Column

'Jonge jihadisten zijn getekend voor het leven'

Nederlandse jihadstrijders staan bloot aan dezelfde extremistische beïnvloeding als hun Egyptische broeders, zegt Paul Brill. 'Het is dom om dat weg te relativeren, zoals de afgelopen tijd is gebeurd.'

Een rechtbanktekening tijdens de uitspraak in de eerste twee zaken tegen mensen die volgens justitie vanuit Nederland naar Syrië wilden om te vechten in de jihad. Beeld anp

Hopelijk is de AIVD dezer dagen niet volledig gepreoccupeerd met de opvang van dolende bewindslieden en heeft men kennis genomen van het artikel dat The New York Times afgelopen week publiceerde over de golf van aanslagen in Egypte. Strekking van dat artikel: volgens verscheidene terrorisme-deskundigen zijn die aanslagen merendeels het werk van jihadisten die tot voor kort in Syrië en elders vochten, maar hun activiteiten hebben verlegd naar Egypte.

Met het nodige succes: alleen al in de afgelopen twee weken werd een hoge ambtenaar van ministerie het Binnenlandse Zaken op klaarlichte dag vermoord, werd een autobom tot ontploffing gebracht voor het gebouw van de staatsveiligheidsdienst en werd een legerhelikopter boven de Sinaï-woestijn neergehaald met een luchtdoelraket. Ook de zelfmoordaanslag is inmiddels al twee keer beproefd.

Waarschuwing voor Nederland
Onder de jihadisten die naar Egypte zijn gekomen, bevinden zich 'oudgedienden' die een geduchte staat van dienst hebben en voor wie de heilige oorlog feitelijk hun beroep is geworden, maar ook jonge Egyptenaren die naar Syrië waren vertrokken uit oprechte solidariteit met het verzet tegen het bewind van president Assad. Hierin schuilt een waarschuwing voor Nederland.

Natuurlijk zijn er enorme verschillen tussen Egypte en Nederland. De geweldsspiraal in Egypte komt mede voor rekening van het militaire bewind, dat de confrontatie met de Moslimbroederschap nog harder aangaat dan de praktijk was onder de presidenten Sadat en Mubarak. Het jihadisme valt ook op vruchtbare grond: Egypte is per slot van rekening de ideologische bakermat van de politieke islam. De huidige voorman van Al Qaida, Ayman al-Zawahiri, is een Egyptenaar.

 
Omverwerping van het bewind-Assad is voor deze groepen slechts een eerste stap in een strijd die een veel breder doel heeft: het wegzuiveren van seculiere, democratische invloeden uit een zo groot mogelijk deel van de islamitische wereld

Maar Nederlandse jihadstrijders staan wel bloot aan dezelfde extremistische beïnvloeding als hun Egyptische broeders. Het is dom om dat weg te relativeren, zoals de afgelopen tijd is gebeurd met verwijzingen naar de lotgevallen van de Nederlanders die in de jaren dertig van de vorige eeuw naar Spanje gingen om de linkse regering te verdedigen tegen de troepen van generaal Franco.

Die Spanjestrijders hadden, net als de jonge Europese Syriëgangers van vandaag, idealistische motieven en hebben zich niet ontpopt als bommengooiers of koeriers van sinistere bewegingen, dus dan zal het met de afgezwaaide jihadisten ook wel loslopen, zo is de redenering. Maar daarbij wordt volledig voorbijgegaan aan de uitgesproken missionaire, absolutistische inslag van de verzetsgroepen die bij uitstek buitenlandse strijders ronselen. Omverwerping van het bewind-Assad is voor deze groepen slechts een eerste stap in een strijd die een veel breder doel heeft: het wegzuiveren van seculiere, democratische invloeden uit een zo groot mogelijk deel van de islamitische wereld.

De vijand is overal
In die strijd heiligt het doel de middelen en is de vijand overal. Dat creëert een sfeer van extremisme, waarin het gevaar van radicalisering veel groter is dan destijds bij de Spanjestrijders, van wie sommige misschien wel droomden van een socialistisch paradijs op aarde, maar die toch vooral een halt wilden toeroepen aan het fascisme en die in Spanje niet werden ondergedompeld in een fundamentalistisch gedachtegoed.

Maar is het terrorisme dan niet op zijn retour? Al Qaida is toch niet meer de gestroomlijnde organisatie die het ooit was? Spectaculaire aanslagen hebben zich de laatste tijd in het Westen inderdaad niet voorgedaan. Het gezag van het Al Qaida-'hoofdkwartier' is verminderd, zoals blijkt uit de eigengereide koers van de Islamitische staat in Irak en Syrië (ISIS). Maar per saldo kan niet worden gesproken van een afname van terroristisch geweld, zeker niet in het Midden-Oosten.

Er is wel iets anders aan de hand: Al Qaida en aanverwante groepen zijn niet meer exclusief of zelfs primair gericht op aanslagen. Ze mengen zich steeds meer in oorlogen en revoltes. Sommige milities, zoals in Irak, zijn er duidelijk op uit om controle te krijgen op een bepaald gebied, waar dan een rudimentair bestuursstelsel wordt ingericht. Het guerrillaleven in landen met dictatoriale dan wel juist zwakke regimes trekt ook weer nieuwe rekruten aan. 'Er vechten nu veel meer mensen aan de kant van een aan Al Qaida verwante groepering dan de organisatie ooit in haar geschiedenis heeft geteld', constateerde terrorismespecialist J.M. Berger onlangs in een uitvoerige analyse in Foreign Policy.

Een en ander gaat gepaard met meedogenloze liquidaties, waardoor er ook veel nieuwe vijanden worden gemaakt. Maar bij alle dood en verderf die de jihadisten her en der zaaien, is dat een zeer schrale troost.

Paul Brill is buitenland- commentator van de Volkskrant
Reageren? p.brill@volkskrant.nl

 
Sommige milities, zoals in Irak, zijn er duidelijk op uit om controle te krijgen op een bepaald gebied, waar dan een rudimentair bestuursstelsel wordt ingericht
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden