INTERVIEWRobert Bryce

Journalist Robert Bryce: ‘Het is immoreel om arme landen moderne energie te ontzeggen’

Jongeren in Gaza ­bereiden snacks ­onder ledverlichting op batterijen.Beeld Chloe Sharrock / Le Pictorium

Zorgen over het klimaat gaan niet boven de alledaagse problemen van miljarden mensen, zegt journalist Robert Bryce. Elektriciteit is hét bepalende onderscheid tussen rijk en arm, en dus is het een goed teken dat het wereldwijde stroomverbruik toeneemt.

Alledaagse magie, dat is het. Je drukt een schakelaar in en aan het plafond floept het licht aan. Elektriciteit – onhoorbaar, onzichtbaar, ongrijpbaar – missen we pas als er een storing is. Dan komt er ineens geen warm water uit de kraan en valt de espressomachine uit. In Nederland duurt zoiets zelden langer dan twee uur. Dan starten onze apparaten weer ratelend op, gaan lampjes knipperen en begint het normale leven weer.

Hoe anders is dat voor de bijna 1 miljard mensen die thuis niet of nauwelijks beschikken over elektriciteit. De meesten van hen wonen in landelijke gebieden in Afrika en Azië. In de steden is het beter, maar of er werkelijk iets uit het stopcontact komt, is vaak maar de vraag. Een black-out kan weken duren. De stroom is onbetrouwbaar en nog duur ook.

Elektriciteit is hét bepalende onderscheid tussen rijk en arm, stelt Robert Bryce, een Amerikaanse journalist die al zeker dertig jaar schrijft over energie en gastheer is van de podcast Power Hungry. Voor zijn zesde boek, A Question of Power, en de bijbehorende documentaire Juice dook hij in de rapporten en concludeerde: ‘Meer dan 3 miljard mensen wonen in een land waar het gemiddelde stroomverbruik per hoofd van de bevolking lager is dan wat mijn koelkast verbruikt.’

Bryce reisde naar India, Puerto Rico, Libanon en IJsland. Daar vroeg hij iedereen wat elektriciteit voor hem of haar betekent. Hij hoorde antwoorden als ‘een goed leven’, ‘een mensenrecht’, ‘welvaart’. Bryce concludeert dat alle indicatoren van welzijn – een fatsoenlijk inkomen, politieke inspraak, toegang tot gezondheid en onderwijs – zijn te herleiden tot één simpele vraag: kun je ’s ochtends het licht aandoen?

Gelukkig is het antwoord steeds vaker ja, meldt Bryce via Skype vanuit Austin, Texas. Want volgens de experts gaan we de komende twintig jaar heel wat meer stroom verbruiken – en dat betekent vooruitgang.

Wat maakt elektriciteit zo’n bijzondere vorm van energie?

‘Het maakt een modern leven mogelijk. Je kunt over allerlei vormen van energie beschikken – een jerrycan met benzine voor een aftandse motorfiets, of een stapel brandhout om je aan te warmen – maar als je geen stopcontact in je huis hebt, blijft het leven zwaar. Vooral vrouwen en meisjes worden bevrijd van alledaagse, tijdrovende klusjes, zoals hout sprokkelen, onkruid wieden en wassen. Als er eenmaal een elektriciteitsnet is, kunnen apparaten als de koelkast en de wasmachine het werk in het huishouden lichter maken. Voor vrouwen is elektriciteit het verschil tussen een leven met mogelijkheden om zich te ontplooien en een leven als huissloof. Boeren kunnen hun oogst koel bewaren, zodat die niet bederft. Ze hoeven niet langer met de hand water te pompen of koeien te melken, maar kunnen daar machines voor gebruiken.’

Maar al die apparaten zijn toch niet ineens betaalbaar voor iedereen?

‘Overheden kunnen elektrische apparaten subsidiëren of goedkope leningen aanbieden om ze te kopen. Zo gebeurde dat vroeger ook in de Verenigde Staten. Dat is geen onlogische investering van de overheid, want elektriciteit leidt tot hogere productiviteit en hogere winsten. Zo zijn mensen uit dorpen niet langer gedwongen tot zware arbeid op het land en kunnen ze zich ontwikkelen. Overal ter wereld zie je dat inkomens stijgen als het verbruik van elektriciteit toeneemt.’

Toegang tot elektriciteit is toch nog geen garantie voor welvaart?

‘Klopt, maar de afwezigheid ervan is vrijwel altijd een recept voor armoede. Er bestaat geen land met een hoog inkomen en een laag energieverbruik. Elektriciteit is daarin essentieel. Het vergt investeringen, want je hebt er een kostbaar en geavanceerd systeem voor nodig van hoogspanningsmasten, transformators, kabels en draden, maar het levert dus ook veel op.’

De Verenigde Naties streven met de Duurzame Ontwikkelingsdoelen na dat iedereen in 2030 toegang heeft tot betaalbare, betrouwbare elektriciteit. Liggen we op schema?

‘Ik heb ernstige twijfels of dat doel wordt gehaald, want het is niet niks om in korte tijd een miljard mensen te bereiken. Tegelijk is het doel absurd laag, want de lat ligt voor een huishouden zo laag: het is net genoeg om een paar lampjes te laten branden, een paar ventilatoren te laten blazen en een mobiele telefoon op te laden – en dat is het dan. Het is lang niet genoeg om een familie uit de armoede te halen.’

Wereldwijd steeg het stroomverbruik in 2018 met 4 procent. Als dat doorzet, verdubbelt het in twintig jaar tijd.

‘Inderdaad. Prachtig, hè?’

Verbruiken we eigenlijk niet al meer dan genoeg elektriciteit?

‘Haha, da’s een goeie!’ (Stilte.) ‘Meent u dat echt?’

Energiebesparing is een belangrijk onderdeel van het klimaatbeleid. We zullen dus moeten minderen.

‘Tja, het staat iedereen vrij te somberen over het feit dat we in de wereld 22 miljard kilowattuur verbruiken in een jaar. Dat is drie keer meer dan in 1980. Maar zegt u eens: wie bepaalt hoeveel genoeg is? En: genoeg voor wat? Elektriciteitsverbruik zal enorm gaan toenemen, punt uit. Daarover is geen twijfel. Die groei zit vooral in Azië en Afrika, maar ook in welvarende landen, waar het verbruik al jaren redelijk stabiel is en waar we steeds efficiënter zijn geworden. Volgens datzelfde klimaatbeleid gaan we namelijk meer elektrisch rijden, meer elektrisch koken en meer elektrisch verwarmen. En dan heb je nog sectoren als internet, robotica en kunstmatige intelligentie waarvoor elektriciteit nodig is. Nu al verbruiken de datacentra van Google, Amazon, Facebook en Microsoft bij elkaar minstens evenveel stroom als heel Ierland. Elektriciteit is de brandstof van de 21ste eeuw.’

In uw boek citeert u instemmend een Indiase econoom, die zegt dat het een ‘misdaad’ is om arme mensen energie te ontzeggen. Maar er is toch niemand die hun dat ontzegt?

‘Wel degelijk. Actiegroepen en milieuorganisaties uit Europa en de Verenigde Staten hebben de Wereldbank overgehaald geen projecten te financieren voor steenkool. Ook voor grote waterkrachtcentrales, gascentrales en kerncentrales is het erg moeilijk geworden leningen te krijgen. Als de Wereldbank zulke grootschalige levering van elektriciteit niet langer ondersteunt in arme landen, dan ontzeggen ze de inwoners feitelijk de moderne energie die voor ons zo gewoon is geworden. Deze groepen vinden hun eigen zorgen over klimaat en milieu kennelijk belangrijker dan de alledaagse zorgen van miljarden anderen over armoede en ziekte. Ik vind dat geen goed verdedigbaar standpunt. Het is immoreel.’

Bagatelliseert u zo de klimaatverandering niet?

‘Hoezo? Wat u en ik ook vinden van het klimaat, de realiteit is dat het verbruik van elektriciteit zal blijven toenemen.’

De realiteit is óók dat de aarde snel opwarmt.

‘Akkoord. Er is geen twijfel dat CO2 een broeikasgas is en dat we maatregelen moeten nemen om de uitstoot terug te dringen. Intussen steeg de CO2-uitstoot sinds het Kyoto-protocol (een internationale afspraak uit 1997 om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, red.) met ongeveer 50 procent, terwijl de wereld nog altijd miljarden mensen telt die amper energie verbruiken en dat zullen gaan doen.’

De actiegroepen willen graag dat die energie komt van hernieuwbare bronnen, zoals windmolens en zonnepanelen.

‘Dat is makkelijk praten; wíj hebben al een volledig ontwikkeld elektriciteitsnet. Met zonnepanelen of windmolens kun je geen arm land welvarend maken. Je kunt er geen staal mee produceren, aluminium smelten of een andere industrie op bouwen. Ze houden de ontwikkeling afhankelijk van het weer. Ze nemen ook ontzettend veel ruimte in beslag. Je hebt er onvoorstelbaar veel van nodig om evenveel stroom te produceren als een grote elektriciteitscentrale. En als we ze echt op grote schaal gaan inzetten, vergt dat enorme hoeveelheden koper, lood, kobalt, lithium en al die andere grondstoffen die moeten worden opgegraven en bewerkt. Zonnepanelen en windmolens zijn nu eenmaal niet zaligmakend.’

Dus zal de forse stijging van elektriciteitsverbruik volgens u niet komen van hernieuwbare bronnen.

‘Er is een ijzeren wet: we doen alles wat we kunnen om de energie te verkrijgen die we nodig hebben. We willen best rekening houden met klimaat en milieu, maar niet als het ten koste gaat van onze mogelijkheden voor een beter leven. Dat blijkt telkens weer, en dat is begrijpelijk. We kunnen het de inwoners van arme landen en de politici die hen vertegenwoordigen toch onmogelijk kwalijk nemen dat hun prioriteit niet ligt bij klimaatverandering?

‘Als mensen moeten kiezen tussen vieze energie en geen energie, dan kiezen ze voor vieze energie. Mensen in arme landen gaan heus niet achteroverleunen en accepteren dat het voor hen helaas te laat is om meer energie te verbruiken. Ze zullen blijven zoeken naar manieren om die energie te krijgen.’

Welke andere bronnen gaan we volgens u aanwenden?

‘Als je de stroomvoorziening serieus wilt uitbreiden, is aardgas de beste optie. In de afgelopen jaren waren er grote gasvoorraden, onder meer in Afrika, dus we kunnen nog heel lang vooruit. Bovendien kun je gas gebruiken voor transport, verwarming en koken, en voor de productie van kunstmest, staal en plastic. In vergelijking met steenkool vergt gas weliswaar meer kennis en hogere investeringen, maar de CO2-uitstoot is maar de helft, dus dat is gunstig.

‘En als je serieus bent over klimaatverandering en bescherming van de natuur, moet je inzetten op kernenergie. Maar de kosten zijn erg hoog. Kernenergie kan alleen bestaan met vergaande steun van de overheid om de veiligheid te garanderen, en ik denk niet dat moderne landen zullen kiezen voor zulke overheidssteun. Sowieso duurt de periode tussen een plan, het ontwerp, de vergunning en de afronding van de bouw erg lang. Het zal nog wel tientallen jaren duren voordat kernenergie wat marktaandeel kan weghalen bij steenkool.

‘Maar gas, kolen, waterkracht, wind, geothermie, of wat dan ook: landen zullen hun eigen keuzes maken over welke bronnen zij gaan aanwenden. Daar hebben wij hier slechts weinig invloed op. Intussen moeten we vooral blijven innoveren: in zonnepanelen, in batterijen, in kernenergie, noem maar op, zodat die opties aantrekkelijker worden.’

Wat is voor u belangrijker: dat we meer energie verbruiken, of dat we klimaatverandering tegengaan?

(Aarzelt.) ‘Nou, ja, het kán samengaan...’

En als u nu prioriteiten moet stellen?

‘Goed, vooruit dan. Ik ben van mening dat onze eerste zorg niet het klimaat moet zijn. Onze eerste zorg ligt bij de menselijke ontwikkeling, dat we mensen kunnen helpen iets van hun potentieel te realiseren. Want armoede is het grootste kwaad in de wereld.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden