Juich niet te vroeg

Nu de LPF in ruziënde facties uiteen spat, lijkt het grootste gevaar voor de 'gevestigde' politici geweken. De partij mag dan niet aan regeren zijn toegekomen, stijl en toon van de politiek zijn aantoonbaar veranderd....

TUSSEN augustus 2001 en oktober 2002 zitten vierhonderd dagen. De opkomst van Pim Fortuyn en de ondergang van de Lijst Pim Fortuyn speelde zich in veertien maanden af. Fortuyn heeft altijd gezegd dat hij het in slaap gesukkelde politieke establishment wilde wakker schudden. Dat is aardig gelukt. Daarna wilde hij, na een jaar of vier als minister-president orde op zaken te hebben gesteld, iets leuks gaan doen. Een bar openen voor ondeugende jongens, bijvoorbeeld.

Het is Fortuyn niet vergund geweest. Een dolgedraaide milieufundamentalist dacht het land een goede dienst te bewijzen door de lijsttrekker neer te knallen. De verweesde Lijst Pim Fortuyn kwam met 26 zetels als tweede partij de Kamer binnen. Tijd om aan het blauwe leer van de stoelen te wennen, was er niet. De kolkende natie moest tot bedaren worden gebracht. Dat kon alleen door een monsterverbond tussen het oude en het nieuwe.

Het was old hand Piet Hein Donner van het zegevierende CDA die een kabinet in elkaar timmerde met de even goedgeluimde als onervaren Jan Peter Balkenende als premier. Namens de LPF leverde de serviele Mat Herben hand- en spandiensten. Hoezo nieuwe politiek? Deelnemen aan de regering was nieuw genoeg voor defensie-ambtenaar Herben. Of het nu over het referendum ging, of over de JSF-straaljager: je moest Pim ook weer niet al te letterlijk nemen.

Bijdehand als altijd, sloot verliezer Gerrit Zalm, geholpen door zijn voormalige ambtenaren op Financiën, voor zijn VVD een droomakkoord af. Het verkiezingsdebacle van Dijkstal, die het gat van de deur werd gewezen, was nog slechts een vage herinnering.

In plaats van deemoed en bescheidenheid, werd de jonge Balkenende bevangen door hoogmoed. Het losgeslagen volk werd vermanend toegesproken. Tucht en ascese - dat was de boodschap van Balkenende, die herinneringen opriep aan die gezellige jaren vijftig, toen de burgerman zijn boterham belegde met tevredenheid en opzag tegen Het Gezag.

De 'wederopbouw na Paars' zou met 'duidelijkheid en daadkracht' ter hand worden genomen. De overheid zou beter gaan presteren voor minder belastinggeld. In de Miljoenennota werd aan die laatste droom al meteen een eind gemaakt. De lasten gingen niet omlaag, maar omhoog. Werkgevers en werknemers werd de wacht aangezegd. De werkloosheid steeg intussen met zevenduizend man per maand. Maar de Melkertbanen werden geschrapt. Het gerommel in de gelederen van coalitiegenoot LPF was tijdens de Algemene Beschouwingen al duidelijk hoorbaar. Weldra zou het geraas het ijle stemgeluid van de minister-president overstemmen.

Aan de linkerkant van het politieke spectrum loste het ene lagedrukgebied het andere af, onderbroken door hagel en onweer. De Partij van de Arbeid bleek nog slechts beperkt toerekeningsvatbaar. In plaats van een gang naar de psychiater te maken, sloegen de sociaal-democraten vooral elkaar de hersens in. Jeltje van Nieuwenhoven leek de zaak bij elkaar te kunnen houden. Zij had bovendien op 15 mei het vertrouwen van een record aantal kiezers gekregen. Maar zij aarzelde en twijfelde zolang, dat Wouter Bos en Klaas de Vries haar de pas naar het partijleiderschap konden afsnijden.

D66 verkeerde aanvankelijk in een shock. Thom de Graaf nam de tijd om tot zichzelf te komen. In het debat met Balkenende van afgelopen woensdag was hij er opeens weer. De kiezer heeft hem evenwel helaas uit het oog verloren. Het berooide D66 gaat met vijf zetels in de peilingen misschien wel haar laatste verkiezingscampagne tegemoet.

Paul Rosenmöller van GroenLinks moest zich schuilhouden en laten bewaken. De op drift geraakte kiezer ging op 15 mei aan GroenLinks voorbij, richting Jan Marijnissen van de SP. Rosenmöller had zijn hele campagne afgestemd op samenwerking met CDA en PvdA in een centrum-links kabinet. Voor die taxatiefout kreeg hij terecht de rekening gepresenteerd. In de oppositie voelt hij zich meer in zijn element. De verkiezingen lijken te vroeg te komen voor zijn gedoodverfde opvolgster Femke Halsema.

Daarmee dreigt de verkiezingscampagne een exclusieve mannenaangelegenheid te worden. Want ook Jan Marijnissen heeft de smaak weer te pakken gekregen. Vorige zomer nog wilde hij het estafettestokje overgeven aan Agnes Kant. Maar toen Fortuyn in de ring verscheen, begreep Marijnissen bliksemsnel dat Pim en hij de hele gevestigde politiek, van VVD tot en met GroenLinks, in de tang konden nemen.

Nu de Lijst Pim Fortuyn zichzelf heeft opgeblazen, is het gevaar levensgroot dat de vermoorde leider zelf tot mythische proporties zal uitgroeien. Iedereen is opeens 'in Pim'. Zijn 'gedachtegoed', zoals de combinatie van losse flodders en rake observaties sinds de verkiezingen wordt genoemd, wordt de komende maanden door elke politicus aan het hart gedrukt.

Zo haatte Fortuyn de PvdA, maar is Wouter Bos dol op Fortuyn. De PvdA-kroonprins heeft veel van Pim geleerd, verklaart hij aan iedereen die het horen wil. En verder is vooral Joop den Uyl, de meest overschatte politicus van de twintigste eeuw, de held van Bos. Wim Kok? Wie was dat ook al weer? Laten we die twaalf jaar in de regering, die zestien jaar partijleiderschap maar gauw vergeten, denkt Bos.

Wat dat betreft is Klaas de Vries uit een wat harder hout gesneden. Hij staat voor Kok, voor Paars II en voor wat hij als minister van Binnenlandse Zaken voor elkaar heeft gekregen. Duizend agenten meer op straat, daar is Balkenende niet aan toegekomen. Dat hij het CDA dood verklaarde is een vergissing die in de PvdA wel meer werd gemaakt. In Pim Fortuyn, laat staan de LPF, heeft De Vries nooit wat gezien. En de borrelpraat van de angry white man, die tegenwoordig als de hoogste wijsheid geldt, maakt op de afstandelijke, licht geaffecteerd pratende rasbestuurder De Vries weinig indruk.

IS MET de ondergang van de LPF, het gevaar voor de 'gevestigde' partijen nu geweken? De politici hopen het, tegen beter weten in. Ze begrijpen de betekenis van de revolutie van Fortuyn maar half. Wie een winst- en verliesrekening van de 'nieuwe politiek' wil opmaken, moet daarbij ook stijl en inhoud betrekken.

De overeenkomst tussen Pim en zijn verweesde opvolgers was hun stijl. 'Ik zeg wat ik denk, en ik doe wat ik zeg', zeiden de LPF'ers de grote roerganger na, waarbij het eerste gedeelte van het credo meer in acht werd genomen dan het tweede. Zo speculeerde Hilbrand Nawijn openlijk over het 'terugsturen' van Marokkanen met een Nederlands paspoort - iets wat hij natuurlijk absoluut niet kon waarmaken. De vermoorde leider putte ook graag uit zijn persoonlijke ervaringen. Pater Hutjens wist al dat de scholen knus en klein moesten zijn. Zijn afkeer van de bureaucratie in de gezondheidszorg ontbrandde in Pim toen hij bij zijn moeder in het verpleeghuis op bezoek kwam. De verpleegsters deden niets anders dan theedrinken en vergaderen.

Herman Heinsbroek volgde het voorbeeld van Fortuyn en verhief het persoonlijke ongenoegen tot hogere staatkunde. De eerste week van zijn ministerschap klaagde Heinsbroek al over de terreur van het eenrichtingsverkeer en het afsluiten van een hele rijstrook als het gras in de middenberm gemaaid moest worden. Collega Roelf de Boer wilde een gedoogbeleid voor snelheidsovertreders. Laat de politie boeven vangen - en geen automobilisten. Of deze oprispingen pasten in een coherente politiek - daar maakte de LPF'ers zich niet druk over.

De leus van Pim werd iets te letterlijk opgevat. LPF'ers zeiden ook tegen LPF'ers wat hen op het hart lag. Fractievoorzitter Harry Wijnschenk beschuldigde partijvoorzitter Ed Maas van corruptie. Zonder met bewijzen te komen wreef hij Maas aan zijn vastgoedvriendjes de Eerste Kamer in te willen loodsen. Heinsbroek kwalificeerde een betoog van collega Bomhoff op een bestuursvergadering van de LPF duidelijk hoorbaar voor de tv-kijkers als een 'lulverhaal'. Tegen werkgeversblad Forum zei Heinsbroek: 'Als ik een proefballon wil opblazen, dan doe ik dat. Als Balkenende zich daaraan ergert, is dat zijn probleem.'

EEN DERDE stijlfiguur van Fortuyn en de LPF was het schelden op 'de politiek'. Politici liegen altijd. Ze hebben altijd een dubbele agenda. Ze zijn niet te vertrouwen. Dit uiteraard in grote tegenstelling tot het bedrijfsleven, waar iedereen recht door zee op de gemeenschappelijke targets afstevent. Zo is Mat Herben er vast van overtuigd dat Gerrit Zalm van de VVD de ondergang van het kabinet in scène had gezet. Terwijl de LPF tussen het gooi- en smijtwerk door toch altijd braaf met de VVD had meegestemd. Het is de achterdocht die voor wereldwijsheid doorgaat: 'vertel mij wat!'

Het grote verschil tussen Fortuyn en zijn volgelingen zat hem in de bagage. Fortuyn was vergeleken met zijn partijgenoten een kleine krabbelaar als het om materiële rijkdom ging. Maar geestelijk was hij zijn partijgenoten - met uitzondering van Bomhoff - veruit de baas. Fortuyn kende zijn zaakjes. Tegenover tegenspelers als Ad Melkert en Hans Dijkstal bleef hij gemakkelijk overeind, niet alleen vanwege zijn charisma, ook vanwege zijn dossierkennis.

Zijn grote gave was het om zaken als nieuw te presenteren die dat helemaal niet waren. Van doodknuffelen van minderheden was allang geen sprake meer, inburgeren moest ook al onder Kok. De Vreemdelingenwet van PvdA-bewindsman Job Cohen houdt malafide asielzoekers effectief buiten de deur. Onder Paars is het cameratoezicht in de publieke ruimte zeer sterk uitgebreid. De wet werd door het kabinet-Kok gewijzigd om preventief fouilleren mogelijk te maken. Het was Paars dat verplicht afkicken van verslaafde criminelen invoerde. PvdA-minister Willem Vermeend pakte de Amsterdamse sociale dienst aan omdat die te weinig sancties uitdeelde aan frauderende uitkeringstrekkers.

Heeft de revolutie van Fortuyn dan niets opgeleverd? Dit zou een onjuiste conclusie zijn. De grote verandering na Fortuyn zit hem in de uitvoering van het overheidsbeleid. Onder Paars en onder de PvdA in de grote steden werden uitvoerders die de handen uit de mouwen wilden steken vaak afgeremd door politiek-correcte wethouders en topambtenaren. Nu die dekking is weggevallen, worden ambtenaren 'afgerekend' op hun prestaties. Plots pakt niet alleen Rotterdam de onveiligheid aan, maar ook Nijmegen. Den Haag en Amsterdam ondernamen een grootscheepse actie tegen illegale Bulgaarse en Roemeense pooiers en hoeren. Burgemeester en PvdA-senator Stekelenburg stelde de Tilburgse imam Ahmad Salam onder curatele. Een paar jaar geleden zou niemand ook maar hebben geweten dat deze voorganger de moslimmannen het recht gaf hun vrouwen te slaan. Korpschef Pier Eringa in Flevoland is de eerste politiebaas met een salaris dat afhankelijk is van de prestaties van zijn dienders.

Nieuw flinks is geen uitvinding van Fortuyn, maar van de sociaal-democratische GPV-stemmer en socioloog Herman Vuijsje. De omslag in de politieke cultuur kwam wél door het optreden van Pim Fortuyn tot stand, want de partijbonzen van PvdA en GroenLinks luisterden niet voldoende naar mensen als Vuijsje. Links weet dan ook geen raad met de nieuwe, repressieve en bedrijfsmatige overheid.

Het belangrijkste verlies dat onder Fortuyns hegemonie wordt geleden, is dat de nieuwe, repressieve en bedrijfsmatige overheid zich van de plicht ontslagen acht zich in anderen te verplaatsen. Voor begrip is geen plaats meer. Zij die willen vasthouden aan religieuze en culturele gebruiken, zij die het niet lukt op het rechte pad te blijven, zij die zich door overmacht niet aan hun afspraken kunnen houden - ze kunnen de tering krijgen. Maar met louter medelijden voor de ontheemden, ontrechten en onderdrukten, zullen de linkse partijen het de komende verkiezingen niet redden. De dreun die Pim Fortuyn hen heeft toegediend, zal nog lang nagalmen in de partijburelen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden