Jongeren mijden museum - willen we dat?

Drie op de vijf Nederlanders gaat nooit naar een museum. Beloon musea die erin slagen daaraan wat te doen, oppert Medy van der Laan....

Mijn nota Bewaren om teweeg te brengen, over een strategie voor musea,roept heftige reacties op. Ook in deze krant wordt het debat erover felgevoerd (Kunst, 3 december; Forum, 6 en 12 december). Ik zou Rembrandts Deanatomische les van dr. Nicolaes Tulp willen vervangen door een flatscreenwaarop bezoekers live een operatie kunnen volgen. Ik zou willen datjongeren met verfpistolen door het Van Gogh-museum mogen rennen en ik zouzelfs vinden dat gewoon naar schilderijen kijken saai is.

Ik heb alle begrip voor de sterke gevoelens van bescherming die opkomenwanneer de indruk ontstaat dat iemand een vinger naar de Nederlandse museauitsteekt. Onze nationale schatkamers bezitten collecties van wereldfaam,bieden vele Nederlanders inspiratie en genoegen, en worden beheerd doorduizenden museummensen en vrijwilligers die er hun hart en ziel in leggen.Terecht wordt gesteld dat deze bijzondere kwaliteiten beschermingverdienen.

Wellicht ten overvloede: ook ík vind dat schilderijen gewoon aan demuur horen en kwetsbare objecten in vitrines. Het gaat er ook niet om datvitrines saai of stoffig zijn. Ik heb er slechts op willen wijzen dat,zoals onlangs weer uit onderzoek bleek, een grote groep Nederlanders hetimago van musea helaas als 'saai' aanduidt.

In reacties wordt de indruk gewekt dat ik het principe van Thorbecke wildoorbreken door mijn zorgen hierover te uiten. Ik wil musea helemaal nietvoorschrijven hoe zij hun activiteiten moeten vormgeven, maar het isweldegelijk mijn taak om hen om een visie op dit probleem te vragen.

Daartoe is alle aanleiding. Bezoekcijfers zijn nu nog constant, maarjuist bij hoger opgeleiden vindt sinds de jaren negentig de sterkste dalingvan museumbezoek plaats. Hoewel het aantal senioren in de samenleving -traditioneel enthousiaste museumgangers - stijgt, profiteert hetmuseumbezoek daar niet van.

Onderzoek laat ook zien dat jongeren tussen de 20 en 35 jaar notoire'museummijders' zijn geworden. Voorheen trok dat vanzelf weer aan boven de45 jaar, nu niet meer. Drie op de vijf Nederlanders gaat nooit naar eenmuseum; nieuwe Nederlanders vormen slechts 1procent van de bezoekers.

Dit probleem kunnen we niet serieus genoeg nemen. Niet omdat publiekbinnenhalen een doel op zich is, maar omdat het ongelooflijk jammer zouzijn als mensen zich niet langer willen laten meeslepen door prachtigeschilderijen als Rembrandts Het joodse bruidje of de foto's van RinekeDijkstra. Niet omdat musea een overheidsinstrument zijn voor integratie ofverheffing van het volk, maar omdat het niet zo moet zijn dat een steedsgroter deel van de samenleving vervreemdt van ons cultureel erfgoed en onzegeschiedenis.

Hoewel de zorg over het publiek nauwelijks ter discussie staat,ontbreekt nog te vaak een duidelijk antwoord. Uitzonderingen daar gelaten,is men nog op zoek of schuift men de kwestie voor zich uit. Ik vraag museaeen visie te ontwikkelen waaruit blijkt hoe de samenleving het museumervaart, maar ook hoe het museum de samenleving wil ervaren. Welk publiekwil je bereiken en op welke manier? Nu stranden pogingen hiertoe nogregelmatig op tegenstellingen in het museum tussen bewaren(collectiebeheer, onderzoek) en teweegbrengen (presentatie, educatie). Ikdenk dat dit een schijntegenstelling is: musea kunnen zowel topkwaliteitleveren áls een breed en divers publiek bereiken, zowel de schoolklas alseen kleine groep liefhebbers.

Om de impasse te doorbreken, reikt mijn nota een aantal nieuweinstrumenten aan. Om de eigen werkwijze beter te toetsen, kunnen musea inde toekomst gebruikmaken van visitatie door internationale deskundigen. Erkomt voor het eerst ook een duidelijk en reëel perspectief op eenlanglopende subsidie voor beheer en behoud van de collectie. Om jongerenin staat te stellen hun eigen smaak en belangstelling voor cultuur teontwikkelen, is in deze kabinetsperiode bijna 50 miljoen extra beschikbaarvoor cultuureducatie.

Het gaat mij om musea die op innovatieve wijze publiek voor zich winnenen een nieuwe band met de samenleving aangaan. Niet op de knieën voor hetpubliek, maar bezoekers de hand reiken. Door nieuw-Nederlandse jongerenpersoonlijk in je passie voor kunst te laten delen of door de educatievedienst te versterken; niet alleen tijdens de schoolweek, maar ook in hetweekend. Musea met zulke ambities hebben de toekomst en verdienen het omdaarvoor financieel te worden beloond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden