ANALYSEGGZ

Juist voor mensen met zware psychische problemen is er weinig geld

De staat mag niet zomaar korten op de zwaarste gevallen in de forensische psychiatrie, oordeelde de rechter. De uitspraak legt een breder probleem bloot. Ook in de reguliere geestelijke gezondheidszorg is er te weinig geld voor mensen met zware aandoeningen.

Isoleercel in een ggz-instelling.Beeld ANP XTRA

Het ministerie van Justitie moet met de aanbieders van de forensische zorg in gesprek over hogere tarieven voor de behandeling van de gevaarlijkste delinquenten. Zomaar korten op de financiering daarvan mag niet, oordeelde de voorzieningenrechter in Den Haag gisteren.

Met deze uitspraak toonde de rechter begrip voor de argumenten van de zorgaanbieders, die de rechtszaak tegen de staat hadden aangespannen. De zorgverleners vinden dat de tarieven van de Nederlandse Zorgautoriteit – die zijn gebaseerd op gemiddelden – te laag zijn om zware gevallen te behandelen. 

De uitspraak was een tik op de vingers voor de Dienst Justitiële Instellingen, belast met de aanbesteding van forensische zorg. ‘De uitspraak is helder, nog deze week gaan we om tafel met de zorgaanbieders’, reageerde een woordvoerder van het ministerie van Justitie.

Tijdens de rechtszaak dreigden de zorgaanbieders dat zij, als er geen afdoende vergoeding zou komen, hun forensisch psychiatrische klinieken moeten sluiten. Dat zou de veiligheid zeker niet ten goede komen.

Duidelijker kan het risico niet worden geïllustreerd van een financieringsmodel dat is gebaseerd op gemiddelden: de prikkel ligt op de loer om vooral lichtere gevallen te behandelen. Een vergelijkbaar probleem zien deskundigen in de reguliere geestelijke gezondheidszorg.

Lichte problemen

Van de bijna 4 miljard euro die hierin jaarlijks omgaat, wordt een te groot deel besteed aan de lichtere en relatief makkelijk te behandelen problemen, zegt Philippe Delespaul, hoogleraar innovaties in de ggz aan de Universiteit Maastricht.

Door de manier waarop de ggz wordt gefinancierd, zullen behandelaren vaker voor de makkelijke resultaten gaan, zegt ook psychiater Elnathan Prinsen, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie.

Het gevolg is, zegt hoogleraar ­Delespaul, dat mensen met complexe problemen, die de zorg het hardst nodig hebben, vaak langer op de wachtlijst staan. De Tweede Kamer debatteert vandaag over de ggz met staatssecretaris Paul Blokhuis. Volgens brancheorganisatie GGZ Nederland staan er bijna 38 duizend mensen op een wachtlijst voor ggz-hulp.

Ook in de reguliere ggz gaan de tarieven te veel uit van een gemiddelde, vindt Delespaul. ‘Als marktwerking er toe leidt dat professionals in de ggz gemakkelijker geld kunnen verdienen aan lichtere gevallen, dan heb je een serieus probleem. Bij de behandeling van patiënten met complexe problemen kunnen zorgverleners onvoldoende uren declareren, voor bijvoorbeeld overleg met familie of andere betrokken organisaties.’

Daarbij worden veel behandelingen van psychische problemen gefinancierd op basis van een vaststaand aantal sessies. ‘Als het probleem van de patiënt dan ingewikkelder blijkt te zijn en verdere hulp nodig is, dan heeft hij pech.’

Eigen praktijk

Deze ontwikkeling wordt volgens Delespaul versterkt doordat steeds meer werknemers in de ggz een eigen praktijk beginnen, bijvoorbeeld omdat zij hun werk bij instellingen minder aantrekkelijk vinden door de administratiedruk en de onregelmatige roosters. ‘Ook die zelfstandigen richten zich vaker op relatief eenvoudige patiënten met bijvoorbeeld een lichte depressie. Je ziet dat ggz-organisaties die een dure crisisdienst in de lucht moeten houden in finan­ciële problemen raken.’

Daarom pleit Delespaul voor een duidelijk schot in de pot geld voor de ggz. ‘Zoals de huisarts de meeste tijd besteedt aan de patiënten met de grootste gezondheidsproblemen, zou het grootste deel van het ggz-budget ten goede moeten komen aan de patiënten met de ernstigste psychische problemen.’

Psychiater Prinsen vindt dit te kort door de bocht. ‘Ook mensen met enkelvoudige psychiatrische stoornissen moeten worden geholpen. Die kun je in veel gevallen met een relatief eenvoudige behandeling weer op de been helpen.’

Kanaliseren

Om de wachtlijsten te verkorten, zou allereerst de vraag naar ggz-zorg moeten worden gekanaliseerd, denkt Prinsen. Voordat mensen met een hulpvraag op een wachtlijst belanden, zou aan ‘verwachtingsmanagement’ moeten worden gedaan. ‘Welk probleem is zo acuut dat een behandeling niet kan wachten? Wie kan relatief snel met weinig behandeling geholpen worden? Ook zou je tegen sommige patiënten moeten zeggen: voor jouw hulpvraag is geen passend behandelaanbod. Dan weten die waar ze aan toe zijn. Beter dan dat ze op een wachtlijst worden geplaatst en iets verwachten dat er misschien niet is.’

Hoe die mensen dan geholpen moeten worden? Daar is Prinsen nog niet uit. ‘Met online-communities, wellicht. Feit is dat er binnen de ggz ruimte is voor de behandeling van ­

7 procent van de bevolking, terwijl 20 procent aanspraak doet op deze zorg. Dan kun je het beste die middelen besteden aan de zware en complexe patiënten en aan hen die doelmatig kunnen worden geholpen.’

De ggz heeft vooral meer geld nodig om de gestegen arbeidskosten te compenseren op de krappe arbeidsmarkt, zegt Prinsen. ‘Maar, er zijn niet veel meer professionals beschikbaar.’

Nieuws Rechter geeft ministerie van Justitie tik op de vingers: ‘niet zonder motivering korten op zware forensische zorg’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden