Juwelen van hergebruik in de architectuur

In het Jaarboek Architectuur 2007/08 staan dit jaar veel hergebruikte gebouwen. De inhoud gaat boven de vorm, vindt de redactie....

Geen oogverblindend plaatwerk, dit keer, op de cover van het jaarboek Architectuur in Nederland. Integendeel: het lijkt een zooitje. Een stalen frame vormt een grof raamwerk dat is ingevuld met barakken. Architectuur? Zeker. De foto’s tonen de vroegere werf van de NDSM in Amsterdam waar tegenwoordig kunstenaars werken. Ooit kraakten zij dit pand, inmiddels zijn hun ateliers legaal. Ze zijn zelfs degelijk gebouwd, dankzij het jonge architectenbureau Dynamo, dat het stalen frame ontwierp als ordenend bouwsysteem.

‘Geen ander ontwerp vat zo goed de geest van 2007 samen’, juicht de redactie van het jaarboek. Ze roemt hoe Dynamo ‘met een minimum aan vormwil de gebruikers een maximum aan vrijheid gaf’; iets wat precies past bij deze ‘creatieve vrijplaats’.

De keuze van de voorplaat staat daarmee voor een strijdbare stellingname. De redactie wendt zich met nadruk af van architectuur die voornamelijk mooie plaatjes oplevert. Wellicht tot verbijstering van de architecten die ook dit jaar weer zo’n duizend projecten beeldschoon hebben laten fotograferen, in de hoop op een plek in het prestigieuze jaarboek.

De inhoud, ofwel het geheel doorgronden van de opgave, is dit jaar echter belangrijker dan fraaie vormen. Als al een spectaculaire buitenkant is uitgekozen, zoals het iconische Parkrandgebouw van MVRDV in Geuzenveld, gaat dat gepaard met een kritische noot: ‘Op de foto doet dit gebouw het beter dan in de werkelijkheid.’

Dienstbaar hergebruik daarentegen werd beloond. Liefst tien van de dertig uitverkoren werken zijn oude gebouwen die op inventieve manier een tweede leven werd gegund. Vooral in de naoorlogse wijken wist de redactie dat soort juwelen op te duikelen. Met als grootste een paar oude woonblokken in de Rotterdamse wijk Pendrecht waar bureau Van Schagen twee oude flatjes steeds wist om te toveren in een strakke.

Ook bij pure nieuwbouw ging de voorkeur naar ontwerpers die de essentie van de opgave zochten. Architectuur kan dan worden ingezet om treurige situaties te verbeteren. Zo ontwierp Marlies Röhmer een gesloten psychiatrisch dagcentrum in Noordwijk als een vriendelijk honk met warme materialen en raampjes als patrijspoorten. En ontwerper Willem van der Sluis gaf een detentiecentrum voor afgewezen asielzoekers in Zaandam twee koepels waarvan de sierlijke, licht doorlatende wanden aan kant doen denken. Zo kunnen de bewoners, althans tijdens het sporten, toch schoonheid ervaren.

Bij zoveel nadruk op verantwoord werk is het prettig dat er ook lichtvoetiger projecten zijn gekozen. Zoals de dakopbouw die MVRDV bedacht voor een oude school in Rotterdam, al jaren in gebruik als woonhuis. Ook dit past binnen de formule van het jaarboek: dankzij deze uitbreiding werd het leven van een oud gebouw verlengd en voldoet het gebouwde ten diepste aan wat de bewoners wensten. Maar tegelijk word je er vrolijk van: een knalblauw stadje op zichzelf – twee minihuisjes met slaapkamers van ouders en kinderen, een ommuurde patio en een bloembak met een boom erin. Wenteltrappen leiden naar de onderliggende etage.

En of dat oogverblindend exterieur niet gek genoeg was, kreeg het trappenhuis een klimtouw. Dat is inderdaad precies wat kinderen willen en een uitkomst wanneer, zoals Annie Schmidt bedacht, zich eens de situatie voordoet dat de trap is weggewaaid.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden