'Jullie zoon is geïdentificeerd'

Bij de Nationale Herdenking maandag voor de slachtoffers van vlucht MH17 zullen ze er ook zijn, de 106 familierechercheurs die de nabestaanden bijstaan. Hoe gaan zij te werk? Wat zijn hun ervaringen? En hoe wordt hun inzet gewaardeerd?

Herinneringsplekje op tafel bij de familie Meijer ter nagedachtenis aan hun dochter en haar vriend Beeld Harry Cock/ de Volkskrant

Familierechercheurs Ruud Mulder en Willem Reints begeleiden twee families die met de MH17-ramp werden geconfronteerd. Ze vertellen over de woede en het verdriet dat ze aantroffen. Hun verhalen komen sterk overeen met die van het echtpaar Meijer-Vlaskamp. Zij verloren hun dochter en schoonzoon. 'Overal was chaos. Paniek. We konden dagenlang niemand bereiken. Pas toen de familierechercheurs kwamen, kwam er een soort rust.'

De nabestaanden

Erro Meijer: 'Ze zeiden: gaan jullie maar aan de gang met jullie verdriet. Wij regelen de buitenkant, wij nemen dat van jullie over.'

Lidy Vlaskamp: 'Het was zondagmiddag, vier dagen na de ramp, toen onze familierechercheurs voor het eerst langskwamen. Ze stelden zich voor als Eva en Linda.'

Erro: 'Het was een opluchting dat ze er waren. De eerste dagen na de ramp heb ik alle instanties gebeld. Ik wist niet wat ik anders moest doen, ik wilde informatie. Wanneer zou het lichaam van Sascha terugkomen? En dat van haar vriend Tim? Hoe zat het met hun spullen? Elke keer weer liep ik tegen een muur. Niemand wist iets, niemand mocht iets zeggen. Je wordt doorverbonden, en nogmaals doorverbonden. Er wordt zomaar opgehangen, of je wordt in de wacht gezet, en dan hoor je een vrolijk Disneymuziekje. Ik kon alleen maar denken: Sascha is er niet meer, en Tim is dood. En dat muziekje speelde maar door.'

Lidy: 'Eva en Linda zeiden: met al je vragen kun je bij ons terecht, wij zoeken het voor je uit. Je kunt ons altijd bellen.'

De familierechercheurs

Ruud Mulder: 'Ik hoorde het nieuws die donderdag op de radio. De dag erna belde mijn coördinator: ben jij beschikbaar als familierechercheur voor de nabestaanden van deze ramp? Familierechercheurs zijn gewoonlijk bij moord- en zedenzaken de schakel tussen het rechercheteam en de familie van het slachtoffer. Maar dit was anders, deze ramp is zo uniek, zo aangrijpend. Hiervoor zijn in heel Nederland één klap 106 familierechercheurs aan het werk. Die werken altijd in duo's, om elkaar te ondersteunen. Elk duo behartigt de belangen van ongeveer twee families. Op zondag kreeg ik te horen dat ik met Willem een koppel zou vormen -- wij kennen elkaar al heel lang. Maandag gingen we naar de gezinnen die ons waren toegewezen.'

Willem Reints: 'Omdat het een poos duurde voordat alle nabestaanden waren getraceerd, konden wij pas na vijf dagen bij hen langs. Je moet je voorstellen: ze hadden dus donderdag niks gehoord, vrijdag niks, zaterdag niks en zondag niks. Dat veroorzaakte veel woede en frustratie.'

Ruud: 'Vanaf de eerste minuut wisten die mensen: onze familieleden zitten op die vlucht. Toen zijn ze gaan bellen, bellen en nog eens bellen. Bij alle instanties kregen ze nul op rekest. Men zei: u wordt teruggebeld. Maar dat gebeurde niet. Gek werden ze ervan.'

Willem: 'Wij hebben geprobeerd rust en duidelijkheid te creëren: vanaf nu heb je maar één aanspreekpunt en dat zijn wij. 's Avonds, 's nachts, in het weekend - onze telefoon staat altijd aan en wij komen onze afspraken altijd na.'

Bloemen liggen op Khariv Airport tijdens het opstijgen van het eerste vliegtuig met lichamen van MH17-slachtoffers Beeld afp

Nabestaanden

Erro: 'Na de ramp was er chaos. Overal. Ik was die dag thuis, ik had kaakpijn. Ik was net naar de tandarts geweest toen mijn oudste dochter belde: papa, het is mis. Helemaal mis. Er is een vliegtuig neergestort. Sascha en Tim zitten er in. We waren in paniek. We konden Lidy niet bereiken.'

Lidy: 'Ik ben nog van de generatie die niet de hele tijd op zijn telefoon kijkt. Ik had een etentje met mijn zussen.'

Erro: 'Je probeert te bevatten wat er aan de hand is, doet van alles tegelijk. Je kijkt naar de televisie, ziet de rookpluimen. Je hoort het bericht dat er geen overlevenden zijn. Je zet de computer aan, zoekt naar Sascha's mail met de vluchtgegevens. Je ziet MH17 staan. Je belt Schiphol en vraagt of er meerdere vluchten zijn geweest die dag met dat nummer. En je hoort dat er maar één vlucht was.'

Lidy: 'Ik zat net aan mijn eerste glas, toen mijn zus zei: 'Lidy, Erro heeft me tientallen keren proberen te bellen. Er is iets aan de hand.' Ik dacht: er zal wel iets zijn met zijn kaak. Ik belde terug, ik schijn ontzettend te hebben geschreeuwd. Ik ben van het terras gehold. Eigenlijk wist ik toen al: het is, het kan niet anders zijn dan dat... Paniek.'

Erro: 'We zijn die avond naar Schiphol gegaan, maar er was alleen geklungel. Begrijpelijk geklungel gezien de situatie. We moesten lang wachten om te horen dat ze ons niets konden vertellen. De passagierslijsten moesten gecontroleerd worden, de procedures gevolgd.'

Lidy: 'We gingen als een van de eersten weg en zeiden: bel ons zodra er iets bekend is.'

Erro: 'Kwart over vijf 's ochtends ging de telefoon. Het was een vertegenwoordiger van Malaysia Airlines. Hij zei: 'Waar bent u? Gaat u even zitten, houdt u zich maar even vast.' Toen vertelde hij wat we eigenlijk al wisten. Je bent radeloos van verdriet. Je dochter, dat is zo eigen. Er gaat iets van jezelf helemaal stuk.'

Lidy: 'Die eerste dagen ging zoveel mis, alles moest nog op gang komen. Ik ben zaterdag nog een keer gebeld door iemand van Malaysia Airlines. Hij zei: zet u schrap. Ik zei: ik ben al gebeld.'

Erro: 'Er belde zelfs een malafide persoon die er een slaatje uit wilde slaan.'

Lidy: 'Pas toen de familierechercheurs binnenkwamen, kwam er een soort rust.'

Familierechercheurs Ruud Mulder (l) en Willem Reints Beeld Harry Cock

Familierechercheurs

Willem: 'Wij voelden bij onze gezinnen meteen het intense verdriet.'

Ruud: 'Onze rol is dubbel. We zijn er voor de nabestaanden, om hen te helpen. Maar moeten soms ook zakelijk zijn. Al tijdens het eerste gesprek moesten vragenlijsten worden ingevuld voor de identificatie van de slachtoffers. Heel uitvoerig, tien A4'tjes per persoon. We wilden alles weten: oogkleur, haardracht, gewicht, lengte - droegen ze sieraden? Tatoeages? Hadden ze littekens? Een paar dagen na dat eerste gesprek is ook dna van ouders afgenomen. We gaan dan samen met collega's van Forensische Opsporing naar de families om wangslijm af te nemen.'

Willem: 'Eén gezin had de familieleden naar Schiphol gebracht, en veel foto's genomen. Voor de identificatie heel waardevol, maar dat brengt natuurlijk veel emoties teweeg.'

Ruud: 'In de auto op de terugweg praten we altijd na. Hoe ging het? Hoe zijn ze eraan toe?'

Willem: 'De eerste weken maakten we dagen van 16 uur. Onze eenheid heeft ons hier volledig voor vrijgesteld. Ik zag Ruud afgelopen maanden vaker dan mijn vrouw.'

Nabestaanden

Erro: 'Het is heel vreemd. Er zaten opeens twee politievrouwen aan de keukentafel, hun handtassen stonden op de grond. Zij kwamen ons huis, ons gezin binnen, gingen er tijdelijk deel van uit maken. Heel intiem. Maar tegelijkertijd zakelijk.'

Lidy: 'Al meteen die eerste keer wilden Eva en Linda weten wie de tandarts van Sascha was. Of er nog spullen waren waar haar vingerafdrukken opstonden, dingen die ze had vastgehouden. Of er nog ergens een tandenborstel lag.'

Erro: 'We zijn door het huis gelopen. Het stoorde me niet dat ze naar de spullen vroegen. Ze hadden de juiste toon.'

Lidy: 'Ze zeiden: we gaan er geen doekjes om winden. Zodra er iets geïdentificeerd is, en - het klinkt cru - al is het een been, bellen we jullie. Dan komen we langs.'

Erro: 'Wat even vervelend was, is dat Eva en Linda vrij snel op vakantie gingen. Wij begrepen het wel, zij hebben ook een privéleven. Maar onze dochter Fieke was boos: hoe kun je nu, in zo'n precair proces, zeggen: doei, er komt iemand anders? Dezelfde dag kregen we een mail van de nieuwe familierechercheurs Anja en Marieke. Het klikte meteen.'

Lidy:'Zij waren het die ons op 13 augustus belden met de mededeling: we komen eraan. Dan weet je welke boodschap gaat komen. Ze zeiden: Sascha is geïdentificeerd. Ze vertelden hoe ze erbij lag, dat haar lichaam nog redelijk intact was. Haar ketting was gevonden. Ook haar ring had ze nog om.'

Familierechercheurs

Ruud: 'Onze gezinnen voelden wat er ging komen, toen we belden: we komen langs.'

Willem: 'We draaiden er niet omheen. Bij binnenkomst zeiden we meteen: jullie zoon is geïdentificeerd.'

Ruud: 'Dan is het definitief. Er is onbeschrijflijk verdriet, maar ook opluchting. Nu kunnen ze afscheid nemen.'

Willem: 'Ik zei: ik ga nu een kil, zakelijk verhaal afsteken. Ik ga je vertellen hoe het lichaam is aangetroffen. Het is nagenoeg compleet, maar wel beschadigd. De familie wilde weten hoe het letsel was ontstaan. Door de val? Door de explosie in de lucht? Dat wisten we niet. We vroegen: wanneer willen jullie het lichaam begraven, en willen jullie het nog zien?'

Ruud: 'Na de Tripoli-ramp werd dat afgeraden. Daar hebben veel nabestaanden achteraf last van gehad. Daarom is nu afgesproken: wij geven advies, maar het uiteindelijke besluit ligt bij hen. De moeder wilde per se in de kist kijken. Ze zei: het is mijn kind, ik wil het zien.'

Willem: 'We zijn mee naar het mortuarium gegaan. Ruud en ik gingen eerst kijken. Haar zoon was beschadigd aan zijn hoofd. Dat deel van het hoofd hebben we bedekt met een laken.'

Ruud: 'De rest van de familie kwam erbij, daarna wij zijn weggegaan.'

Willem: 'Ze hebben gezamenlijk de kist gesloten, ieder een schroef.'

Nabestaanden

Lidy: 'Onze familierechercheurs, Anja en Marieke, waren bij de overdracht van de kist. Dat hoefde niet, maar we vonden het fijn. Ik had gevraagd of ik Sascha mocht aanraken, maar ze raadden het af.'

Erro: 'Er zijn foto's gemaakt. Van Sascha toen ze gevonden werd, en van de identificatie. Die worden voor altijd bewaard. Als wij ze over een paar jaar willen zien, kan dat.'

Lidy: 'We hebben nog een plukje haar gekregen. Het was doods, het leek niet op dat van haar.'

Erro: 'We hadden verwacht dat het ophalen van de kist emotioneel zou zijn. Maar het was juist heel kafkaësk, vervreemdend. De kist was van het identificatieteam in de Hilversumse kazerne overgebracht naar een mortuarium. We kwamen in een kleine ruimte waar mensen in witte jassen aanwezig waren. Een enigszins afstandelijke man van de kazerne vertelde dat het lichaam in de kist van Sascha was. Hij stond daar in zijn overall, op militaire kistjes, en zei dat het lichaam er niet goed aan toe was. Nee, dat hadden wij ook wel begrepen.'

Lidy: 'Bij een normale dood kun je afscheid nemen, iemand vastpakken. Hier was het klinisch. We hadden haar al weken niet gezien, en die man vertelde plastische details. Je denkt: dit gaat niet over mijn dochter. Maar op de kist zat wel een naamplaatje: Sascha Rozemarijn Meijer. Zo'n koperen plaatje, met haar naam en identificatienummer.'

Erro: 'We hebben haar mee naar huis genomen, en de kist omringd met bloemen en kaarsen. Met vrienden maakten we muziek voor haar, op de piano en de gitaar.'

Hoogwaardigheidsbekleders op vliegbasis Eindhoven tijdens de terugkeer van de eerste slachtoffers Beeld anp

Familierechercheurs

Willem: 'Wij gaan niet mee in de emoties van de nabestaanden. Hoe raar het ook klinkt: wij doen ons werk, we moeten afstand houden. Maar ook wij moeten wel eens slikken. Bij een van onze families is een heel gezin uit het leven gerukt. In één keer. En als je dan die kleine witte kistjes ziet waarin de kinderen liggen, ja, dat grijpt je aan.'

Ruud: 'Wij zijn van het type stoere-jongens-gaan-gewoon-door. Dus toen ik hoorde dat er ook voor ons een geestelijk verzorger beschikbaar was, was ik daar sceptisch over.'

Willem: 'Ik dacht: ik doe dit werk al negen jaar. Ik heb geen gesprek met een geestelijk verzorger nodig. Toch zijn we gegaan. Deze ramp is zo massaal. De hele wereld kijkt mee.'

Ruud: 'Het is goed om te praten.'

Willem: 'We hebben om de paar weken een kringgesprek. Het is goed om er met andere familierechercheurs over te praten. Het lucht toch op.'

Nabestaanden

Erro: 'De familierechercheur was onze poort naar de buitenwereld, waar al die nare processen plaatsvonden met het lichaam van Sascha, en de nasleep van het onderzoek. We hadden in de kist kunnen kijken als we dat hadden gewild. We hadden met iemand van het Openbaar Ministerie kunnen praten als we dat hadden gewild. Dat wilden we allemaal niet, maar zij konden dat wel regelen.'

Lidy: 'Ze drongen zich niet op, maar plooiden zich naar onze wensen. Ze weten veel van ons, maar we weten eigenlijk weinig van hen, realiseer ik me nu.'

Erro: 'Ik was ontzettend van streek tijdens de herdenking van Tim, Sascha's vriend. Ik kon er niet mee omgaan. Het overviel me. Opeens stonden Anja en Marieke naast me met een glaasje water. Ik had ze daarvoor niet eens gezien. Maar ze waren er op de achtergrond, ze hielden ons in de gaten. Ze namen ook meteen contact op toen voormalig minister Timmermans verkeerde uitspraken had gedaan bij Pauw, waar hij suggereerde dat de slachtoffers de ramp mogelijk bewust hadden meegemaakt omdat er een mondkapje was gevonden bij een van hen. Die uitspraak raakte me heel erg. Het was mijn grootste angst: ik zag Sascha in het vliegtuig zitten, wetende dat ze niks meer kon doen.'

Lidy: 'Het was een van de laatste keren dat we contact hebben gehad.'

Erro: 'Na de herdenkingsdienst van Sascha hebben we gezegd: laten we het contact nu maar op een laag pitje zetten. Het verdriet is niet weg, maar het gaat iets beter met ons.'

Lidy: 'Ze zullen ons blijven informeren over het strafrechtelijk onderzoek. Dus het zou zomaar kunnen dat we nog een jaar of twee contact houden.'

Auto's met de eerste slachtoffers bij Culemborg, op weg naar Eindhoven Beeld epa

Familierechercheurs

Ruud: 'We zijn tegen een aantal uitspraken van hooggeplaatsten aangelopen, vier of vijf in totaal, die veel onrust veroorzaakten. Als iemand op een persconferentie spreekt over brokstukken in plaats van lichaamsdelen, is dat heel confronterend voor de nabestaanden. Dan denk je als familierechercheur meteen: o jee, en bel je direct de families om ze bij te staan.'

Willem: 'Alles wat publiekelijk wordt gezegd, geeft een reactie van de nabestaanden. Ze zijn boos, of geëmotioneerd. Na zo'n uitspraak van Timmermans staat in één keer hun gedachtengang van het overlijden op z'n kop. Maar er ging ook heel veel goed. Als je zag hoe de lichamen zijn binnengekomen in Eindhoven - kippevel. Zó respectvol.'

Ruud: 'Maandag gaan we naar de Nationale Herdenking. We zijn er bij zulke gelegenheden altijd ruim voordat de familie aankomt. Zodra ze er zijn, begeleiden we hen naar binnen en leggen uit wat er komen gaat. Dan trekken we ons terug.'

Willem: 'Maar we houden ze wel in de gaten. Al kijken ze maar: waar is de wc, dan lopen we erheen en wijzen we hen de weg. We leven heel erg mee, maar we blijven op afstand. Het is hun rouwverwerking. Hun verdriet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden