Jonge jenever

De prijs van de jenever is per liter. De proevers: Eli Asser, schrijver; Theo van Broekhuizen van wijnhandel B.J. de Logie; Midas Dekkers, bioloog; Jean-Paul Franssens, schrijver-schilder....

Tot verdriet van de verkondigers van het ware Hollandse stoken, smaakt de hedendaagse jenever niet naar vroeger. De gebruikers deert dat nauwelijks. Jeneverdrinkers drinken om in te nemen - niet per se om te ruiken of te proeven. Die willen geen flauwekul, maar een neutraal recht-op-en-neertje. Gekoeld of uit de diepvries. Het is de traditiestoker een gruwel, bevroren jenever. Je drinkt toch ook geen gesmolten waterijsje uit een kopje? Dan proef je pas wat voor vuiligheid het is.

Het binnenlandse gebruik van jenever neemt al jaren gestaag af. Tien jaar geleden werd er nog 55 miljoen liter verkocht, nu 33 miljoen. Het schijnt een kwestie van imago te zijn. Jenever is voor leden van de natte gemeente, voor morsige café-mannetjes, voor brave huisvaders. Een malt-whisky of een wodka van ver weg, verschaft de gebruiker veel meer uitstraling. Daar kun je mee voor de dag komen: 'Kijk ik eens hebben: gemaakt met handgeplukte granen en water uit eigen bron op 70 meter diepte, 13 jaar gerijpt op eeuwenoude houten vaten in kelders waar slechts af en toe een gekromde vakman het spinrag komt weghalen. Moet je eens ruiken. Kost iets meer, maar dan heb je ook wat.' Een fles heldere jajem kan daar niet tegenop.

Nederland is beroemd geworden door jenever. In de Gouden Eeuw werd de drank over de hele wereld geëxporteerd, maar honderd jaar geleden ging het mis. Althans toen begon het bereidingsproces drastisch te veranderen. De klassieke jenever werd/wordt gemaakt van granen (gerst, maïs, rogge), waarin na ontkieming zetmeel in suiker wordt omgezet. Dit vergiste 'beslag' verandert in drie distilleergangen in moutwijn. Na de vierde keer stoken, met jeneverbessen en kruiden, ontstaat jenever, die na rijping zijn harde smaak en de lucht van bruine boterhammen kwijtraakt.

Aan de wieg van de meeste hedendaagse bulkjenevers staat de alcoholfabriek (Nedalco in Bergen op Zoom, of soortgelijke instellingen in Frankrijk, België en Duitsland). Die spiritusmakers werken soms met graan, maar vaak met suikerbieten. Ook Bols in Zoetermeer (met zes jenevermerken) levert alcohol aan Nederlandse jeneverflessenvullers. Zelfs aan de 'ambachtelijke'.

Het eigen karakter van een merk wordt bereikt door aan het halffabrikaat jeneverbessen en een kruidenmengsel toe te voegen. 'Het enige wat in die fabrieken wordt gestookt, is de centrale verwarming', luidt de grap dan ook.

Wettelijk is niets geregeld; het Produktschap voor Gedistilleerde Dranken heeft bepaald dat jonge jenever minstens 35 procent alcohol moet bevatten, kleurloos dient te zijn, voor minder dan 15 procent moet bestaan uit granendistillaat, en hoogstens met tien gram suiker per liter mag zijn gezoet.

Oude is niet ouder, maar gekleurd en tweemaal zo zoet, en moet juist meer dan 15 procent graandistillaat bevatten. Graanjenever mag uitsluitend met graan zijn gemaakt en mag gekleurd zijn, korenwijn mag dat ook, maar er moet minstens 38 procent alcohol in zitten.

Met deze typologie bereikt de flessenvuller nog niet de vereiste verwarringsgraad, want simpele merken melden bijvoorbeeld dat ze moutwijn of korenwijn bevatten (al is het maar een druppel, het is niet gelogen), en verder ademen alle etiketten de knusse sfeer van de braderie: ketelgestookt, ambachtelijk, traditioneel, zorgvuldig behandeld, geselecteerde kruiden, vakmanschap, eikehouten vaten.

De trend van de laatste paar jaar is jenevers te laten terug grijpen op oeroude bereidingswijzen, om, zeker qua prijs, te concurreren met whisky of cognac. Meer smaaktonen van granen zitten daar in, heet het. Het wemelt al een beetje van kleine stokers die deze richting aanhangen. De proevers willen er weinig van hebben. 'Geef ons maar een eerlijke klare.'

HARTEVELT

'Prima jonge jenever', ¿ 19,95, even goedkoop als nummer laatst, zegeviert ruimschoots met een acht. Leidse jenever uit de Zoetermeerse kookpotten.

Asser (bevroren-drinker) zou er nog wel een eentje lusten 'als hij ijs- en ijskoud was'. Dekkers vindt hem neutraal en denkt hem lang te kunnen doordrinken 'en daar gaat het maar om bij jenever. Wie een nadrukkelijke smaak wil, drinkt maar whisky.' Franssens vindt dit eenvoudigweg een lekker borreltje - 'ouderwets is het lekkerst' - maar zoekt eigenlijk een beetje de jeneverbes. Van Broekhuizen constateert daarentegen juist een 'jeneverbesneus' en roemt voor het overige het eigen karakter en de eerlijke smaak.

KETEL 1

'Jonge ambachtelijke graanjenever uit de oudste distilleerketels van Schiedam', ¿ 24,95, zou de prijs voor het breedsprakigste etiket met voorsprong winnen (we mogen op afspraak de koperen ketel komen bezichtigen), maar eindigt qua smaak als tweede met een zeven min. Dekkers zit het hoogst, en vindt hem iets flauwer dan Hartevelt. Asser acht dit een aardig borreltje voor in het bruine café, maar 'voor thuis niet robuust genoeg' (terwijl daar in de diepvries nota bene zo'n fles ligt: 'Ik verander dus meteen van merk.'). Volgens Franssens kan deze stevige jenever een biertje ernaast echter wel verdragen, en Van Broekhuizen maakt hem meedogenloos af: 'geurloos, smaakloos, karakterloos.'

JONGE BOLS

Graanjenever. Anno 1575. Erven Lucas Bols. Amsterdam. Holland. Uit Zoetermeer dus; ¿ 23,95 en op de derde plaats met een dikke zes. Van Broekhuizen knalt ook deze hardvochtig neer: 'Geurloos, weinig smaak, niet zacht genoeg, zeer matig.' Asser weet er niet zo goed raad mee: 'Ik heb het gevoel zelf getest te worden. Hij bevalt me niet slecht, maar hoe hij valt is een andere zaak.'

Franssens vindt dit 'iets voor een meisje dat nog niet helemaal aan de mannenkroeg gewend is'. Dekkers vindt het kinderjenever. Hij ruikt niets, 'wat je ook niet moet doen aan jenever, maar een beetje jeneverstank bij de eerste slok, om een drempeltje te overwinnen voor je het paleis binnengaat, is aan te bevelen.'

BOKMA ROYAL DARK

'Op eikehouten vaten gerijpte graanjenever', meldt Zoetermeer alweer. Met ¿ 39,95 veruit de duurste. Een afwijkende donkere fles met 0,7 liter lichtgele drank van 38 procent. Nog net een voldoende, een kleine zes, krijgt deze whisky-concurrent. Asser is het mildst: 'Curieuze kleur, doet denken aan een goede oude jenever, maar is dat beslist niet. Toch wel een olijke smaak' Van Broekhuizen herkent 'een ander produkt. Zachter en ronder van smaak door houtlagering.' Franssens staat de kleur tegen. 'Geen jenever voor in het café. Misschien voor thuis? Maar daar drink ik amper.' Nu speelt Dekkers uitsmijter: 'Aanstellerij-jenever voor mensen die niet van jenever houden; bedoeld om geld uit de zakken te kloppen.'

BORREL

Merkloos, ¿ 19,95. 'Ambachtelijke graanjenever, volledig gestookt in traditionele ketels in opdracht van Jac. Hermans Wijnpakhuis; ondanks dat oude vaatwerk verliezer met een vijf. 'Geurloos, ruw, alcohol zeer overheersend', oordeelt Van Broekhuizen. Asser ruikt ook niks en vindt deze 'niet geschikt voor een zwaarmoedig type op een grauwe februarimiddag'. Dekkers vindt dat jenever een weinig opdringerige smaak moet hebben, terwijl deze nou juist 'eerst niet en dan opeens niet zo aangenaam proeft'. Franssens preciseert dat tot 'wat aan de steenkoolachtige kant. Mijn lekkere, zachte borrel is het helaas niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.