'Juan Juanssen' won de Vuelta van 1967 - toen de Ronde van Spanje nog bijzaak was

In het voorjaar van 1967 wint Jan Janssen de Ronde van Spanje. Een topprestatie die vijftig jaar geleden nauwelijks opvalt. De Vuelta geldt als bijzaak. Hoe anders is dat vandaag wanneer de ronde start in Nîmes. Met Chris Froome, Fabio Aru, Romain Bardet, Steven Kruijswijk en Wilco Kelderman.

De teamgenoten Jan Janssen (links) Jean Pierre Ducasse (midden). Beeld EFE

Jan Janssen begint een anekdote als volgt: hij zet zijn bril af, leunt ietsjes voorover en dempt zijn stem, alsof een samenzwering in de maak is. Mikpunt is Kees Pellenaars, de roemruchte baas van de Nederlandse wielerploeg Televizier.

Hij heet in deze anekdote De Pel, een koosnaampje dat bij Janssen een scheldwoord wordt. Plaats van handeling is 'het Baskenlandgebeuren', zoals Jan Janssen de weerspannige provincie in het noordoosten van Spanje noemt. Tijdens de Vuelta van 1967 heeft afscheidingsbeweging ETA een tapijt van kraaienpootjes op het asfalt achtergelaten.

'We waren weg met een man of acht, allemaal renners van het klassement. Iedereen reed lek, zowel voor als achter. Ook de ploegleiders konden niet verder. Allemaal lekke banden. Nadat de kopgroep met reservefietsen weer op gang was, kwam De Pel langszij. Hij was als enige niet lek gereden, die rotzak.

'Hij draait zijn raampje open, stuk sigaar in zijn bek, en zegt tegen mij: als er straks nog wat gebeurt, regel ik het wel voor je. Alsof dat kan, een wiel krijgen van een andere ploeg. Dat mag helemaal niet. Enfin, alles gaat goed. Ik win die ronde, kom thuis en dinsdagmorgen half negen gaat de bel. De Pel voor de deur.

'Ik zeg tegen hem: zo Pel, je bent er vroeg bij. Koffie? We gaan in de keuken zitten en hij zegt: ik kom eens afrekenen. Ik zeg: waar heb jij het over? Hij zegt: als ik er niet voor je was geweest, had je alles kunnen verliezen. Ik zeg: vuile rat, kom je geld uit mijn zak kloppen? Wegwezen.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Jan Janssen passeert in de vijfde etappe van de Vuelta van '67 op weg naar Salamanca een aantal geestelijken. Beeld Luis Millán / EFE

Jan Janssen zet zijn bril weer op en is in één klap weer de bebrilde Nootdorper (zijn bijnaam) die precies een halve eeuw geleden als eerste Nederlander een driewekelijkse ronde won. 77 jaar is hij inmiddels. Nog altijd even tanig, nog altijd hartstochtelijk fietser.

We zitten in het kantoor van waaruit 'de jonge Jan' (zijn zoon) het fietsmerk met zijn naam hoog houdt. Cycling moments of a Dutch icon staat op een muur geschreven. Aan een andere wand hangen foto's van die momenten: winst op het WK in 1964, sprintzege in Parijs-Roubaix drie jaar later en natuurlijk de Tour de France van 1968.

Van de drie grote rondes geldt de Vuelta als de minst aansprekende. Onterecht, er zijn genoeg redenen om uit te kijken naar de 72ste editie.

Bij nadere inspectie blijkt de Ronde van Spanje in deze eregalerij te ontbreken. 'Daar moeten we wel wat aan doen', mompelt Jan Janssen.

Met die overwinning, behaald op 14 mei 1967, bezegelde hij niet alleen zijn ontwikkeling van sprinter tot ronderenner. Het winnen van een grote ronde bleek bovendien een prestatie die slechts twee landgenoten sindsdien evenaarden: Joop Zoetemelk (Tour de France van 1980) en, nog geen drie maanden geleden, Tom Dumoulin (Ronde van Italië).

Was die Vuelta een bevestiging die u nodig had om een jaar later de Tour te kunnen winnen?

'Nee, die bevestiging had ik een jaar eerder al gehad, in de Tour. Ik had de gele trui veroverd in de laatste week. Alles leek in kannen en kruiken. Maar in de zeventiende rit reed ik achterin het peloton, dezelfde fout die Dumoulin dit jaar in de Giro maakte.

'Het was een ritje van niks, van Briançon naar Turijn, colletje van de derde categorie. Op een gegeven komt Henk Nijdam, een vriend, naar me toe. Hij zegt: Lucien Aimar is weg. Ik zeg: je speelt met mijn voeten. Maar het was waar.

'Nou had ik in elk been één Aimar zitten, maar mijn ploeg was te zwak om het nog te kunnen herstellen. Très faible. En zo verloor ik dus die Tour. Bonje met Maurice de Muer, mijn ploegleider. Natuurlijk was het mijn fout, maar met zo'n ploeg ging ik niet verder. Dus kwam er versterking. Dat heeft me wel geholpen in de Ronde van Spanje het jaar daarop.'

Ging u als een favoriet van start?

'Ik had al enige furore gemaakt, jawel. Echte Tourrenners, en dat was ik inmiddels, werden goed betaald in Spanje. Juan Juanssen noemden ze me. De Vuelta werd in die tijd in het voorjaar verreden, april en mei. Maar jongens nog aan toe, wat was het heet. Dat woestijnachtige gebied. Die ellenlange wegen. Geen kip te zien.

'En dan moest je het dus de hele dag doen met vier bidons. Twee bij de start en twee onderweg. Ik had een trucje ontdekt met pruimenpitten. Als je daarop sabbelde, kwam er speeksel vrij. Daar had ik een zakje van meegenomen.

'Het was in de jaren zestig nog een armoedige boel in Spanje, zeker in vergelijking met ons. Hotels stelden niet veel voor, het eten evenmin. Ik hoor De Muer nog tekeer gaan. Overdag verloor je zesduizend calorieën als wielrenner. 's Avonds kwamen er amper tweeduizend bij.'

Wat was de status van de Ronde van Spanje?

'Zoals er nu wordt gesproken over de drie grote ronden, dat had je toen nog niet. Eerlijk gezegd was de Vuelta een koers die er aan bengelde. Je had de Tour, daarna een tijd niets en dan de Giro, maar die was vooral voor de Italianen zelf.

'Een behoorlijk deelnemersveld, dat wel, en een lastig rondje ook. Niet de echte cols, maar wel tot zo'n 1.200 meter en dan bleef het op en neer gaan. Wat je nog niet had, waren die geitenpaden met stijgingspercentages van 28 procent.'

Hoe verliep de wedstrijd?

'We begonnen in Vigo, net boven de grens met Portugal. Eerst een rit in lijn, daarna een tijdrit van 4 kilometer. Die win ik en sta meteen eerste in het klassement. Er stond op het parcours een boom, precies op een hoek. Ik zal niet zeggen dat ik de takken er af reed, maar ze bewogen wel. Zo scherp draaide ik die hoek. Dan weet je dat je goed bent.'

'Je had natuurlijk een hoop van die Spaanse springveren, jongens die de bergen opvlogen. Maar die konden we er op het vlakke af rijden. Dan ging je in de slag met buitenlandse ploegen om waaiers te vormen. Ze waren al kapot voordat we aan de bergen begonnen. Eigenlijk heb ik die hele Vuelta bovenin meegedraaid, maar Jean-Pierre Ducasse zat me dwars.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Jan Janssen en zijn ploeggenoot Jean Pierre Ducasse, de nummers een en twee van de Ronde van Spanje. Beeld Angel Millan / EFE

Ducasse?

'Een ploeggenoot, 22 jaar oud. Best een talent, maar twee jaar later op tragische wijze om het leven gekomen. Koolmonoxidevergiftiging in een hotelkamer. Jean-Pierrre was aan het eind van de eerste week omhoog geschoten dankzij een ontsnapping. Dat was lastig, want ik kon moeilijk mijn maat uit de gele trui rijden.

'Maar op de voorlaatste dag volgde nog een tijdrit. Er was geen tijd meer om het parcours op de fiets te verkennen, dus we gingen met de auto. Ik zie ons nog zo zitten. Wij tweeën achterin. De Muer aan het stuur, een mecanicien naast hem. Na 20 kilometer van draaien en keren begint Jean-Pierre te huilen. Oh merde. Hij zag het niet meer zitten. En ik dacht bij mezelf: dat is mijn kans.

'Eigenlijk ging het net als met Herman van Springel in de Tour de France een jaar later. Na drie weken gaat het niet meer alleen om hard fietsen. Dan moet je ook in je kop sterk zijn, zeker in een tijdrit. Ik kon dat, jawel. Als ik er moest staan, dan stond ik er ook.'

Na een bescheiden feestje zondagavond en de terugreis op maandag bleek het vaderland niet geïnteresseerd in zijn wielerheld. Geen huldiging, geen radio of televisie, niet eens een dagbladjournalist die de moeite nam zijn verhaal op te tekenen. 'Ik kwam thuis en het leven ging gewoon door.'

Alleen dat bezoekje van Pellenaars?

'Nooit mijn vriend geweest, De Pel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden