij bijvoorbeeld de communicatie met terrorismeverdachten, inlichtingenbronnen of klokkenluiders. Het biedt nog geen oplossing voor het probleem van indirect tappen van journalisten: als de bron van de journalist wordt getapt door de AIVD en het contact met de journalist daardoor ook wordt opgeslagen. Daarvoor zijn geen extra waarborgen, zoals die wel voor advocaten gelden.

6. Evaluatie

Na twee jaar wordt de inlichtingenwet geëvalueerd. Dat blijft zo. Wel is het kabinet nu voornemens om dan sowieso met een wetswijziging te komen om tegemoet te komen aan eventuele onvolkomenheden.

Dit is een vrij lichte toezegging die weinig om het lijf heeft: voldoet de wet niet, dan zal het kabinet die vanzelfsprekend willen aanpassen. Bovendien is het handigheidje omdat het kabinet dan pas de nieuwe bewaartermijnen wil laten ingaan.

Conclusie

Met deze zes punten komt het kabinet de nee-stemmer een beetje tegemoet. Het belangrijkste knelpunt in de nieuwe wet – het hacken via derden – wordt echter niet aangepast. Dat heeft ook met de campagne van de tegenstanders te maken. Die waarschuwden vooral voor het 'sleepnet' en het delen van bulkdata met buitenlandse diensten. 

Toch blijft ondanks die campagne het delen van ongeëvalueerde bulkdata met andere landen vrijwel ongewijzigd. Het kabinet stelt dat er in de praktijk weinig gegevens van Nederlanders bij zullen zitten. Ook al klopt dat, het was mogelijk geweest in de wet op te nemen dat gegevens van Nederlanders nooit in bulk gedeeld mogen worden met andere landen, zoals in bijvoorbeeld Duitsland is gedaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.