'Jongerenprotest pensioenakkoord is veel te eenzijdig'

Het protest van de politieke jongerenorganisaties tegen het pensioenakkoord is volledig terecht, meent econoom David Hollanders. Maar hun protest laat de werkgevers en de vermogensbeheerders ongemoeid.

Minister Henk Kamp (L, Sociale Zaken) schudt handen met FNV-voorzitter Agnes Jongerius op zijn ministerie voorafgaand aan het overleg over het pensioenakkoord op 13 september.Beeld anp

Niets verenigt beter dan een gemeenschappelijk belang. Enkele politieke jongerenorganisaties van rechts (JOVD) tot links (Dwars) hebben zich gezamenlijk uitgesproken tegen het pensioenakkoord middels een internetpetitie, getiteld PensioenOpstand. Het pensioenakkoord benadeelt inderdaad jonge deelnemers. Het protest is dus volledig terecht.

Helaas geldt dat niet voor de gedane voorstellen. De jongerenorganisaties pleiten, mogelijk in de veronderstelling dat er sprake is van een generatieconflict, voor het korten van reeds toegezegde pensioenen. Maar ze zouden veeleer moeten kijken naar de werkgevers en vermogensbeheerders die verdraaid goed wegkomen met het akkoord, ten koste van jonge en oude deelnemers. Zonder die cruciale notie is de petitie eenzijdig en onbruikbaar.

Het probleem van pensioenfondsen, zoals in de petitie naar voren komt, is dat zij technisch failliet zijn. Uitgaande van reële toezeggingen is het tekort 250 miljard euro. Het is ernstig dat pensioenfondsen toezeggingen niet nakomen, maar ook kwalijke zaken, eenmaal gedaan, nemen geen keer. En dan rest de vraag hoe het verlies te verdelen tussen werkgevers en deelnemers. Maar hoe zijn de verliezen ontstaan? Een verlies ontstaat niet vanzelf, daar is te weinig premie of matig beleggen voor nodig. Beide is het geval geweest.

Ontoereikend
Zo zijn de premies in de jaren '80 en '90 aanzienlijk verlaagd. Pensioenfonds ABP verlaagde de premie met meer dan de helft en bij pensioenfonds Zorg en Welzijn werden de premies tussen 1980 en 1995 met een factor vijf verlaagd, naar 5 procent van het pensioengevend salaris. Dat is volstrekt ontoereikend om een pensioen van 70 procent van het (midden)loon te financieren. Werknemers van toen - de gepensioneerden van nu - hebben daar profijt van gehad. Het kan daarmee niet onredelijk genoemd worden dat zij nu inleveren. Dat gebeurt ook allang door het langjarig uitblijven van indexatie.

Werkgevers - en daarmee aandeelhouders - hebben evenwel nog veel meer geprofiteerd. Zij betalen doorgaans tweederde van de pensioenpremie en hebben de meeste baat bij lagere premies. Ook de huidige pensioenpremie van 20 procent is alsnog te laag om de daarmee opgebouwde toezeggingen te financieren. Bovendien hebben sommige werkgevers geld uit het fonds gehaald onder de belofte bij te storten als de financiële positie zwakker zou worden.

Een belofte die nu vaak loos blijkt te zijn omdat ze met juridische spitsvondigheden omzeild wordt. Onlangs stelde oud-directeur Vermogensbeheer van het ABP Jean Frijns bijvoorbeeld dat de overheid alles bij elkaar 25 miljard aan het ABP onttrokken heeft.

Werkgevers dragen nu amper bij aan het ontstane tekort, terwijl het een direct gevolg is van zowel de lage premies als niet nagekomen verplichtingen om bij te storten. Zij hoeven het verlies niet terug te betalen en in het pensioenakkoord wordt de premie bevroren, waarmee werkgevers ook maar meteen van alle risico's af zijn. Hierover valt in de petitie evenwel niets terug te lezen.

Bedrogen
Ook de rol van vermogensbeheerders is opmerkelijk. De totale kosten van vermogensbeheer wordt door toezichthouder AFM op 4,5 miljard geschat. Tot indrukwekkende prestaties heeft uitbesteding daarbij niet geleid. Zo legden vermogensbeheerders als APG zich toe op het beleggen in Griekse obligaties, Fortis-aandelen en Amerikaanse hypotheekpakketjes. Wie veronderstelt dat vermogensbeheerders salaris inleveren, komt bedrogen uit. Wie veronderstelt dat de petitie op deze droefigstemmende omstandigheid wijst, evenzo.

In een deugdelijk pensioenakkoord zouden werkgevers en vermogensbeheerders veel meer bijdragen. Indien de vermogensbeheerkosten bijvoorbeeld met 11 procent worden verlaagd - wat gezien de grote overheidsbezuinigingen wellicht niet zo'n gekke gedachte is - dan kan er tot in lengte van jaren geïndexeerd worden (hetgeen jaarlijks 0,5 miljard kost). Werkgevers dienen een hogere premie te betalen. Ook moeten zij zelf risico blijven lopen of anders plaats maken in het bestuur. Hun plek zou ingenomen kunnen worden door jongeren en gepensioneerden.

De jongerenorganisaties gaan aan dit alles voorbij. De grieven zijn volledig terecht, want de huidige oplossing in het pensioenakkoord om de discontovoet te verhogen en daarmee het tekort (let wel: louter boekhoudkundig) te verlagen gaat inderdaad ten koste van oude en vooral ook jonge deelnemers. De voorstellen laten werkgevers en vermogensbeheerders evenwel volledig ongemoeid en zijn daarmee eenzijdig en onbruikbaar.

David Hollanders is econoom en verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden