Joris van den Bergh, de eerste die zocht naar het waarom

Pionier in de Nederlandse sportjournalistiek. Schreef in 1941 het standaardwerk Mysterieuze krachten in de sport, een boek over mentale voorbereiding op sportprestaties.

Joris van den Bergh groef veel dieper in sportprestaties dan zijn voorgangers en tijdgenoten.

We zitten in een café met het best denkbare uitzicht: het Olympisch Stadion. Joris van den Bergh vertelt over zijn gelijknamige grootvader die daar, in dat stadion. een eerbetoon kreeg dat hem zijn leven lang zal heugen.
De grote Joris van den Bergh was eerder die maand overleden en de aanwezigen werd om twee minuten stilte gevraagd. Zestigduizend toeschouwers rezen als één man overeind.

De kleine Joris van den Bergh was 10 jaar op die zomeravond in 1953. Natuurlijk kwam ook hij overeind. Maar hij verdween tegelijkertijd in de mensenzee. 'Twee minuten hebben daarna nooit meer zo lang geduurd en zijn nooit meer zo stil geweest.'
Op die vrijdagavond, 31 juli 1953, werd de Nederlandse Tourploeg feestelijk onthaald in het Olympisch Stadion. Niet eerder waren Nederlandse wielrenners zo succesvol geweest in de Ronde van Frankrijk. Er werden een paar ritten gewonnen, het ploegenklassement werd veroverd en Wout Wagtmans eindigde als vijfde.
Vlak voor het begin van deze gedenkwaardige Tour overleed Joris van den Bergh, 71 jaar oud. Volgens zijn kleinzoon werd hij midden in zijn werkzaamheden getroffen door een hartaanval. De traditionele sigaar heeft nog lang als stille getuige half opgebrand in de asbak gelegen.
De aanwezigen in het stadion herdachten Van den Bergh bijna zestig jaar geleden als de grondlegger van die succesvolle Tour. Dankzij zijn inspanningen werden Nederlandse wielrenners in 1937 voor het eerst naar de Tour gehaald. In die eerste jaren trad Van den Bergh ook op als ploegleider.

Maar als Joris van den Bergh ergens de grond voor heeft gelegd, dan is het de sportjournalistiek. Waar zijn voorgangers en tijdgenoten zich nog beperkten tot een feitenrelaas, groef Van den Bergh een laag dieper. Niet zozeer het wat interesseerde hem, als wel het waarom. De kleinzoon verwoordt dat zo: 'Hoe kan het dat Piet Moeskops op zaterdagavond de planken uit de baan rijdt en een paar dagen later tot niets in staat is?'
De namen van wielrenner Piet Moeskops en journalist Joris van den Bergh zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De eerste was een geweldenaar op de wielerbaan, vijf maal wereldkampioen sprint. De tweede berichtte daarover in de kranten en vatte zijn bevindingen in 1929 samen in het boek Te midden der kampioenen.

In de persoon van Moeskops legde Van den Bergh de psyche van een kampioen bloot. Hij was de eerste die in Nederland schreef over het belang van mentale voorbereiding op sportprestaties. De gesprekken die hij daarover voerde met Moeskops vormen het fundament van Te midden der kampioenen.
Het werd een boek met eeuwigheidswaarde. Tachtig jaar later was het nog te vinden op het nachtkastje van wielrenner Theo Bos die met drie wereldtitels in de voetsporen trad van Moeskops. Bos heeft in diverse interviews verteld dat hij nog vaak door het boek bladerde, hoewel hij de inhoud al van buiten kende.
Het belang van Te midden der kampioenen is onschatbaar, zegt Ron Couwenhoven die sportjournalist bij De Telegraaf was. Ooit werd hij, samen met enkele collega's, gevraagd het beste sportboek aller tijden mee te nemen naar een forumbijeenkomst. Onafhankelijk van elkaar kwamen ze allemaal op de proppen met Te midden der kampioenen.

Van de hand van Couwenhoven verscheen in 2010 een biografie die hij niet voor niets Vijftig jaar te midden der kampioenen noemde. Weliswaar maakte Van den Bergh ook veel indruk met Mysterieuze krachten der sport, maar Couwenhoven slaat dat boek lang niet zo hoog aan. 'Vooral in literair opzicht is dat een stuk minder. Te midden der kampioenen concentreert zich op één sportman, waardoor het veel meer tot de verbeelding spreekt.'
Met Moeskops voelde Van den Bergh een natuurlijke verwantschap. Hijzelf was een Hagenaar en Moeskops kwam uit het naburige Westland. Het boek leest als een journalistiek reisverslag. Jarenlang behoorde de verslaggever tot de intimi van de sportman. De grote betrokkenheid zou nu in het gedrang komen met de onafhankelijkheid, maar in de vooroorlogse sportjournalistiek was dat volgens Couwenhoven geen punt van discussie.

In elk geval was Van den Bergh daardoor lange tijd van dichtbij getuige van de hoogte- en dieptepunten in de loopbaan van Moeskops. Sterker nog, hij bemoeide zich er mee. Toen de publicatie van het boek aanstaande was, schreef de biograaf een vermanende brief aan zijn hoofdpersoon vanwege diens slechte prestaties. 'Je voelt heel goed dat het mijn boek ten goede komt wanneer jij weer volop de belangstelling geniet.' Het hielp.
Te midden der kampioenen stelt de sportman op dezelfde hoogte als een artiest. 'De renner die alleen maar fysiek traint, is als de kunstschilder die alleen maar verft.' Trainen doe je ook met je hersens en ook met je geest. Moeskops zegt het zelf zo: 'Je kunt je spieren ook versterken door middel van je gedachten, door met je hersens bij die spieren te zijn.'
Naderhand is over het boek wel beweerd dat Moeskops slechts een object was waarop Van den Bergh zijn ideeën projecteerde. Maar Couwenhoven denkt te weten dat het echt een samenwerking is geweest. Moeskops had wel degelijk zijn eigen opvattingen over trainingsmethoden die door Van den Bergh in bloemrijke taal werden gegoten.

Het boek werd enthousiast ontvangen en niet alleen in de sportjournalistiek. Literator Jan Campert prees in een recensie de meeslepende stijl. In wetenschappelijke kring werd naar aanleiding van het boek eveneens stilgestaan bij de dwarsverbanden tussen geest en lichaam.
De verschijning van het boek heeft volgens Couwenhoven veel betekend voor de status van Van den Bergh: 'Daarvoor had hij in alle anonimiteit zijn stukjes in de krant geschreven. Daarna was hij opeens een autoriteit.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.